Bij wanprestatie (artikel 6:74 BW) kunt u de rechter via een kort geding verzoeken om uw contractpartij te veroordelen tot nakoming van de overeenkomst. Dit kan wanneer er spoedeisend belang bestaat en het voldoende aannemelijk is dat de vordering ook in een bodemprocedure zou slagen. Denk bijvoorbeeld aan het nakomen van een distributieovereenkomst of andere samenwerkingsvorm die ineens wordt beëindigd, zonder dat een redelijke opzegtermijn in acht wordt genomen. Onze advocaten contractenrecht gaan in op de beste aanpak voor zo’n situatie.
Wat is een vordering tot nakoming in kort geding?
Nakoming vorderen betekent dat u een contractpartij via de rechter dwingt om alsnog aan contractuele verplichtingen te voldoen. In een kort geding vraagt u de voorzieningenrechter om een spoedvoorziening waarbij uw wederpartij veroordeeld wordt tot het nakomen van specifieke afspraken uit de overeenkomst. Het civiele kort geding is een spoedprocedure, waarbij u binnen enkele weken (en soms zelfs binnen een tijdsbestek van dagen) een oordeel van de rechter krijgt over uw positie. Deze belangenafweging wordt dus snel gemaakt en is een effectief middel tegen een (acute) situatie waarbij opzegging van een duurrelatie voorligt.
Volgens artikel 3:296 lid 1 Burgerlijk Wetboek geldt als uitgangspunt dat een schuldenaar die verplicht is iets te geven, te doen of na te laten, daartoe door de rechter kan worden veroordeeld op vordering van de schuldeiser:
Artikel 296
1. Tenzij uit de wet, uit de aard der verplichting of uit een rechtshandeling anders volgt, wordt hij die jegens een ander verplicht is iets te geven, te doen of na te laten, daartoe door de rechter, op vordering van de gerechtigde, veroordeeld.
2. Hij die onder een voorwaarde of een tijdsbepaling tot iets is gehouden, kan onder die voorwaarde of tijdsbepaling worden veroordeeld.
Deze regel vormt de juridische basis voor nakoming. Echter, in een kort geding gelden aanvullende voorwaarden vanwege het voorlopige karakter van deze procedure.
De voorzieningenrechter verleent uitsluitend voorlopige voorzieningen. Dit betekent dat het vonnis geldt totdat de bodemrechter definitief uitspraak doet. Daarom moet u in een kort geding twee essentiële elementen aantonen: spoedeisend belang en voldoende aannemelijkheid van uw vordering.
Waarom kiezen voor een kort geding bij wanprestatie?
Een kort geding biedt snelheid wanneer nakoming urgent is. Bovendien voorkomt u hiermee verdere schade door contractbreuk. De kortgedingprocedure duurt gemiddeld twee tot vier weken vanaf dagvaarding tot uitspraak, terwijl een bodemprocedure maanden of jaren kan duren.
Let op: Een gewonnen kort geding biedt geen definitieve zekerheid. De bodemrechter kan namelijk anders oordelen dan de voorzieningenrechter. Tevens kan de wederpartij in een bodemprocedure alsnog gelijk krijgen, waardoor u datgene wat u door het kortgedingvonnis verkreeg mogelijk moet teruggeven.
Wanneer kunt u nakoming vorderen in kort geding?
Spoedeisend belang aantonen
Spoedeisend belang bestaat wanneer u niet kunt wachten op een uitspraak in een bodemprocedure zonder aanzienlijke schade te lijden. Bijvoorbeeld: een distributeur die voor 85% van zijn omzet afhankelijk is van leveringen van één leverancier heeft bij plotselinge stopzetting spoedeisend belang.
Rechtbanken beoordelen spoedeisendheid aan de hand van concrete omstandigheden. Dreigende omzetverlies, reputatieschade bij klanten of nakende contractuele deadlines kunnen voldoende grond vormen. Daarentegen wijst de rechter vorderingen zonder urgentie af, bijvoorbeeld wanneer u maanden heeft gewacht met dagvaarden terwijl de tekortkoming al lang bekend was.
Voldoende aannemelijkheid van uw vordering
De voorzieningenrechter toetst of het waarschijnlijk is dat uw vordering ook in een bodemprocedure zou slagen. Dit betekent dat het verweer van de wederpartij kennelijk ongegrond moet zijn. U moet daarom voldoende bewijs overleggen dat de overeenkomst bestaat, dat nakoming is uitgebleven en dat dit toerekenbaar is aan de contractpartij.
Bewijs verzamelen is cruciaal. Contracten, correspondentie, ingebrekestellingen en getuigenverklaringen versterken uw positie. Hoe sterker uw bewijs, hoe groter de kans dat de rechter uw vordering aannemelijk acht.
Welke voorbereidende stappen zijn noodzakelijk?
Ingebrekestelling versturen
Voordat u nakoming kunt vorderen, moet de schuldenaar meestal eerst in verzuim zijn. Dit bereikt u door een schriftelijke ingebrekestelling waarin u de wederpartij sommeert binnen een redelijke termijn alsnog te presteren. Veelal hanteert men een termijn van veertien dagen voor nakoming.
De ingebrekestelling moet concreet vermelden welke verplichtingen uit de overeenkomst niet zijn nagekomen. Vermeld tevens de juridische consequenties bij uitblijven van nakoming, zoals het starten van een kort geding of het vorderen van schadevergoeding. Deze brief vormt essentieel bewijsmateriaal in de procedure.
Uitzonderingen bestaan: Bij fatale termijnen of wanneer nakoming definitief onmogelijk is geworden, kan verzuim zonder ingebrekestelling intreden. Ook wanneer de schuldenaar ondubbelzinnig te kennen geeft niet te zullen presteren, is een ingebrekestelling overbodig.
Bewijsmateriaal organiseren
Verzamel alle relevante documenten voorafgaand aan de procedure bij de rechter. Dit omvat de overeenkomst zelf, wijzigingen daarop, e-mailcorrespondentie, facturen, leveringsbewijzen en de ingebrekestelling. Organiseer deze chronologisch en zorg voor duidelijke koppelingen tussen verplichtingen uit het contract en de gestelde tekortkomingen.
Daarnaast kunnen getuigenverklaringen en deskundigenrapporten uw zaak versterken. Bijvoorbeeld bij technische prestaties kan een deskundige bevestigen dat geleverd werk niet aan contractspecificaties voldoet.
Hoe verloopt de kortgedingprocedure?
Dagvaarding en zittingsdatum
Een advocaat stelt namens u een dagvaarding op waarin de feiten, het juridisch kader en de gevorderde voorziening worden uiteengezet. Deze dagvaarding moet minimaal drie dagen voor de zitting aan de gedaagde worden betekend door een gerechtsdeurwaarder.
Tegelijkertijd vraagt uw advocaat een zittingsdatum aan bij de voorzieningenrechter. Rechtbanken hanteren doorgaans zittingen binnen twee tot drie weken na binnenkomst van het verzoek. Bij extreme urgentie kan een spoedbehandeling binnen enkele dagen worden aangevraagd.
Griffierecht voor een kort geding bedraagt vanaf € 667 voor rechtspersonen en € 337 voor natuurlijke personen. Deze kosten zijn vooraf verschuldigd bij indiening van de dagvaarding.
Zitting en pleidooi
Tijdens de zitting mogen beide partijen hun standpunt toelichten. Uw advocaat presenteert de feiten, het juridisch kader en onderbouwt waarom nakoming urgent en aannemelijk is. De wederpartij krijgt vervolgens gelegenheid om verweer te voeren.
De voorzieningenrechter kan tijdens de zitting vragen stellen om onduidelijkheden op te helderen. Tevens kan de rechter een comparitie beleggen waarbij partijen eerst wordt gevraagd tot een schikking te komen. Hierdoor voorkomt u kostbare en langdurige procedures.
Gemiddeld duurt een zitting dertig minuten tot een uur. Complexere zaken kunnen echter langer duren, met name wanneer meerdere getuigen worden gehoord of technische kwesties aan de orde komen.
Uitspraak en executie
Doorgaans doet de voorzieningenrechter binnen twee weken na de zitting uitspraak. Het vonnis wordt aan beide partijen toegestuurd. Wanneer de rechter uw vordering toewijst, wordt de gedaagde veroordeeld tot nakoming binnen een bepaalde termijn, vaak gekoppeld aan een dwangsom bij niet-nakoming.
Een dwangsom werkt als financiële prikkel: voor elke dag of week dat de gedaagde niet aan het vonnis voldoet, is een bedrag verschuldigd. Rechtbanken bepalen zowel de hoogte per tijdseenheid als een maximumbedrag. Bijvoorbeeld: € 1.000 per dag met een maximum van € 50.000.
Bij niet-nakoming kunt u de dwangsom incasseren via een gerechtsdeurwaarder. Voor executie van het vonnis is geen aanvullende rechterlijke toestemming nodig, mits de gedaagde niet binnen de gestelde termijn hoger beroep instelt.
Welke risico’s zijn verbonden aan nakoming vorderen?
Voorlopig karakter van het vonnis
Artikel 257 Rv bepaalt dat de bodemrechter niet gebonden is aan het kortgedingvonnis. Dit betekent dat een bodemrechter later tot een andere conclusie kan komen. Wanneer deze oordeelt dat geen overeenkomst bestond of dat nakoming onredelijk was, vervalt de werking van het kortgedingvonnis.
U bent dan verplicht hetgeen u op basis van het kortgedingvonnis ontving terug te geven. Dit kan aanzienlijke financiële consequenties hebben, vooral bij voortdurende prestaties zoals leveringen of dienstverlening gedurende maanden.
Proceskosten en advocaatkosten
Naast het griffierecht komen advocaatkosten. Deze variëren afhankelijk van de complexiteit van de zaak en het gewenste serviceniveau. Gemiddeld liggen advocaatkosten voor een kort geding tussen € 2.500 en € 7.500 exclusief btw.
Wanneer u wint, veroordeelt de rechter de wederpartij doorgaans in de proceskosten. Dit omvat griffierecht en een wettelijk vastgesteld bedrag voor advocaatkosten (de proceskostenveroordeling). Let op: dit wettelijke bedrag dekt zelden de werkelijke advocaatkosten volledig. Het verschil blijft voor uw rekening tenzij u aanvullende afspraken met uw advocaat maakt.
Praktijkvoorbeeld: distributeur versus leverancier
Een distributeur uit Amsterdam importeerde sinds 2002 medische apparatuur van een Europese leverancier en verkocht deze door aan ziekenhuizen. De distributieovereenkomst kende een looptijd tot 31 maart 2021 met een opzegtermijn van 120 dagen. Op 26 maart 2021, slechts vier dagen voor afloop, deelde de leverancier mee de overeenkomst niet te verlengen.
De distributeur was voor ongeveer 75% van zijn omzet afhankelijk van deze leverancier. Bovendien had de leverancier eind 2019 nog schriftelijk bevestigd de intentie te hebben de overeenkomst langdurig te verlengen. Daarom startte de distributeur een kort geding en vorderde voortzetting van de overeenkomst.
De voorzieningenrechter oordeelde dat sprake was van een duurovereenkomst die niet los kon worden gezien van de voorafgaande contracten tussen partijen. Gelet op het gerechtvaardigd vertrouwen en de korte opzegtermijn van vier dagen, vond de rechter het moeilijk te rechtvaardigen dat de leverancier zo abrupt stopte. Tevens was voorzienbaar dat de distributeur aanzienlijke vermogensschade zou lijden.
De rechter bepaalde echter dat nakoming maximaal de overeengekomen opzegtermijn van 120 dagen kon duren. Daarom veroordeelde de voorzieningenrechter de leverancier alleen tot levering van apparatuur voor overeenkomsten die de distributeur vóór 26 maart 2021 met afnemers had gesloten. Zo balanceerde de rechter tussen de belangen van beide partijen: bescherming van de distributeur tegen acute schade en erkenning van het recht van de leverancier om de overeenkomst uiteindelijk te beëindigen.
Wat gebeurt er na het kort geding?
Hoger beroep mogelijk
Tegen een kortgedingvonnis staat hoger beroep open bij het gerechtshof. De termijn hiervoor bedraagt vier weken na betekening van het vonnis. Tijdens hoger beroep blijft het vonnis uitvoerbaar, tenzij het hof schorsing verleent.
Hoger beroep biedt kansen om nieuwe argumenten aan te dragen of bewijsmateriaal te overleggen dat in eerste aanleg ontbrak. Echter verlengt dit de procedure aanzienlijk: gemiddeld neemt een appelprocedure zes tot twaalf maanden in beslag.
Bodemprocedure voor definitieve beslissing
Voor definitieve rechtsbescherming moet u een bodemprocedure starten. Hierin beoordeelt de rechter uitgebreid alle juridische en feitelijke aspecten zonder de tijdsdruk van een kort geding. Bewijs kan uitgebreider worden geleverd, getuigen kunnen worden gehoord en deskundigen kunnen rapporten opstellen.
De bodemrechter kan anders oordelen dan de voorzieningenrechter. Daarom is een gewonnen kort geding geen garantie voor succes in de bodemprocedure. Wel heeft het kortgedingvonnis praktisch effect: het dwingt de wederpartij tot nakoming totdat definitief onherroepelijk anders wordt beslist.
Waarom juridische bijstand essentieel is
Een kort geding vereist snelle actie, juridische precisie en processuele ervaring. Advocaten gespecialiseerd in contractenrecht en procesrecht kennen de eisen die voorzieningenrechters stellen aan spoedeisendheid en aannemelijkheid. Daarnaast formuleren zij effectieve vorderingen en anticiperen op verweer van de wederpartij.
Bovendien zorgt een advocaat voor correcte dagvaarding, tijdige betekening en naleving van procesregels. Fouten hierin kunnen leiden tot niet-ontvankelijkheid, waardoor uw vordering zonder inhoudelijke beoordeling wordt afgewezen. Tevens onderhandelt een advocaat vaak achter de schermen over een schikking, waarmee u langdurige procedures vermijdt.
Wilt u zekerheid over uw juridische positie bij wanprestatie? Onze gespecialiseerde advocaten in contractenrecht analyseren uw situatie en adviseren over de beste strategie voor het vorderen van nakoming in kort geding.
Veelgestelde vragen over nakoming vorderen
Kan ik nakoming vorderen zonder ingebrekestelling?
In de meeste gevallen niet. Verzuim treedt doorgaans pas in na een deugdelijke ingebrekestelling. Uitzonderingen gelden bij fatale termijnen, definitieve onmogelijkheid van nakoming of wanneer de schuldenaar uitdrukkelijk weigert te presteren. De ingebrekestelling vormt tevens cruciaal bewijs in de procedure.
Wat als nakoming onmogelijk is geworden?
Wanneer nakoming blijvend onmogelijk is geworden, kan de rechter geen veroordeling tot nakoming uitspreken. In dat geval kunt u schadevergoeding vorderen wegens wanprestatie. Tijdelijke onmogelijkheid vormt echter geen beletsel: de rechter kan nakoming op een later moment gelasten zodra het weer mogelijk wordt.
Hoeveel kost een kort geding gemiddeld?
Naast griffierecht van € 735 tot € 341 (per 2026) komen advocaatkosten. Deze variëren, afhankelijk van complexiteit en urgentie. Bij winst veroordeelt de rechter de wederpartij in een deel van deze kosten, maar zelden het volledige bedrag. Budgetteer daarom voldoende voor de werkelijke kosten.
Hoe lang duurt een kortgedingprocedure?
Van dagvaarding tot uitspraak duurt een kort geding gemiddeld twee tot vier weken. Bij extreme spoedeisendheid kan een zitting binnen enkele dagen worden geregeld. Na de zitting volgt meestal binnen twee weken het vonnis. Totaal kunt u rekenen op vier tot zes weken voor een volledige kortgedingprocedure.
Wat gebeurt als de wederpartij het vonnis negeert?
Bij niet-nakoming ondanks veroordeling kan de gedaagde dwangsommen verbeuren. Deze kunt u via een gerechtsdeurwaarder innen. Daarnaast kunt u executiemaatregelen treffen zoals beslaglegging op bankrekeningen of goederen. De deurwaarder kan zelfs onder dwang toegang tot bedrijfspanden afdwingen om executie te bewerkstelligen.
Neem contact op met ons advocatenkantoor voor persoonlijk juridisch advies over uw specifieke situatie bij contractbreuk en het vorderen van nakoming via een kort geding.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen een kort geding en een bodemprocedure bij nakoming?
Een kort geding levert een voorlopige voorziening op binnen twee tot vier weken, terwijl een bodemprocedure maanden of jaren duurt en tot een definitief oordeel leidt. De voorzieningenrechter in kort geding toetst alleen of nakoming voldoende aannemelijk is en spoedeisend belang bestaat. De bodemrechter is niet gebonden aan het kortgedingvonnis en kan later tot een andere conclusie komen, waardoor u mogelijk moet teruggeven wat u via het kort geding verkreeg.
Wanneer moet ik een ingebrekestelling versturen voor een kort geding?
U moet doorgaans eerst een schriftelijke ingebrekestelling versturen waarin u de wederpartij sommeert binnen een redelijke termijn te presteren, veelal veertien dagen. De brief moet concreet vermelden welke contractuele verplichtingen niet zijn nagekomen en welke juridische consequenties dreigen. Uitzonderingen gelden bij fatale termijnen, definitieve onmogelijkheid van nakoming, of wanneer de schuldenaar ondubbelzinnig te kennen geeft niet te zullen presteren. Deze ingebrekestelling vormt essentieel bewijsmateriaal in de kortgedingprocedure.
Hoeveel kost een kort geding voor nakoming van een overeenkomst?
Het griffierecht voor een kort geding bedraagt in 2026 (voor zaken met een onbepaalde waarde) € 735 voor rechtspersonen en € 341 voor natuurlijke personen. Deze kosten zijn vooraf verschuldigd bij indiening van de dagvaarding. Daarnaast betaalt u advocaatkosten en deurwaarderskosten voor betekening van de dagvaarding. Wanneer u het kort geding wint, kan de rechter de gedaagde veroordelen in de proceskosten, hoewel dit slechts een beperkte vergoeding betreft die niet alle daadwerkelijke advocaatkosten dekt.





