Een kort geding aanspannen kan relatief eenvoudig. Een kort geding wordt opgestart wanneer u spoed heeft bij het verkrijgen van een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter die hiermee belast is bekijkt dan of het belang van een aard is dat een zogeheten bodemprocedure niet kan worden afgewacht. Denkt u bijvoorbeeld aan een overeenkomst die niet langer meer goed wordt nagekomen, waardoor direct grote schade wordt geleden. Een ander voorbeeld is bijvoorbeeld dat er negatieve uitlatingen worden gedaan, waardoor uw bedrijf reputatieschade lijdt. Ook dan is er een spoedeisend belang dat hier een halt aan wordt toegeroepen en zelfs worden gerectificeerd. In deze gevallen kan een kort geding worden opgestart. Onze kort geding advocaten komen op dezelfde dag nog in actie wanneer er een spoedeisend belang is waarvoor actie moet worden ondernomen.
Opstarten van een kort geding
Het opstarten van een kort geding bij de civiele rechter kan direct door uw advocaat procesrecht worden verzorgd. Wanneer een kort geding wordt aangevraagd is het belangrijk dat er al een conceptdagvaarding kan worden getoond. Daarmee weet de rechter dat men daadwerkelijk voornemens is de procedure te gaan voeren en wordt er een datum voor de mondelinge behandeling bepaald. Tegelijkertijd worden verhinderingen van alle partijen doorgegeven. Het is dus zaak dat een kort geding goed wordt voorbereid. Onze advocaten in Amsterdam kunnen vaak binnen enkele dagen al een zittingsdatum realiseren. Heeft een zaak hele hoge spoed dan kan een zitting zelfs al binnen een dag of enkele dagen plaatsvinden.
Verschil kort geding en bodemprocedure
Er is een wezenlijk verschil tussen een spoedprocedure en een bodemprocedure bij de civiele rechter. Hét verschil kort geding en normale procedure: er moet een spoedeisend belang zijn bij de vordering en de zaak moet zich dus lenen voor een urgente behandeling. Een kort geding is niet met dezelfde waarborgen omkleed als de normale procedure (de bodemprocedure). Dat is logisch want er moet binnen een relatief kort tijdsbestek een vonnis worden gewezen. Voor een uitvoerig getuigenverhoor, deskundigenonderzoek of andere uitgebreide bewijsaanbiedingen is dan geen plaats.
De voorzieningenrechter zal steeds een belangenafweging maken tussen de partij die verzoekt om de voorlopige voorziening en de partij die door toewijzing van die voorziening getroffen wordt. het is ook mogelijk om als gedaagde partij een tegeneis in te stellen.
Een spoedprocedure kan om meerdere redenen worden gevoerd. De voorzieningenrechter (de rechter die het kort geding behandelt) zal toetsen of de zaak zich leent voor deze korte procedure. Het is bijvoorbeeld niet mogelijk om ontbinding of vernietiging van een overeenkomst te vorderen. Het moet echt gaan om een voorlopige voorziening. Dit is anders dan een zogeheten bodemprocedure – een rechtsgang met meer waarborgen omkleed. Een voorbeeld van een kort geding is nakoming afdwingen van een overeenkomst. Indien uw contractspartij niet meer reageert of weigerachtig is om correct te presteren, kunt u met een kort geding een patstelling doorbreken. Vaak heeft u als ondernemer namelijk niet de tijd om lang in onzekerheid te verkeren. U kunt uw vordering vaak kracht bijzetten met een dwangsom. Ook voor het opheffen van (conservatoir) beslag – waarbij bijvoorbeeld een bankrekening of ander vermogen van u is beslagen – kunt u een kort geding procedure opstarten. Verder valt bijvoorbeeld nog te denken aan het voorkomen van nadelige publicaties, het incasseren van een geldvordering of een halt toe te roepen aan een bestaande onrechtmatige situatie.
GELDVORDERING in KORT GEDING
Als u als ondernemer een geldbedrag vordert moet u dat in kort geding gemotiveerd aannemelijk maken. Dit geldt ook als het gevorderde bedrag slechts een voorschot is. Omdat een dergelijk vonnis een voorlopige voorziening is, wordt bij een geldvordering in kort geding aanzienlijke terughoudendheid betracht door de voorzieningenrechter. Er zal moeten worden aangetoond dat het voor u als ondernemer spoedeisend is dat u de gelden meteen ontvangt. Er vindt vervolgens een belangenafweging plaats tussen uw belang en dat van uw tegenpartij. Omdat dit een tamelijk korte procedure is (met minder waarborgen) geldt hiervoor een verzwaarde motiveringsplicht. Laat u hierover tijdig adviseren door kort geding advocaten. Hoewel de voorzieningenrechter een maatregel die hij oplegt kracht bij kan zetten met een dwangsom, is dit niet mogelijk voor zover het een geldvordering betreft.
HET RESTITUTIERISICO in KORT GEDING
Wanneer de voorzieningenrechter de vordering toewijst, is dat bij wijze van een voorlopige voorziening. De procedure kan (maar hoeft niet noodzakelijkerwijs) een vervolg krijgen in een zogenoemde bodemprocedure. Dit is een reguliere procedure die met meer waarborgen is omkleed en langer duurt. Indien bijvoorbeeld een geldvordering in kort geding wordt toegewezen, en dit later onterecht blijkt, moeten mogelijk gelden worden terugbetaald. Als de eisende partij (in kort geding) dat na verloop van tijd onverhoopt niet meer kan (hij is bijvoorbeeld failliet), vist u als ‘winnende’ partij achter het net. Om een Pyrrusoverwinning te vermijden kan een gedaagde partij wijzen op het restitutierisico in kort geding en aanvoeren dat er een redelijke kans is dat in een latere procedure de eisende partij niet kan terugbetalen. Het restitutierisico kan worden weggenomen door zekerheid te stellen, zoals bijvoorbeeld het verstrekken van een bankgarantie
Het opheffingskortgeding en conservatoir beslag
Wanneer er beslag wordt gelegd op bijvoorbeeld uw bankrekening, uw aandelen of uw woning, heeft u een groot belang dat dit beslag wordt opgeheven. Ook dat doet u in een zogeheten opheffingskortgeding. Het opheffingskortgeding en conservatoir beslag zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Het spoedeisend belang bij een beslag op eigendom, zoals op een bankrekening, is vrijwel altijd een gegeven. Wanneer aangetoond kan worden dat de vordering summier ondeugdelijk is, heeft u een goede kans dat het beslag wordt opgeheven.Wanneer u ook in het opheffingskortgeding aannemelijk maakt dat uw vordering summierlijk juist is, dan blijft het beslag doorgaans rusten op de zaak. Wanneer de wederpartij echter voldoende zekerheid biedt, bijvoorbeeld in de vorm van een bankgarantie, dan dient ook het beslag eraf te worden gehaald. Onze advocaten kunnen u daar goed over adviseren.
Hoger beroepstermijn kort geding
Niemand houdt van verliezen. Wanneer het kort geding niet succesvol is verlopen en u en uw advocaat nog kansen zien voor een te voeren hoger beroep, moet u goed rekening houden met de hoger beroepstermijn kort geding. Deze termijn is 4 weken na het gewezen vonnis door de voorzieningenrechter. Deze termijn is dus aanmerkelijk korter dan een reguliere bodemprocedure van 3 maanden.
Kort geding advocaat nodig?
Ons advocatenkantoor in Amsterdam heeft een team van advocaten dat een sterke reputatie heeft in het voeren van spoedprocedures. Wilt u advies inwinnen over een te starten kort geding? Neem dan contact op met Remko Roosjen (advocaat kort geding) of met een van onze andere advocaten in Amsterdam.