Vragen rondom wettelijke verplichtingen voor vuurwerk treden traditiegetrouw tegen het einde van het jaar weer op de voorgrond. Onze advocaten productregelgeving ontvangen van (toe)leveranciers, fabrikanten, distributeurs en resellers uiteenlopende vragen over verboden, handhavingen en producteisen. Juist deze groep marktdeelnemers worstelt met vragen over wat er nu wel en niet mag. Nederland kent een lange traditie van het afsteken van vuurwerk met de jaarwisseling. Als gevolg van de vuurwerkramp in Enschede in 2000, de hoeveelheid vuurwerkslachtoffers en de overlast, laait de discussie over de veiligheids- en kwaliteitseisen waaraan vuurwerk voor zowel particulier als professioneel gebruik moet voldoen elk jaar rond oud en nieuw op. Nederland hecht dan ook veel waarde aan goede afspraken op nationaal en Europees niveau.

Vuurwerk valt onder het toepassingsbereik van de Europese Richtlijn 2013/29/EU (hierna: de Richtlijn). In een eerdere bijdrage gingen onze advocaten productregelgeving en CE-markering uitgebreid in op de wettelijke verplichtingen bij pyrotechnische artikelen in het algemeen. In deze blog wordt stilgestaan bij de specifieke veiligheids- en kwaliteitseisen waaraan vuurwerk moet voldoen onder de geldende Europese en Nederlandse wet- en regelgeving en waarmee bedrijven die in deze sector van de maakindustrie actief zijn, worden geconfronteerd.

RICHTLIJN 2013/29/EU en de wettelijke verplichtingen voor vuurwerk

In de Richtlijn wordt vuurwerk gedefinieerd als een pyrotechnisch artikel ter vermaak.

Buiten het toepassingsbereik van de Richtlijn valt vuurwerk dat door een fabrikant voor eigen gebruik is vervaardigd. De voorwaarde voor deze uitzondering is dat dit vuurwerk door de EU-lidstaat waarin de fabrikant is gevestigd uitsluitend voor gebruik op zijn grondgebied is goedgekeurd en op het grondgebied van die EU-lidstaat blijft. In dat geval wordt aangenomen dat het vuurwerk niet op de interne EU-markt is aangeboden.

Op basis van de toepassing, het doel, het gevaar en het geluidsniveau wordt vuurwerk door de fabrikant in een van de volgende categorieën ingedeeld:  

  • categorie F1:
    vuurwerk met zeer weinig gevaar en een gering geluidsniveau dat bestemd is voor gebruik in een besloten ruimte, bijvoorbeeld binnenshuis (fop- en schertsvuurwerk);
  • categorie F2:
    vuurwerk met weinig gevaar en een laag geluidsniveau dat bestemd is voor gebruik buitenshuis (geschikt voor particulier gebruik);
  • categorie F3:
    vuurwerk met middelmatig gevaar en een niet schadelijk geluidsniveau voor de menselijke gezondheid dat bestemd is voor gebruik buitenshuis in een grote open ruimte (meestal alleen geschikt voor professioneel gebruik);
  • categorie F4:
    vuurwerk met veel gevaar en een niet schadelijk geluidsniveau voor de menselijke gezondheid dat uitsluitend bestemd is voor gebruik door personen met gespecialiseerde kennis (vuurwerk voor professioneel gebruik).

In overeenstemming met deze categorieën, gelden leeftijdsgrenzen voor de personen waaraan het vuurwerk mag worden aangeboden. Zo is de minimumleeftijdsgrens 12 jaar voor categorie F1, 16 jaar voor categorie F2 en 18 jaar voor categorie F3. Vuurwerk van categorie F4 mag uitsluitend aan personen met specialistische kennis worden aangeboden.

Met betrekking tot de etikettering van vuurwerk gelden ook specifieke wettelijke verplichtingen die corresponderen met bovenstaande categorieën. Afhankelijk van het type vuurwerk dienen op het etiket bijvoorbeeld de minimumleeftijdsgrenzen, de desbetreffende categorie, de gebruiksaanwijzingen, het productiejaar, de minimale veiligheidsafstand en de hoeveelheid aan explosieve stoffen te worden vermeld.

De essentiële veiligheidseisen waaraan vuurwerk moet voldoen, zijn opgenomen in Bijlage I van de Richtlijn. Bijlage I bevat algemene bepalingen en specifieke productveiligheidsvereisten voor vuurwerk. Deze laatste betreffen onder meer eisen aan het detonatie-explosief, de materialen die gebruikt zijn bij de vervaardiging, de ontstekingsmethode en de bescherming tegen onbedoelde ontsteking.

De gedetailleerde technische specificaties om te testen of het vuurwerk veilig is en voldoet aan de essentiële veiligheidseisen, zijn uitgewerkt in geharmoniseerde normen. Voor particulier en professioneel gebruik bestaan verschillende geharmoniseerde normen. De geldende en toepasselijke Nederlandse, Europese en internationale normen in een specifieke situatie kunt u raadplegen bij het Nederlandse normalisatie-instituut (NEN) of op de website van de Europese Commissie.

Daarnaast is de conformiteitsbeoordelingsprocedure die moet worden uitgevoerd, afgestemd op de categorie waarin het vuurwerk is ingedeeld. De verschillende procedures zijn uitvoerig opgenomen in Bijlage II van de Richtlijn. Voor categorie F4 geldt bijvoorbeeld de volledige productkwaliteitsborgingprocedure van module H.

het vuurwerkbesluit en de Regeling aanwijzing consumenten- en theatervuurwerk

Binnen de EU-lidstaten bestaan grote verschillen in culturele gebruiken en tradities met betrekking tot vuurwerk. EU-lidstaten mogen met het oog op de openbare orde, gezondheid, veiligheid en milieubescherming daarom nationale maatregelen nemen om het bezit, gebruik en de verkoop van vuurwerk te verbieden of te beperken. Hierdoor wisselen de wettelijke verplichtingen voor vuurwerk per lidstaat.

Om de doelstellingen van de Richtlijn te bereiken en de daarin opgenomen bepalingen om te zetten in nationaal recht zijn in Nederland ook het Vuurwerkbesluit en de Regeling aanwijzing consumenten- en theatervuurwerk (RACT) van belang. Deze wet- en regelgeving bevat onder andere bepalingen ten aanzien van de import en export, het opslaan, bewerken, afleveren, voorhanden hebben en afsteken van vuurwerk.  

Het Vuurwerkbesluit maakt onderscheid tussen vuurwerk voor particulier en professioneel gebruik. Samengevat ziet het Vuurwerkbesluit op de registratieplicht bij de productie of het voorhanden hebben van vuurwerk voor handelsdoeleinden in Nederland, de traceerbaarheid van vuurwerk, de voorafgaande elektronische meldingsplicht om vuurwerk binnen of buiten het grondgebied van Nederland te brengen of ter beschikking te stellen en de toepassingsvergunning voor het bedrijfsmatig afsteken van vuurwerk. Ook zijn de verplichtingen van fabrikanten, importeurs, distributeurs en andere marktdeelnemers in het Vuurwerkbesluit nader uitgewerkt.

In de kern bepaalt RACT welke soorten vuurwerk ter beschikking mogen worden gesteld aan consumenten.

Geschil met de toezichthouder over vuurwerk?

De nationale controlerende instantie die markttoezicht houdt op de naleving van bovenstaande wettelijke verplichtingen voor vuurwerk en handhavend optreedt, is in Nederland de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). De ILT beschikt over zowel bestuursrechtelijke als strafrechtelijke handhavingsbevoegdheden wanneer vuurwerk niet aan de geldende wettelijke (productveiligheids)eisen voldoet. Hierbij kunt u denken aan het opleggen van herstel- of vernietigingsverplichtingen of het geven van een waarschuwing of last onder dwangsom.

DE INSPECTIE LEEFOMGEVING EN TRANSPORT (ILT) BIJ VUURWERK

Doel van de ILT is om de veiligheid voor consumenten te bevorderen en om het aanbieden van gevaarlijk of illegaal vuurwerk op de markt te voorkomen. Om dit doel te bereiken voert de ILT gedurende het jaar door het hele land inspecties uit. Deze zien bijvoorbeeld op de productveiligheid, de classificatie, naleving van de meldingsplicht bij de import, export en het ter beschikking stellen, het transport over de weg, het spoor of binnenwateren, de binnen- en buitenverpakking en het voorhanden hebben van vuurwerk.

Om de productveiligheid vast te stellen, beoordeelt de ILT de kwaliteit van vuurwerk. Onderdeel van deze beoordeling zijn onder meer de soort en hoeveelheid kruit, de stabiliteit, de schiethoek, het geluidsdrukniveau, de ontsteekvertraging en de CE-markering. Daarnaast is met betrekking tot de op het vuurwerk vermelde classificatie van belang of deze in overeenstemming is met de eigenschappen van het vuurwerk.

CONTACT OPNEMEN MET EEN ADVOCAAT voor vuurwerk

Zoekt u een advocaat voor vuurwerk of daaraan verbonden zaken? De specialisten van ons advocatenkantoor in Amsterdam hebben ruime ervaring in het ondersteunen en adviseren van bedrijven in de maakindustrie bij uiteenlopende productregelgeving & CE-markering gerelateerde vraagstukken. Onze advocaten worden regelmatig geconfronteerd met (grensoverschrijdende) juridische vraagstukken met betrekking tot de wettelijke verplichtingen voor vuurwerk.

Wilt u juridisch advies inwinnen over de (essentiële) veiligheidseisen of geharmoniseerde normen die voor vuurwerk en dus mogelijk ook voor u als fabrikant, gemachtigde, importeur of distributeur gelden? Of heeft u behoefte aan ondersteuning bij het uitonderhandelen of opstellen van contracten, bij aansprakelijkheids- of ondernemingsrechtelijk gerelateerde vraagstukken met betrekking tot vuurwerk? Neem dan contact op met onze specialisten voor vuurwerkzaken: Sander van Someren Gréve of Max Schwillens, of met een van onze andere advocaten productregelgeving & CE-markering in Amsterdam.  

T:  +31 (0)20 – 210 31 38
E: mail@maakadvocaten.nl

nv-author-image

Sander van Someren Gréve

Sander van Someren Gréve is als senior associate werkzaam op het gebied van Product Safety, Commercial & International Trade. Sander is een daadkrachtige advocaat met veel kennis en expertise van de maakindustrie. Spelers binnen de keten waarderen Sander ook in zijn rol als betrouwbare sparring partner bij strategisch te maken keuzes. Naast zijn advieswerk bij commerciële transacties, vormt een belangrijk deel van zijn werk het procederen over (internationale) handelsgeschillen. Dat kan gaan over een dispuut bij een overeenkomst, productaansprakelijkheid of andere (professionele) aansprakelijkheden.