Meteen naar de inhoud

Wat zal er veranderen in 2024: Product gerelateerde milieuwetgeving en zorgvuldigheidseisen in de toeleveringsketen?

Productregelgeving 2024

Het jaar 2024 zal worden gekenmerkt door talrijke grote projecten op EU-niveau op alle gebieden van productgerelateerde regelgeving, waarvan sommige zullen worden afgerond, andere aanzienlijke vooruitgang zullen boeken en weer andere nog maar net van start zullen gaan. Inhoudelijk kunnen we zowel sectorspecifieke regelgeving verwachten, bijvoorbeeld voor batterijen, textiel en voertuigen, als talrijke sectoroverschrijdende wetten. Hiertoe behoren met name wetgeving voor chemische stoffen, eisen voor ecologisch ontwerp, “groene claims” en het geplande recht op reparatie.

Dit artikel is onderdeel een reeks blogs over veranderingen in productgerelateerde wetgeving in 2024, waarin het gespecialiseerde team van MAAK Advocaten de relevante onderwerpen in een overzicht samenvat. Dit artikel begint met een samenvatting van de veranderingen in productgerelateerd milieurecht die al zijn aangenomen en nog in het wetgevingsproces zitten (zie A.). In een tweede deel worden de talrijke bepalingen over zorgvuldigheidseisen in de toeleveringsketen in een chronologische context geplaatst (zie B.).

A. Productgerelateerde milieuwetgeving

In het brede, steeds complexere en nauw verweven netwerk van duurzaamheidsgerelateerde vereisten voor producten in de productgerelateerde milieuwetgeving zullen de EU-batterijverordening en het wetgevingsproces voor een EU-verpakkingsverordening in 2024 waarschijnlijk in het middelpunt van de belangstelling staan. In 2024 zullen er echter ook ingrijpende ontwikkelingen zijn op tal van andere gebieden, zoals de inwerkingtreding van de Single-Use Plastics Act of sectorspecifieke initiatieven, met name in de automobiel- en textielsector.

I. EU-verordening inzake batterijen

Hoewel Verordening (EU) 2023/1542 (de EU-batterijverordening) al op 17 augustus 2023 in werking is getreden, zal deze pas vanaf 18 februari 2024 van toepassing zijn. Vanwege verdere overgangsbepalingen met betrekking tot specifieke verplichtingen en rollen, die in verschillende delen van de verordening zijn verankerd, zal de overgrote meerderheid van de verplichtingen echter pas op zijn vroegst vanaf 18 augustus 2024 van toepassing zijn.

Verplichtingen van de fabrikant onder de EU-batterijverordening

Dit geldt met name voor de verplichtingen van marktdeelnemers volgens hoofdstuk VI (art. 38 e.v. EU-batterijverordening). Hoewel veel van de duurzaamheidsgerelateerde verplichtingen van de fabrikant onder de EU-batterijverordening op basis van art. 6 e.v. EU-batterijverordening, met uitzondering van art. 6, 12, 14 EU-batterijverordening, pas op een later tijdstip moeten worden nageleefd, voorziet art. 38 BattVO niettemin in enkele vereisten die al vanaf 18 augustus 2024 moeten worden omgezet:

  • Elke batterij moet vergezeld gaan van duidelijke en begrijpelijke schriftelijke gebruiksaanwijzingen en veiligheidsinformatie in de respectieve talen van de lidstaten waar de batterij in de handel wordt gebracht.
  • Voor elk batterijmodel moet technische documentatie overeenkomstig bijlage VIII EU-batterijverordening worden opgesteld en moet een conformiteitsbeoordelingsprocedure overeenkomstig artikel 17 EU-batterijverordening worden uitgevoerd. Na succesvolle afronding moet een EU-conformiteitsverklaring worden afgegeven en moet de CE-markering worden aangebracht. In verband met de CE-markering moet worden opgemerkt dat batterijen met een CE-markering niet voor 18 augustus 2024 op de markt mogen worden gebracht. Hiermee moet dringend rekening worden gehouden bij de planning van de productie, levering en inklaring.
  • Bovendien moeten batterijen vanaf 18 augustus 2024 worden voorzien van een modelidentificatie en een partij- of serienummer of een productnummer of een andere identificatiecode en moeten producenten vanaf deze datum ook hun naam, geregistreerde handelsnaam of geregistreerd handelsmerk, postadres en – indien beschikbaar – het internetadres en e-mailadres vermelden.

Importeurs zijn vanaf 18 augustus 2024 ook onderworpen aan bepaalde test- en etiketteringsverplichtingen:

  • Ze moeten ervoor zorgen dat de nodige technische documentatie is opgesteld en dat de conformiteitsbeoordelingsprocedure is uitgevoerd, een EU-conformiteitsverklaring is afgegeven en CE-etikettering is aangebracht.
  • Verder moeten ze ervoor zorgen dat de gebruiksaanwijzing en veiligheidsinformatie in de vereiste talen zijn bijgevoegd.
  • Verder moeten ze controleren of de markeringen volgens art. 38 lid 6 en 7 EU-batterijverordening zijn aangebracht door de producent.
  • Ten slotte moet de importeur zelf ook zijn naam, geregistreerde handelsnaam of geregistreerd handelsmerk, postadres en, indien beschikbaar, het internetadres en e-mailadres direct op de batterij vermelden. Als dit niet mogelijk is, kan etikettering op de verpakking of in een begeleidend document worden overwogen.

Vanaf 18 augustus 2024 zijn handelaren ook onderworpen aan inspectieverplichtingen die vergelijkbaar zijn met die van de importeur in overeenstemming.

Tot slot moet worden opgemerkt dat, ondanks de naderende datum van toepassing, tal van kwesties onopgelost blijven. De praktijk van de in productregelgeving gespecialiseerde advocaten van MAAK laat zien dat dit tot veel onzekerheid bij de betrokken marktdeelnemers lijdt. Dit betreft onder andere de volgende aspecten:

Onderscheid tussen draagbare en industriële batterijen met doorslaggevende gevolgen voor de toepasbaarheid van de stofbeperkingen voor lood uit artikel 6 juncto punt 3 van bijlage I EU-batterijverordening, die alleen van toepassing zijn op draagbare batterijen. Dit heeft met name gevolgen voor talrijke toepassingen op het gebied van noodstroomvoorzieningen voor producten, die momenteel vaak zijn gebaseerd op lood-zuur-batterijen en waarvoor een overschakeling binnen enkele maanden waarschijnlijk niet mogelijk of redelijk is.

Verband tussen de etiketteringsvoorschriften van artikel 13 lid 1, in samenhang met de punten 1 en 2 van deel A van bijlage VI EU-batterijverordening en artikel 38 leden 6 en 7 EU-batterijverordening. De reden hiervoor is dat de bovengenoemde verwijzingsketen van artikel 13 EU-batterijverordening rechtstreeks verwijst naar de etikettering van artikel 38 leden 6 en 7 EU-batterijverordening, maar dat de twee bepalingen verschillende toepassingsdata hebben (18 augustus 2024 of 18 augustus 2026) en verschillende alternatieve opties als het onmogelijk is om rechtstreeks op de batterij te etiketteren.

Dealer definitie volgens artikel 3 lid 1 nr. 65 EU-batterijverordening op het gebied van conflict tussen duurzaamheidgerelateerde eisen (artikel 42 EU-batterijverordening) en terugnameverplichtingen (artikel 62 EU-batterijverordening). De vorige definitie sluit producenten en importeurs expliciet uit van de definitie van distributeurs. Hoewel dit begrijpelijk en correct is voor de doeleinden van artikel 42 EU-batterijverordening, kan het leiden tot aanzienlijke lacunes in de regelgeving met betrekking tot de terugnameverplichtingen van artikel 62 EU-batterijverordening.

In het licht van de complexe structuur van de verplichtingen, de noodzaak voor de Europese Commissie om talrijke details in te vullen door middel van tertiaire wetgeving en de bestaande onzekerheden, moeten de betrokken marktdeelnemers zo snel mogelijk een uitvoerbaar uitvoeringsplan opstellen en moeten de autoriteiten openstaan voor de zorgen van de marktdeelnemers om te voorkomen dat de op de levenscyclus gerichte revolutie die met de verordening wordt beoogd, ontspoort. Een gematigde reorganisatie zal hier ook een belangrijke bijdrage aan kunnen leveren.

De advocaten van MAAK ondersteunen klanten al bij een praktisch uitvoerbare omzetting van de EU-batterijverordening en de discussie met alle betrokken partijen daarover.

II Voorstel voor een EU-verpakkingsverordening

Na de EU-batterijverordening is de verpakkingswetgeving het tweede wetgevingsgebied dat moet worden gereorganiseerd van een op afval gebaseerde aanpak naar een levenscyclusverordening. Na bijna precies een jaar van beraadslagingen hebben het EU-parlement en de Raad in respectievelijk november en december 2023 hun respectievelijke onderhandelingsposities aangenomen voor de komende trialoogonderhandelingen over het voorstel voor een EU-verpakkingsverordening. De onderhandelingen beginnen nu in de nabije toekomst. Of de onderhandelingen tussen EU-parlement, Raad en Europese Commissie voor de EU-verkiezingen van medio 2024 kan worden afgerond, is onzeker gezien de soms sterk uiteenlopende onderhandelingsposities. Gezien de overgangsperiode van ten minste twaalf of zelfs 18 maanden vanaf de inwerkingtreding van de verordening waarin de huidige ontwerpen voorzien, zullen er in 2024 in ieder geval nog geen uitvoeringsverplichtingen zijn.

Enkele van de controversiële onderwerpen voor de onderhandelingen vatten de specialisten van MAAK als volgt samen:

Harmonisatie, met name met betrekking tot etiketteringsvereisten: Terwijl het Parlement meer voorstander is van volledige harmonisatie, is de Raad voorstander van het behoud van clausules voor de toevoegingen van nationale regelgeving door de lidstaten. Dat aanvullende nationale regelgeving voor onzekerheid en uitdagingen bij marktdeelnemers lijdt, heeft het voorbeeld van de Triman in Frankrijk laten zien.

Definitie en toepassingsgebied van recycleerbaarheidseisen (“ontwerpen met het oog op recycling”)

Definitie en toepassingsgebied van hergebruik en oplossingen voor hergebruik

Aanvullend merken de Product Compliance advocaten van MAAK op dat parallel met de onderhandelingen over een EU-verpakkingsverordening ook initiatieven op nationaal niveau worden ontwikkeld. Met het oog op het lopende wetgevingsproces voor een EU-verpakkingsverordening is het twijfelachtig, althans qua timing, of deze wetgevingsplannen verder worden doorgezet. Voor marktdeelnemers is het voorlopig wel van belang om ook nationale wetgeving in de gaten te houden.

III Verdere ontwikkelingen kort samengevat

Naast de EU-batterijverordening en de EU-verpakkingsverordening mogen we niet uit het oog verliezen dat er parallel nog tal van andere vereisten op het gebied van productgerelateerde milieuwetgeving worden ontwikkeld of van kracht zullen worden.

1. Voorstel voor een verordening betreffende het circulaire ontwerp van voertuigen en de verwijdering van autowrakken

Met dit voorstel wil de EU-Commissie het wettelijke kader voor de bouw, reparatie, verwijdering en uitvoer van voertuigen harmoniseren en verder ontwikkelen in de zin van een levenscyclusgericht regelgevingsconcept. Daartoe worden de Richtlijn autowrakken 2000/53/EG en de Richtlijn 3R typegoedkeuring 2005/64/EG ingetrokken en inhoudelijk samengevoegd. Hoewel het wetgevingsproces zich nog in de in de beginfase bevindt, zal naar verwachting in 2024 aanzienlijke vooruitgang worden geboekt. Ondanks de beoogde overgangsbepalingen van drie tot zes jaar moeten alle betrokken marktdeelnemers hun zorgen duidelijk en ondubbelzinnig formuleren, aangezien de huidige versie van het voorstel naar mening van de specialisten van MAAK nog steeds aanzienlijke tekortkomingen vertoont die vaak precies het tegenovergestelde effect zouden hebben van wat de wetgever voor ogen had.

2. voorstel tot herziening van de EU-kaderrichtlijn afvalstoffen – uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor textiel en schoeisel

In tegenstelling tot het hierboven beschreven systeem van regelgeving dat de hele levenscyclus omvat, is dit voorstel “slechts” bedoeld om een stelsel van uitgebreide producentenverantwoordelijkheid (EPR) voor textiel en schoeisel in te voeren. De vereisten voor de etikettering van textiel, met name de vezelsamenstelling, zullen naar verwachting worden aangescherpt door een aangekondigde wijziging van de Verordening (EU) nr. 1007/2011 betreffende textielvezelbenamingen en de desbetreffende etikettering en merking van de vezelsamenstelling van textielproducten. In de nabije toekomst zullen er ook eisen worden gesteld aan het duurzaam ontwerpen en produceren van textiel via de EU-Verordening betreffende Ecodesign. Hiervoor bestaat momenteel echter nog geen concreet initiatief. Wat de timing betreft, zullen er in 2024 zeker relevante ontwikkelingen zijn met betrekking tot uitgebreide producentenverantwoordelijkheid en textieletikettering, hoewel de advocaten van MAAK niet verwachten dat de implementatieverplichtingen in dit verband in 2024 van kracht zullen worden.

Meer informatie is te vinden in onze blog “Uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor textiel en schoeisel[MK1] “.

3. Wijziging van de EU-Cosmeticaverordening

Hoewel een uitgebreide wijziging van de EU-Cosmeticaverordening (EG) nr. 1223/2009 nog niet te verwachten is, zijn er recentelijk door twee nieuwe verordeningen nieuwe stofgerelateerde vereisten in de EU-Cosmeticaverordening geïntroduceerd.

Enerzijds gaat het om de opname van nieuwe CMR-stoffen in bijlage II van de EU-Cosmeticaverordening bij Verordening (EU) 2023/1490, die van kracht is sinds 01 december 2023. Door Verordening (EU) 2023/1545 zijn anderzijds 56 nieuwe allergene geurstoffen opgenomen in bijlage III van de EU-Cosmeticaverordening, waarvoor de relevante etiketteringsvoorschriften vanaf 31 juli 2026 moeten worden nageleefd.

Meer informatie is te vinden in onze blogpost “Nieuwe verboden en beperkingen van stoffen in de cosmeticawetgeving”.

4. Wetgeving voor elektrische en elektronische apparatuur

Ondanks verschillende aankondigingen met betrekking tot de herziening van zowel het wettelijk kader voor de inzameling, terugname en verwerking van afgedankte apparatuur overeenkomstig Richtlijn 2012/19/EU (“WEEE”) als de vereisten voor stofbeperkingen in elektrische en elektronische apparatuur overeenkomstig Richtlijn 2011/65/EU (“RoHS”), zijn er op dit moment geen concrete ontwikkelingen te verwachten in dit opzicht. Helaas geldt dit ook voor de besluiten over uitbreidingsaanvragen die al jaren in behandeling zijn, met name voor de loodvrijstellingen onder de punten 6 en 7 van bijlage III bij de RoHS-richtlijn.

5. Plastic voor eenmalig gebruik

Vanaf 1 juli 2023 zijn nieuwe regels in werking getreden met betrekking tot wegwerpbekers en -bakjes. Klanten van afhaal- en bezorghoreca moeten extra kosten betalen voor bekers en voedselverpakkingen voor eenmalig gebruik die van plastic zijn. Bovendien hebben zij de optie om te kiezen voor herbruikbare drinkbekers of voedselverpakkingen, zowel aangeboden door het horecabedrijf als zelf meegebracht. Ook in supermarkten moeten klanten vanaf 1 juli 2023 betalen voor voorverpakte portieverpakkingen van eten en drinken voor onderweg. Voor consumptie op locatie gelden vanaf 1 januari 2024 regels met betrekking tot wegwerpbekers en voedselverpakkingen.

Daarnaast zijn er al regels van kracht sinds 3 juli 2021 die betrekking hebben op verschillende soorten wegwerplastics. Deze regels omvatten:

Handelsverbod

Het is verboden om bepaalde producten van Single Use Plastic op de markt te brengen, zoals bestek, roerstaafjes, rietjes, wattenstaafjes en ballonstokjes.

Waarschuwing

Er zijn voorschriften voor de markering van producten die plastic bevatten, zoals koffiebekers, vochtige doekjes, maandverbanden, tampons en tabaksproducten met kunststofhoudende filters.

Microplastics

Het is verboden om wegwerpplastics in de handel te brengen die bestaan uit oxo-degradeerbare kunststoffen. Dit zijn kunststoffen met toevoegingen waardoor ze onder invloed van UV, warmte of zuurstof uiteenvallen in minuscule stukjes plastic.

Piepschuim

Het is verboden om voedsel- en drankverpakkingen op de markt te brengen die zijn gemaakt van geëxpandeerd en geëxtrudeerd polystyreen (EPS en XPS).

B. Zorgvuldigheidseisen in de toeleveringsketen

Net als de eisen voor de producten zelf, worden de zorgvuldigheidseisen in de toeleveringsketen steeds belangrijker in de duurzaamheidswetgeving en de bedrijfspraktijk. Het is dan ook niet verrassend dat er in 2024 ook op dit gebied relevante ontwikkelingen zullen zijn.

I EU-richtlijn betreffende de due diligence-verplichtingen van ondernemingen op het gebied van duurzaamheid (GVDB)

Naast de nieuw ingevoerde duurzaamheidsrapportageverplichting onder de Corporate Sustainability Reporting Directive (“CSRD”) die vanaf 2024 ook van toepassing is op bepaalde ondernemingen, verwachten de advocaten Product Compliance van MAAK dat ook de EU-richtlijn betreffende de due diligence-verplichtingen van ondernemingen op het gebied van duurzaamheid (GVDB) in 2024 zal worden aangenomen.

Op 14 december 2023 kondigden de instellingen die betrokken zijn bij het wetgevingsproces een voorlopig akkoord aan over de GVDB, hoewel de geconsolideerde tekst van het akkoord nog niet publiek beschikbaar is. Dit betekent dat niets de aanneming ervan in de komende maanden in de weg zou moeten staan. De bepalingen van de GVDB zullen echter niet direct van toepassing zijn vanwege de juridische vorm van de richtlijn. In plaats daarvan moeten ze eerst worden geïmplementeerd door de EU-lidstaten. Dit zal waarschijnlijk tot 2026 duren.

Inhoudelijk is o.a. de uitbreiding van het toepassingsgebied, de verwijzing naar verder beschermde rechtsposities en milieubelangen en de instelling van wettelijke aansprakelijkheid relevant voor de marktdeelnemers.

II Verordening betreffende ontbossingsvrije toeleveringsketens

De door Verordening (EU) 2023/1115 ingevoerde zorgvuldigheidseisen met betrekking tot de relevante grondstoffen runderen, cacao, koffie, oliepalmen, rubber, soja en hout moeten vanaf 30 december 2024 worden nageleefd. De naleving van de vastgelegde zorgvuldigheidseisen vereist echter uitgebreide voorbereidende maatregelen in samenwerking met wereldwijde leveranciers. Het team Product Compliance van MAAK adviseert en ondersteunt klanten al om 2024 te gebruiken om belemmeringen voor de verhandelbaarheid aan het einde van het jaar te voorkomen.

Meer details zijn te vinden in onze blog “Verordening inzake ontbossingsvrije toeleveringsketens“.

III Voorstel voor een verordening om producten die met dwangarbeid zijn vervaardigd, van de markt van de Unie te weren

Het EU-Parlement heeft nu de weg vrijgemaakt voor trialoogonderhandelingen over dit voorstel, maar een eerste besluit in de Raad laat nog op zich wachten. Verwacht wordt dat de Raad in de eerste helft van 2024 een standpunt zal innemen, wat betekent dat de trialoogonderhandelingen tussen EU-Parlement, Raad en Europese Commissie over dit voorstel waarschijnlijk ook in 2024 zullen beginnen. Een conclusie voor het einde van het jaar valt in ieder geval niet te verwachten.

Conclusie en vooruitzichten

Samenvattend concludeert het team Product Compliance van MAAK Advocaten dat productgerelateerde duurzaamheidswetgeving momenteel wordt gekenmerkt door een ongekende dynamiek. Hoewel de fundamentele doelstellingen van het bevorderen van ecologische en sociale duurzaamheid en milieubescherming niet serieus in twijfel kunnen worden getrokken, blijven er steeds meer vraagtekens bestaan bij het lezen van aangenomen en voorgestelde wetten. Omdat juridische structuren steeds ondoorzichtiger worden en zich losmaken van de praktische realiteit of haalbaarheid ten gunste van theoretische idealen, verdwijnen de positieve doelstellingen vaak naar de achtergrond van gedetailleerde interpretatieve debatten. Wetgevers moeten daarom naar onze mening in de toekomst opnieuw proberen om samenhangende, oplossingsgerichte, begrijpelijke en uitvoerbare vereisten te formuleren om de aandacht van alle betrokkenen weer op de werkelijke doelstellingen te richten.

Advocatenkantoor gespecialiseerd in Product Compliance

Ons gespecialiseerde advocatenkantoor helpt u graag verder. Wanneer u advies wilt inwinnen over een contractrechtelijke vraag, dan biedt ons kantoor daartoe mogelijkheden. Wij zijn in heel Nederland actief en bieden ook support bij internationale vraagstukken. We hebben een sterk team van advocaten met als specialisatie Product Compliance. Onze productregelgeving Martin Krüger geeft leiding aan dit team en we horen graag hoe we u het beste kunnen ondersteunen. Bent u op zoek naar andere praktijkgebieden, dan kunnen onze advocaten in Amsterdam u mogelijk ook ondersteunen, of aan een geschikte partner doorverwijzen. Uw belang staat bij ons te allen tijde voorop en we zoeken graag naar praktische oplossingen en snel resultaat. Neem gerust contact met ons op.

+31 (0)20 – 210 31 38
martin.kruger@maakadvocaten.nl

Martin Krüger

Martin Krüger

Martin Krüger is als advocaat / partner verbonden aan MAAK Advocaten. Martin focust zich op handelsrecht en productregelgeving (CE-markering). Voor bedrijven stelt Martin overeenkomsten op, adviseert hij over toepasselijke regelgeving en procedeert hij bij geschillen voor de civiele rechter.