Email  |   +31 20 – 210 31 38  |    DE    |    EN

Geschillen en procedures

blokje-maak-1-1.png

Handhaving bij oneerlijke handelspraktijken van concurrenten

Wanneer concurrenten zich schuldig maken aan misleidende reclame, nepkortingen of valse beoordelingen, lijden bonafide ondernemers direct omzetverlies. De Nederlandse wetgeving biedt bedrijven krachtige instrumenten om zelf op te treden tegen deze oneerlijke handelspraktijken – zonder afhankelijk te zijn van de beperkte handhavingscapaciteit van de ACM. Civielrechtelijke procedures door concurrenten winnen terrein, met circa 20 succesvolle uitspraken in recente jaren.

De regels over oneerlijke handelspraktijken beschermen niet alleen consumenten, maar dienen expliciet ook de belangen van legale ondernemingen. Concurrenten die misleidende praktijken toepassen, halen immers omzet weg bij bonafide handelaren die wel de regels naleven. Deze dubbele beschermingsfunctie vormt de basis voor een groeiende rechtspraktijk waarin bedrijven elkaar civielrechtelijk aanspreken op overtredingen.

Welke handelspraktijken zijn verboden volgens Nederlands recht?

De Wet oneerlijke handelspraktijken (geïmplementeerd in artikel 6:193a e.v. BW) verbiedt drie categorieën gedragingen die de gemiddelde consument misleiden of onder druk zetten tot aankopen die hij anders niet zou doen. Ons advocaat voor oneerlijke handelspraktijken bespreekt deze:

Misleidende handelspraktijken omvatten het verstrekken van onjuiste informatie over prijzen, producteigenschappen, beschikbaarheid of de hoedanigheid van de verkoper. Nepkortingen vormen hiervan een veelvoorkomend voorbeeld: een webwinkel toont “van €20 voor €10” terwijl het product nooit €20 kostte. In juni 2024 legde de ACM boetes van €621.000 op aan vijf webwinkels voor dergelijke nepkortingen.

Agressieve handelspraktijken zetten consumenten onder druk door middel van intimidatie, dwang of ongepaste beïnvloeding. Denk aan herhaaldelijk ongevraagd contact, misleidende aftelklokken (“nog maar 2 minuten voordat de actie verloopt”) of het bewust inspelen op FOMO bij kinderen. Epic Games ontving in mei 2024 een boete van ruim €1 miljoen voor dergelijke praktijken in Fortnite.

Misleidende omissies ontstaan wanneer essentiële informatie wordt weggelaten die consumenten nodig hebben voor een geïnformeerde aankoopbeslissing. Valse schaarste (“nog maar 3 producten beschikbaar” terwijl er veel meer voorraad is) en misleidende duurzaamheidsclaims (‘greenwashing’) vallen hieronder.

Hoe werkt civielrechtelijke handhaving door concurrenten in de praktijk?

Hoewel de ACM jaarlijks 70 tot 80% van haar onderzoeken wijdt aan consumentenbescherming, ontvangt zij honderden tips en meldingen die zij niet allemaal kan behandelen. De handhavingscapaciteit is beperkt, met als gevolg dat veel klachten over oneerlijke handelspraktijken onbehandeld blijven. Concurrenten hoeven echter niet afhankelijk te zijn van bestuursrechtelijke handhaving.

Juridische grondslag voor concurrenten

De rechtspraak heeft inmiddels breed geaccepteerd dat concurrenten zich kunnen beroepen op de regels over oneerlijke handelspraktijken. De Rechtbank Amsterdam overwoog in januari 2016: “misleidende reclame van een onderneming gericht op consumenten kan onzorgvuldig zijn ten opzichte van een concurrerende onderneming in de zin van artikel 6:162 BW. Bij de invoering van de Europese richtlijn oneerlijke handelspraktijken is de indirecte bescherming van ondernemers uitdrukkelijk genoemd.”

De Richtlijn Oneerlijke Handelspraktijken erkent in overweging 8 expliciet dat oneerlijke handelspraktijken niet alleen consumenten schaden, maar ook legale ondernemingen die concurreren met overtreders. Deze dubbele beschermingsfunctie rechtvaardigt het optreden van concurrenten.

Belanghebbendheid: wanneer mag een concurrent optreden?

Voor een geslaagd beroep moet een onderneming aantonen dat sprake is van een oneerlijke handelspraktijk van een concurrent die schadelijk kan zijn voor haar concurrentiepositie. Deze lat ligt niet hoog – dreigende schade is voldoende. De Rechtbank Rotterdam oordeelde in februari 2023 dat zelfs potentiële concurrenten met concrete plannen belanghebbende kunnen zijn, ook als zij nog niet daadwerkelijk actief zijn in het marktsegment.

Welke rechtsmiddelen staan concurrenten ter beschikking?

Benadeelde bedrijven kunnen via verschillende juridische procedures optreden tegen oneerlijke handelspraktijken:

Kort geding procedures bieden snelle oplossingen bij voldoende spoedeisend belang. De voorzieningenrechter kan de overtreder bevelen de onrechtmatige praktijk onmiddellijk te staken, eventueel gekoppeld aan een dwangsom van €1.000 tot €25.000 per overtreding of per dag. Hiermee kan binnen enkele weken de concurrentiepositie worden hersteld en verdere omzetschade worden voorkomen.

Bodemprocedures bieden de mogelijkheid om schadevergoeding te vorderen wanneer aantoonbaar klanten en omzet zijn verloren door de misleidende praktijken. Volgens artikel 6:193b lid 1 BW kwalificeert een oneerlijke handelspraktijk als onrechtmatige daad, waardoor de handelaar aansprakelijk is voor geleden schade. Ook winstafgifte, rectificatie of product recall behoren tot de mogelijkheden.

Sommatiebrieven waarin wordt gedreigd met civiele procedures blijken in de praktijk vaak al voldoende om oneerlijke handelspraktijken te doen staken, zonder dat daadwerkelijk een procedure hoeft te worden gestart.

Wat tonen recente uitspraken over de slagingskans?

De afgelopen jaren zijn circa 20 civiele procedures gevoerd waarin concurrenten elkaar aanspraken op oneerlijke handelspraktijken. De rechtspraak toont een duidelijk patroon van succesvolle handhaving:

In een geschil tussen waterontharder-fabrikanten verbood de Rechtbank Amsterdam het gebruik van de misleidende term ‘waterontharder’ voor een product dat deze functie niet vervulde. De rechtbank veroordeelde gedaagde tot schadevergoeding voor de geleden omzetschade.

De Rechtbank Midden-Nederland gelastte staking van een reclamecampagne van een audicien die misleidende uitingen deed over zorgvergoedingen voor hoortoestellen. De campagne bevatte misleidende en ontoelaatbare vergelijkende reclame die direct schade toebracht aan concurrenten.

Bij een geschil over energiedranken gebood de Rechtbank Amsterdam gedaagde om meerdere misleidende reclame-uitingen te staken wegens oneerlijke handelspraktijken en ongeoorloofde vergelijkende reclame.

Deze uitspraken demonstreren dat Nederlandse rechters bereid zijn om goed onderbouwde vorderingen – met name tot staking van misleidende praktijken – toe te wijzen wanneer concurrenten kunnen aantonen dat hun concurrentiepositie wordt aangetast.

Waarom neemt civielrechtelijke handhaving door concurrenten toe?

Verschillende factoren verklaren de groeiende rol van civielrechtelijke handhaving in Nederland:

Beperkte capaciteit ACM: Hoewel de ACM scherp toezicht houdt en jaarlijks miljoenenboetes oplegt, kan zij lang niet alle klachten oppakken. De toezichthouder heeft aanzienlijke ruimte om handhavingsverzoeken niet te behandelen met beroep op haar prioriteringsbeleid. Bedrijven die afhankelijk blijven van de ACM lopen het risico dat hun klacht niet wordt opgepakt.

Controle over timing: Door zelf een civiele procedure te starten, behoudt een onderneming controle over de tijdslijn. In kort geding kunnen binnen 14 dagen tot 6 weken maatregelen worden getroffen, terwijl bestuursrechtelijke procedures bij de ACM maanden tot jaren kunnen duren.

Directe schade: Concurrenten lijden vaak concrete en aantoonbare schade door misleidende praktijken – klanten kiezen voor de goedkopere, maar oneerlijk geadverteerde concurrent. Deze schade rechtvaardigt civielrechtelijk optreden en vergroot de slagingskans.

Gezamenlijk optrekken: Meerdere benadeelde bedrijven kunnen gezamenlijk optreden tegen een malafide concurrent, waardoor ook de kosten voor juridische bijstand kunnen worden gedeeld. Dit verlaagt de drempel voor kleinere ondernemingen.

Welke ontwikkelingen zijn er in Europese context?

De Nederlandse situatie verschilt aanzienlijk van bijvoorbeeld Duitsland, waar handhaving van oneerlijke mededinging al sinds 1896 primair bij concurrenten belegd is. De Duitse UWG (Wet tegen oneerlijke mededinging) kent geen bestuursrechtelijke toezichthouder vergelijkbaar met de ACM. In plaats daarvan voeren concurrenten en consumentenorganisaties eigenhandig procedures bij de gewone rechter.

Dit systeem heeft voordelen – snelle handhaving door direct betrokken partijen – maar ook nadelen. De rechtspraak kent een wildgroei aan casuïstiek over interpretatie van regelgeving. Bovendien bestaat het risico dat concurrenten gaan ‘jagen’ op kleine overtredingen met als enig doel de concurrent te schaden, wat niet bevorderlijk is voor een gezond ondernemersklimaat.

Nederland kent een hybride model waarin zowel bestuursrechtelijke handhaving (ACM-boetes tot €900.000 of 10% van de jaaromzet) als civielrechtelijke handhaving door concurrenten mogelijk is. Dit biedt het beste van beide werelden: de ACM kan optreden tegen grote, systematische overtreders, terwijl individuele ondernemingen snel kunnen ingrijpen bij specifieke schade.

Wat moet er verbeteren voor effectievere handhaving?

Ondanks de groeiende rechtspraktijk bestaat bij rechters nog onzekerheid over de precieze grondslag voor vorderingen van concurrenten. Deze onduidelijkheid leidt ertoe dat ondernemingen deze mogelijkheid relatief beperkt gebruiken, terwijl de regels expliciet hun belangen dienen.

Theoretische discussie over grondslag

De rechtspraak kent twee hoofdstromingen. De eerste stelt dat concurrenten geen rechtstreeks beroep kunnen doen op artikel 6:193a e.v. BW omdat het toepassingsbereik beperkt is tot consumenten. Zij kunnen zich wel via de zorgvuldigheidsnorm van artikel 6:162 BW (onrechtmatige daad) op die bepalingen beroepen – de zogeheten ‘correctie Langemeijer’. Het Hof Arnhem-Leeuwarden hangt deze opvatting aan.

De tweede stroming – dominant in lagere rechtspraak – stelt dat concurrenten op basis van richtlijnconforme interpretatie wél een rechtstreeks beroep kunnen doen op artikel 6:193a-j BW. De Richtlijn OHP noemt immers expliciet dat concurrenten moeten worden beschermd, waardoor uitwijken naar de algemene zorgvuldigheidsnorm niet nodig is.

In de praktijk maakt dit onderscheid weinig verschil voor de uitkomst van procedures. Beide routes leiden tot dezelfde conclusie: de regels over oneerlijke handelspraktijken beschermen ook concurrenten die schade lijden door overtredingen. Wel is duidelijkheid wenselijk voor ondernemingen die overwegen een procedure te starten.

Rol voor Hoge Raad of wetgever

Duidelijkheid kan ontstaan doordat de Hoge Raad zich uitspreekt over de grondslag, al dan niet naar aanleiding van prejudiciële vragen van een lagere rechtbank. Ook de wetgever zou kunnen ingrijpen door expliciet in de wet op te nemen dat concurrenten belanghebbende zijn bij handhaving van de regels over oneerlijke handelspraktijken.

Bij deze verduidelijking verdient ook de reikwijdte van de term ‘concurrent’ aandacht. Uit de rechtspraak blijkt discussie mogelijk over de vraag welke bedrijven precies als concurrent kunnen worden aangemerkt – moeten zij actief zijn in exact hetzelfde marktsegment, of is overlap in doelgroep voldoende?

Neem direct actie tegen oneerlijke concurrenten in uw sector

Wilt u zekerheid over uw juridische mogelijkheden wanneer een concurrent zich schuldig maakt aan misleidende marketing, nepkortingen of andere oneerlijke handelspraktijken? Onze gespecialiseerde advocaten in Amsterdam analyseren uw situatie en adviseren over de beste strategie – van sommatiebrieven tot kort geding procedures en bodemprocedures voor schadevergoeding.

Praktische tips voor ondernemers

Documenteer systematisch de misleidende uitingen van concurrenten door screenshots te maken van websites, advertenties en social media posts. Bewaar prijshistorie en beschikbaarheid van producten. Dit bewijsmateriaal is cruciaal voor een succesvolle procedure.

Bereken uw schade door na te gaan hoeveel klanten mogelijk zijn overgestapt naar de concurrent als gevolg van de misleidende praktijken. Ook dreigende schade – potentiële klanten die u misloopt – kan worden vergoed.

Overweeg gezamenlijk op te trekken met andere benadeelde concurrenten. Dit versterkt uw positie en verdeelt de kosten. Brancheorganisaties kunnen hierin een faciliterende rol spelen.

Toekomstperspectief: strengere handhaving en groeiende rol concurrenten

De ACM-voorzitter Martijn Snoep kondigde in 2019 aan ‘sneller en doortastender’ te gaan handhaven, met een toename van het aantal boetes. Deze trend zet door: in 2022 volgden schikkingen voor ruim €2 miljoen wegens misleidende duurzaamheidsclaims, en in 2024 boetes van meer dan €700.000 voor nepkortingen en nepreviews.

Tegelijkertijd groeit het aantal civiele procedures waarin concurrenten elkaar aanspreken. Deze parallelle ontwikkeling – striktere bestuursrechtelijke handhaving gecombineerd met actievere civielrechtelijke handhaving – versterkt de effectiviteit van de regels over oneerlijke handelspraktijken. De ACM richt zich op grote, systematische overtreders en sectorbreed onderzoek, terwijl individuele ondernemingen snel kunnen ingrijpen bij specifieke schade in hun marktsegment.

Voor bonafide ondernemingen betekent dit een versterking van het level playing field. Malafide concurrenten die omzet halen uit misleidende praktijken worden sneller gestopt, hetzij door ACM-boetes hetzij door civiele procedures. Dit beschermt niet alleen consumenten, maar ook ondernemingen die investeren in kwaliteit, innovatie en eerlijke marketing.

Advocaten met een focus op geschillen en procedures

Ons Team Geschillen en Procedures bestaat uit ervaren procesadvocaten in Amsterdam die gespecialiseerd zijn in het bieden van op maat gemaakte oplossingen voor uw situatie. In iedere fase van een civiel geschil kunt u terugvallen op onze kennis en expertise. Of het nu gaat om een sommatiebriefconservatoir beslag, kort gedingbodemprocedurehoger beroep, of de executie van een vonnis, wij staan voor u klaar. 

Aarzel niet en neem vandaag nog contact met ons op voor een vrijblijvend kennismakingsgesprek. Samen zetten we de volgende stap naar een oplossing.

+31 (0)20 – 210 31 38
mail@maakadvocaten.nl

Anderen zochten recent ook op:

Wat is een kort geding en hoe zet u het in?
Hoe leg je conservatoir beslag en wat houdt dit in?
Hoe start ik een procedure tegen een bedrijf?
Hoe stel je hoger beroep in?
Hoe legt een advocaat bewijsbeslag?
Wat moet je doen als je gedagvaard bent?
Wanneer is arbitrage een goed alternatief voor geschillen?
Wanneer ben je aansprakelijk bij afgebroken onderhandelingen?
Schadevergoeding vorderen: hoe werkt dat?
Wat kost een civiele procedure?
Wat is een voorlopig getuigenverhoor?
Het vorderen van een boete in kort geding


De informatie op deze pagina vormt geen juridisch advies. Er wordt geen aansprakelijkheid geaccepteerd. Voor advies, neem contact op met ons kantoor.

Waar bent u naar op zoek?