De civiele rechter beslist over geschillen tussen burgers en bedrijven, bijvoorbeeld over contracten, schade, huur of arbeid. In eerste aanleg gaat een zaak naar de rechtbank. Daarbinnen behandelt de kantonrechter onder meer vorderingen tot en met € 25.000 en arbeids-, huur- en consumentenkoopzaken (artikel 93 Rv). Hoger beroep gaat naar het gerechtshof, cassatie naar de Hoge Raad (artikel 60 en 78 Wet RO).
Onze advocaten voor procesrecht treden vaak op in procedures voor de civiele rechter, zowel voor eisende als voor gedaagde partijen. Ons team adviseert ook over afwijzen getuigenverzoek rechter.
Welke zaken spelen bij de civiele rechter?
Een civiele rechter behandelt conflicten tussen burgers onderling, tussen burgers en bedrijven, of tussen bedrijven onderling. Dit type rechtspraak valt onder het civiel recht, ook wel bekend als burgerlijk recht of privaatrecht.
Enkele belangrijke kenmerken van civiele procedures zijn:
- Partijen: De partij die de procedure start wordt de eiser genoemd, terwijl de partij die zich moet verweren de gedaagde is. Begint de zaak met een verzoekschrift, dan spreek je van verzoeker en belanghebbende.
- Onderwerpen: Civiele rechters oordelen over uiteenlopende zaken, waaronder:
- Vermogensrecht
- Handelsrecht
- Familie- en jeugdrecht
- Erfrecht
- Arbeidsrecht
- Huurrecht
- Aansprakelijkheidsrecht
- Procedure: De civiele rechter bestudeert vooraf alle stukken die de partijen indienen. Tijdens de zitting luistert de rechter naar beide partijen voordat er een beslissing wordt genomen.
- Bevoegdheid: Welke rechter bevoegd is hangt af van verschillende factoren, zoals:
- De plaats waar de gedaagde woont of gevestigd is
- Eventuele forumkeuze in contracten of algemene voorwaarden (artikel 108 Rv); bij vorderingen tot en met € 25.000 en in onder meer arbeids-, consumenten- en huurzaken heeft zo’n keuze in beginsel geen gevolg
- Het financiële belang van de zaak: vorderingen boven € 25.000 gaan naar de rechtbank, behalve onder meer arbeids-, huur-, agentuur- en consumentenkoopzaken; die behandelt de kantonrechter ongeacht het bedrag (artikel 93 Rv)
- Kosten: de eiser en de verschenen gedaagde betalen griffierecht (artikel 3 Wet griffierechten burgerlijke zaken). Wie in het ongelijk wordt gesteld, wordt in de regel veroordeeld in de proceskosten van de wederpartij (artikel 237 lid 1 Rv).
- Alternatieven: Voordat een zaak voor de civiele rechter komt, kunnen partijen proberen het conflict op te lossen via mediation of door zelf tot een regeling te komen.
Strafzaken horen niet bij de civiele rechter. Een geschil met de overheid kan wel bij de civiele rechter terechtkomen, bijvoorbeeld een schadeclaim of een geschil over een contract met een gemeente. Gaat het om een besluit van de overheid, dan is in de regel de bestuursrechter aan de beurt. Voor complexe zaken of wanneer er veel op het spel staat, is het vaak verstandig om een gespecialiseerde advocaat in te schakelen die ervaring heeft met civiele procedures.
Wat zijn de belangrijkste taken van een civiele rechter?
De belangrijkste taken van een civiele rechter zijn:
- Geschilbeslechting: De civiele rechter beslecht conflicten tussen burgers onderling, tussen burgers en bedrijven, of tussen bedrijven onderling. Dit kunnen uiteenlopende zaken zijn zoals burenruzies, arbeidsconflicten, of scheidingen.
- Beoordelen van bewijsmateriaal: De rechter bestudeert vooraf alle stukken die de partijen indienen en luistert tijdens de zitting naar beide partijen voordat er een beslissing wordt genomen.
- Toepassen van het burgerlijk recht: De civiele rechter past het civiel recht toe om tot een oordeel te komen.
- Uitspraken doen: Na het beoordelen van de zaak doet de rechter een uitspraak die bindend is voor de betrokken partijen.
- Rechtsbescherming bieden: De civiele rechter speelt een belangrijke rol in het bieden van rechtsbescherming aan burgers, ook in zaken tegen de overheid.
- Schadevergoedingen toekennen: In bepaalde gevallen kan de civiele rechter beslissen over het toekennen van schadevergoedingen.
- Aanvullende rechtsbescherming: De civiele rechter biedt aanvullende rechtsbescherming in zaken waar de bestuursrechter niet bevoegd is.
- Interpretatie van wetgeving: De rechter interpreteert en past wetgeving toe in specifieke gevallen, wat bijdraagt aan de ontwikkeling van het recht.
Het is belangrijk op te merken dat de taken van de civiele rechter zich beperken tot het civiele recht en niet gaan over strafzaken of zaken die primair onder het bestuursrecht vallen.
Welke civiele rechters zijn er in Nederland?
De rechterlijke macht bestaat uit drie soorten gerechten: rechtbanken, gerechtshoven en de Hoge Raad (artikel 2 Wet RO). Zo zijn de civiele zaken verdeeld:
- Kantonrechter: onderdeel van de rechtbank (artikel 47 Wet RO). Behandelt vorderingen tot en met € 25.000 (inclusief de rente tot de dag van dagvaarding, tenzij een betwiste rechtstitel boven dat bedrag uitgaat), vorderingen van onbepaalde waarde als er duidelijke aanwijzingen zijn dat die niet hoger is, en ongeacht het bedrag onder meer zaken over arbeid, huur, agentuur, consumentenkoop en consumentenkrediet (artikel 93 Rv). Hier mag je zelf procederen (artikel 79 lid 1 Rv).
- Rechtbank: behandelt in eerste aanleg alle andere burgerlijke zaken (artikel 42 Wet RO). Hier procedeer je in de regel via een advocaat (artikel 79 lid 2 Rv). In kort geding mag de gedaagde ook zonder advocaat verschijnen (artikel 255 lid 1 Rv).
- Gerechtshof: oordeelt in hoger beroep (artikel 60 Wet RO). De termijn is drie maanden na de uitspraak, bij een kort geding vier weken (artikel 339 Rv). Hoger beroep is niet mogelijk als de vordering niet meer dan € 1.750 bedraagt, tenzij de wet anders bepaalt (artikel 332 lid 1 Rv).
- Hoge Raad: oordeelt in cassatie (artikel 78 Wet RO; artikel 398 Rv). De termijn is drie maanden, bij een kort geding acht weken (artikel 402 Rv). De Hoge Raad vernietigt een uitspraak alleen wegens verzuim van vormen of schending van het recht (artikel 79 lid 1 Wet RO); hij oordeelt dus niet opnieuw over de feiten.
Wanneer schakel je een advocaat in voor een civiele procedure?
Onze procesadvocaten in Amsterdam zijn gespecialiseerd in het voeren van civiele procedures bij de civiele rechter. Bij de civiele rechter worden zaken over bijvoorbeeld handelsgeschillen beslecht. Onze ervaren advocaten kennen het Nederlandse procesrecht als geen ander. Of een civiele procedure de beste route is, hangt af van de zaak. Aan de ene kant moeten kosten en baten tegen elkaar worden afgewogen, aan de andere kant hangt het af van je juridische positie. Voordat we een procedure opstarten of een verdediging voorbereiden, bepalen we eerst samen met je óf een procedure je het snelste van A naar B zal brengen.
De gang naar de civiele rechter is in bepaalde gevallen onvermijdelijk. Partijen kunnen bijvoorbeeld verdeeld raken over de wijze waarop een overeenkomst moet worden uitgevoerd. Ook wanneer een partij op andere wijze schade lijdt, bijvoorbeeld door een onrechtmatige daad, kan het zo zijn dat een oplossing buiten de rechter om niet (meer) lukt. Hierbij speelt ook Procedure starten bij de Nederlandse rechter een rol.
Afhankelijk van je zaak starten we een procedure op voor de rechtbank of het gerechtshof (hoger beroep), of bereiden wij een verdediging voor. Onze procesadvocaten brengen je juridische positie in kaart en begeleidt je gedurende het hele traject. Dat doen we voor iedere overheidsrechter in Nederland, met uitzondering van de Hoge Raad. Zie in dit verband ook Deskundigenonderzoek in een civiele procedure.
Hoe verloopt een civiele procedure in Nederland?
Een civiele procedure begint meestal met een dagvaarding: een exploot dat een deurwaarder aan de gedaagde uitbrengt, met onder meer de eis en de gronden daarvan (artikel 111 Rv). Alleen als de wet dat bepaalt, begin je met een verzoekschrift dat ter griffie wordt ingediend, bijvoorbeeld bij een echtscheiding (artikel 261 lid 2 en 278 Rv). Buiten de kantonrechter ondertekent in de regel een advocaat het verzoekschrift (artikel 278 lid 3 Rv). Op een dagvaarding reageert de gedaagde met een conclusie van antwoord (artikel 128 lid 2 Rv). Daarna beveelt de rechter in de regel een mondelinge behandeling (zitting), tenzij de zaak daarvoor niet geschikt is (artikel 131 Rv).
Het opstellen van een sommatiebrief door een advocaat
Voordat een procedure begint wordt in de meeste gevallen eerst nog een sommatiebrief door een advocaat gestuurd. Het opstellen van een sommatiebrief door een advocaat kan je helpen met het scherp stellen van je vordering. De ervaring leert dat een sommatiebrief van een advocaat vaker een ander effect sorteert, dan wanneer je zelf opnieuw sommeert.
Met deze sommatiebrief krijgt de wederpartij een laatste, redelijke termijn om alsnog na te komen. Blijft nakoming binnen die termijn uit, dan is zij in verzuim (artikel 6:82 lid 1 BW). Om meerdere redenen kan er aan een sommatiebrief geen gevolg worden gegeven. De andere partij kan het oneens zijn met de vordering (en zelfs een tegeneis hebben), of de andere partij kan de vordering niet meer nakomen. Dit speelt vaker bij geldvorderingen, maar ook wanneer het nakomen van een prestatie blijvend onmogelijk is geworden.
Conservatoir beslag leggen door een advocaat
Na het voorportaal van de sommatiebrief wordt vaker voorgesorteerd op een civiele procedure. Je kunt daarbij eiser zijn, maar ook de gedaagde partij. Wanneer je eisende partij bent, en je hebt een schadevordering, heb je er belang bij dat je je na een succesvol verlopen procedure, kan verhalen op het vermogen of bezittingen van je wederpartij. Wanneer de verhaalsmogelijkheden onzeker zijn (of wanneer je bijvoorbeeld documenten van de wederpartij nodig heeft om je vordering verder te kunnen onderbouwen), kun je er verstandig aan doen de voorzieningenrechter om verlof te vragen voor conservatoir beslag (artikel 700 Rv) of, voor documenten, voor bewijsbeslag (artikel 205 Rv). Een succesvolle beslaglegging kan ertoe leiden dat vermogen (maar ook documenten) worden ‘bevroren’ hangende de civiele procedure.
Wat staat er in een dagvaarding in een bodemprocedure?
De procedure wordt ingeleid met een dagvaarding waarin de feiten van de zaak en de vordering worden uitgewerkt. De dagvaarding is een belangrijk document omdat het de basis vormt van de procedure. In de dagvaarding kunnen meerdere vorderingen worden opgenomen. Wanneer we spreken over een gangbare procedure die met alle waarborgen is omkleed, spreken we in het juridisch jargon van een bodemprocedure. Binnen deze procedure is ook de optie tot het horen van getuigen, het doen van uitvoerige bewijsaanbiedingen en het vorderen van uiteenlopende vorderingen. Dit is een wezenlijk verschil met het kort geding, een spoedprocedure waarin gevraagd wordt om een ‘voorlopige voorziening’.
Welke rechter is bevoegd bij een handelsgeschil?
Welke rechter bevoegd is om kennis te nemen van de zaak, hangt af van meerdere omstandigheden. Hoofdregel is dat de rechter van de woonplaats van de gedaagde bevoegd is (dat kan ook zijn waar de onderneming statutair is gevestigd), tenzij de wet anders bepaalt (artikel 99 lid 1 Rv). In een overeenkomst of in algemene voorwaarden kan een forumkeuze zijn opgenomen (artikel 108 lid 1 Rv), en in internationale zaken kunnen (Europese) bevoegdheidsregels een rechter aanwijzen.
Bij welke afdeling van de (geografisch bepaalde) rechtbank de zaak moet worden ingeleid, hangt ook af van een aantal omstandigheden. Zo gaat een agentuurgeschil altijd naar de kantonrechter, net als onder meer arbeids-, huur- en consumentenkoopzaken (artikel 93 onder c Rv). Andere zaken met een financieel belang van meer dan € 25.000 begin je bij de rechtbank, afdeling civiel. Een forumkeuze verandert niets aan die verdeling tussen kantonrechter en rechtbank.
Kortom, er is een aantal zaken dat van belang is bij het bepalen van de koers. Onze procesadvocaten kunnen daar van toegevoegde waarde zijn voor je.
Conservatoir beslag
Voordat besloten wordt te gaan procederen, is het goed een inschatting te maken of je wederpartij (na een succesvol doorlopen procedure) de vordering kan voldoen. Is er bijvoorbeeld nog genoeg vermogen om een schadevergoeding te gaan betalen als er een veroordeling volgt?
Om je verhaalspositie in een vroeg stadium te versterken, kan een conservatoir beslag van toegevoegde waarde zijn. Vermogen van de andere partij kan (na een daartoe verkregen verlof) worden beslagen en gedurende de procedure worden ‘bevroren’. Het beslag geeft je geen voorrang boven andere schuldeisers: zij delen in beginsel naar evenredigheid in de opbrengst (artikel 3:277 lid 1 BW). Gaat de wederpartij failliet, dan vervalt het beslag (artikel 33 lid 2 Faillissementswet).
Wanneer onze advocaten vaststellen dat een dergelijke actie je belangen dient, zullen we je daarover adviseren. Heb je de vrees dat (bijvoorbeeld) je bankrekening voorwerp kan worden van een beslag, dan bekijken we ook die positie. Wanneer de vordering die ten grondslag ligt aan het beslag niet klopt, zullen we samen met je bepalen of we een procedure opstarten om het beslag opgeheven te krijgen. Dit is het zogeheten opheffingskortgeding (artikel 705 Rv). Als beslaglegger moet je de ‘eis in de hoofdzaak’ instellen binnen de termijn die de voorzieningenrechter in het verlof bepaalt, ten minste acht dagen na het beslag; doe je dat niet op tijd, dan vervalt het beslag (artikel 700 lid 3 Rv). Meestal is dat een dagvaarding.
Het opstarten van een kort geding
Wanneer er sprake is van een spoedeisend belang kunnen wij ook een zogenoemde kort geding procedure opstarten bij de voorzieningenrechter, of in kantonzaken bij de kantonrechter (artikel 254 Rv). Het opstarten van een kort geding werkt niet hetzelfde als de bodemprocedure die hiervoor is toegelicht. Een kortgedingvonnis is een voorlopige beslissing die geen nadeel toebrengt aan de zaak ten principale: in een bodemprocedure kan de rechter anders oordelen (artikel 257 Rv). Anders dan in de gangbare bodemprocedure, behaal je in een kort geding sneller een vonnis, waardoor je op relatief korte termijn weet waar je aan toe bent.
Niet iedere vordering leent zich voor een kort geding. Laat je hierover goed informeren door de specialisten van MAAK Advocaten.
Je kunt bij een kort geding denken aan de incasso van een eenvoudige geldvordering (het zogenoemde incasso kort geding), nakoming vorderen van een overeenkomst, beëindigen van een onrechtmatige situatie of andere zaken waarbij een spoedeisende voorziening gewenst is. Verder leent een kort geding zich voor het opkomen tegen een onterechte beslaglegging op bijvoorbeeld je bankrekening, woning of andere bezittingen
Veelgestelde vragen over de civiele rechter
Welke rechter is bevoegd in mijn civiele zaak?
De kantonrechter behandelt onder meer vorderingen tot en met € 25.000 en, ongeacht het bedrag, zaken over arbeid, huur, agentuur en consumentenkoop (artikel 93 Rv). Andere zaken gaan naar de rechtbank. Welke rechtbank, hangt in de regel af van de woonplaats van de gedaagde (artikel 99 Rv).
Heb ik een advocaat nodig bij de civiele rechter?
Bij de kantonrechter niet: daar mag je zelf procederen (artikel 79 lid 1 Rv). In andere zaken procedeer je via een advocaat (artikel 79 lid 2 Rv). Een uitzondering geldt voor de gedaagde in kort geding, die ook in persoon mag verschijnen (artikel 255 lid 1 Rv).
Hoeveel griffierecht betaal je bij de civiele rechter?
Dat hangt af van de rechter, de hoogte van de vordering en of je een natuurlijk persoon bent of een rechtspersoon. De bedragen staan in de bijlage bij de Wet griffierechten burgerlijke zaken. Je moet het griffierecht binnen vier weken betalen (artikel 3 lid 3 Wet griffierechten burgerlijke zaken).
Hoe lang heb je om in hoger beroep te gaan?
Drie maanden na de uitspraak, bij een kort geding vier weken (artikel 339 Rv). Hoger beroep is niet mogelijk als de vordering niet meer dan € 1.750 bedraagt, tenzij de wet anders bepaalt (artikel 332 lid 1 Rv). Tegen een uitspraak in hoger beroep kun je binnen drie maanden (bij een kort geding acht weken) cassatie instellen bij de Hoge Raad (artikel 402 Rv).
Wat is het verschil tussen een dagvaarding en een verzoekschrift?
Met een dagvaarding roept de eiser de gedaagde via een deurwaarder op om voor de rechter te verschijnen (artikel 111 Rv). Een verzoekschrift dien je in bij de griffie (artikel 278 Rv). Dat gebruik je alleen als de wet dat voorschrijft (artikel 261 lid 2 Rv).
Primaire bronnen
- Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldend vanaf 14 juli 2026): artikel 79, 93, 99, 108, 111, 128, 131, 205, 237, 254, 255, 257, 261, 278, 332, 339, 398, 402, 700 en 705
- Wet op de rechterlijke organisatie: artikel 2, 42, 47, 60, 78 en 79
- Burgerlijk Wetboek: artikel 3:277 en 6:82
- Faillissementswet: artikel 33
- Wet griffierechten burgerlijke zaken, artikel 3 en bijlage (geldend vanaf 1 januari 2026)
Advocaten gespecialiseerd in het voeren van civiele procedures
Zoek je advocaten gespecialiseerd in het voeren van civiele procedures? Onze procesadvocaten staan voor je klaar. Onderstaand tref je enkele voorbeelden aan, waarin wij recentelijk actief zijn geweest:
- leggen van conservatoir beslag op bezittingen van een debiteur, waarmee mogelijk wordt voorkomen dat een debiteur bezittingen wegmaakt voorafgaand of tijdens een juridische procedure
- leggen van bewijsbeslag, waarmee belangrijke informatie voorafgaand of tijdens de procedure kan worden veiliggesteld
- voeren van een civiele procedure tussen aandeelhouders over de inkoop van aandelen in een vennootschap
- voeren van een civiele procedure over CE-markering en misleidende reclame in eerste aanleg en hoger beroep
- voeren van procedures over het niet (goed) nakomen van diverse soorten overeenkomsten, zoals koop | distributie | franchise | agentuur en diensten
- voeren van kort geding procedures om nakoming van een contractuele prestatie af te dwingen, een onrechtmatige situatie te beëindigen of beslag op te heffen.
Advocaat procesrecht
Ons team van procesrecht advocaten staat voor je klaar. Wij hebben de kennis, snelheid en bevlogenheid die je zoekt. Je kunt contact opnemen met ons onder de volgende gegevens:
T: +31 (0)20 – 210 31 38
E:
Je contactpersoon: Remko Roosjen | Advocaat procesrecht