Gepubliceerd op · Laatst bijgewerkt op

Nieuwe Europese Batterijenverordening

Gepubliceerd · bijgewerkt

De Europese Batterijenverordening (Verordening (EU) 2023/1542) geldt sinds 18 februari 2024 rechtstreeks in de hele EU (artikel 96). Ze stelt eisen aan elke batterij die je in de handel brengt: van stoffen en etikettering tot CE-markering, inzameling en recycling. Veel verplichtingen gaan later in, gefaseerd tot 2036. De zorgvuldigheidsverplichtingen voor grondstoffen (due diligence) zijn uitgesteld tot 18 augustus 2027. Ons team adviseert ook over update batterijenverordening wat betekent de verwijderbaarheidseis voor je producten.

In deze bijdrage ligt de focus op de verschillende categorieën batterijen, verplichtingen van betrokken marktdeelnemers in de distributie- en toeleveringsketen, belangrijke vereisten voor batterijen en producten met batterijen en een tijdlijn van enkele relevante termijnen.

Waarom is de Batterijenrichtlijn vervangen door een verordening?

Verordening (EU) 2023/1542 trekt Richtlijn 2006/66/EG met ingang van 18 augustus 2025 in en vervangt daarmee het regime dat sinds 2006 gold; enkele bepalingen van de richtlijn gelden tijdelijk door, zoals artikel 11 tot 18 februari 2027 (artikel 95). De oude richtlijn richtte zich vooral op inzameling en recycling; de verordening bestrijkt de hele levenscyclus, van grondstof tot afgedankte batterij.

Het verschil tussen beide instrumenten raakt je praktijk direct. Een richtlijn moet elke lidstaat omzetten in nationaal recht, en verschillen in die omzetting leverden per land uiteenlopende regels op. Een verordening werkt rechtstreeks en hoeft niet te worden omgezet, waardoor voor alle marktdeelnemers in de EU dezelfde eisen gelden. Breng je batterijen in meerdere lidstaten op de markt, dan hoef je voor de producteisen dus niet langer per land te toetsen of de nationale implementatie afwijkt. Wel registreer je je als producent per lidstaat (artikel 55) en stelt elke lidstaat zijn eigen sancties vast (artikel 93). Let op het verschil tussen inwerkingtreding en toepassing: de verordening trad op 17 augustus 2023 in werking, maar geldt pas sinds 18 februari 2024, en afzonderlijke artikelen en hoofdstukken volgen later (artikel 96).

Martin Krüger, advocaat product compliance bij MAAK, besprak deze omslag in 2022 in vakblad Storage Magazine, toen de verordening nog in onderhandeling was.

Welke categorieën batterijen worden onderscheiden?

De Batterijenverordening is van toepassing op alle categorieën batterijen die in de EU in de handel worden gebracht of in gebruik worden genomen. Ook is de Batterijenverordening van toepassing op batterijen die zijn ingebouwd in of zijn toegevoegd aan producten. Binnen dit brede toepassingsgebied wordt onderscheid gemaakt tussen verschillende categorieën afhankelijk van het ontwerp en het gebruik ervan. Het eerdere onderscheid tussen enerzijds draagbare batterijen en anderzijds industriële batterijen en autobatterijen is verder ontwikkeld om beter aan te sluiten bij nieuwe ontwikkelingen in het gebruik.

De Batterijenverordening maakt onderscheid tussen de volgende vijf categorieën batterijen:

  • Draagbare batterijen: verzegelde batterijen van maximaal 5 kg die niet specifiek voor industrieel gebruik zijn ontworpen en geen batterij voor elektrische voertuigen, lichte vervoermiddelen of start, verlichting en ontsteking zijn. Een subgroep vormen de draagbare batterijen voor algemeen gebruik in gangbare formaten, zoals AA, AAA, AAAA, C, D, 9 volt en knoopcellen (artikel 3 lid 1, punten 9 en 10).
  • Start-, verlichtings- en ontstekingsbatterijen (SLI-batterijen): batterijen die specifiek zijn ontworpen om stroom te leveren voor het starten, de verlichting of de ontsteking en die ook als hulp- of noodstroom in voertuigen, andere vervoermiddelen of machines kunnen dienen (punt 12).
  • Batterijen voor lichte vervoermiddelen (LMT-batterijen): verzegelde batterijen van maximaal 25 kg die specifiek zijn ontworpen voor de aandrijving van voertuigen op wielen met alleen een elektromotor of een combinatie van motor en spierkracht, zoals e-bikes en e-scooters (punt 11).
  • Batterijen voor elektrische voertuigen: batterijen die specifiek zijn ontworpen voor de aandrijving van hybride of elektrische voertuigen van de categorieën M, N of O, zoals auto’s, bestelwagens en vrachtwagens, en batterijen van meer dan 25 kg voor de aandrijving van voertuigen van categorie L (punt 14).
  • Industriële batterijen: batterijen die specifiek zijn ontworpen voor industrieel gebruik of daarvoor na herbestemming zijn bestemd, en elke andere batterij van meer dan 5 kg die geen batterij voor elektrische voertuigen, lichte vervoermiddelen of start, verlichting en ontsteking is (punt 13). Een stationair energieopslagsysteem is een industriële batterij (punt 15).

Welke producteisen gelden voor de batterij zelf?

Naast de administratieve verplichtingen stelt de verordening eisen aan het product: aan de stoffen die erin zitten, aan wat de batterij moet presteren, aan het aandeel gerecycled materiaal en aan de vraag of de gebruiker hem kan verwijderen en vervangen. Die eisen bepalen mede of je batterij überhaupt op de markt mag.

Gevaarlijke stoffen. Een batterij mag niet meer dan 0,0005 gewichtsprocent kwik bevatten. Draagbare batterijen mogen niet meer dan 0,002 % cadmium bevatten en sinds 18 augustus 2024 ook niet meer dan 0,01 % lood; voor zink-luchtknoopcellen geldt die loodgrens pas vanaf 18 augustus 2028 (artikel 6 en bijlage I). Daarnaast blijven de REACH-beperkingen gelden.

Prestatie en duurzaamheid. Oplaadbare industriële batterijen van meer dan 2 kWh, LMT-batterijen en batterijen voor elektrische voertuigen moeten sinds 18 augustus 2024 vergezeld gaan van een document met hun waarden voor elektrochemische prestaties en duurzaamheid (artikel 10 lid 1). Minimumwaarden volgen voor oplaadbare industriële batterijen van meer dan 2 kWh, behalve die met uitsluitend externe opslag, vanaf 18 augustus 2027 en voor LMT-batterijen vanaf 18 augustus 2028, of later als de Commissie de gedelegeerde handeling later vaststelt (artikel 10 lid 2 en 3). Voor draagbare batterijen voor algemeen gebruik, behalve knoopcellen, gelden minimumwaarden vanaf 18 augustus 2028 of later (artikel 9 lid 1).

Minimaal gerecycleerd materiaal. Industriële batterijen van meer dan 2 kWh (behalve die met uitsluitend externe opslag), batterijen voor elektrische voertuigen en SLI-batterijen met kobalt, lood, lithium of nikkel in de actieve materialen moeten vanaf 18 augustus 2031 een minimumaandeel gerecycled materiaal bevatten: 16 % kobalt, 85 % lood, 6 % lithium en 6 % nikkel. Vanaf 18 augustus 2036 wordt dat 26 % kobalt, 85 % lood, 12 % lithium en 15 % nikkel, en gaat de eis ook gelden voor LMT-batterijen (artikel 8 lid 2 en 3). Een batterij die aan de eerste drempel voldoet, haalt de tweede dus niet vanzelf.

Verwijderbaarheid en vervangbaarheid. Vanaf 18 februari 2027 moet wie producten met draagbare batterijen in de handel brengt, ervoor zorgen dat de eindgebruiker de batterij gedurende de hele levensduur van het product gemakkelijk kan verwijderen en vervangen. Bij producten met LMT-batterijen moet een onafhankelijke vakman dat kunnen. Er gelden uitzonderingen, onder meer voor bepaalde apparaten die regelmatig met water in aanraking komen en voor bepaalde medische apparatuur (artikel 11 en artikel 96 lid 2, onder a). Dat raakt je ontwerpkeuzes en niet alleen je documentatie.

Welke verplichtingen gelden voor marktdeelnemers?

De Batterijenverordening bevat verplichtingen voor alle marktdeelnemers die betrokken zijn bij de levenscyclus van batterijen zoals de fabricage, het (online) aanbieden en het gebruik, maar ook de verwerking en recycling van afgedankte batterijen. Dit zijn onder meer de fabrikant, gemachtigde van de fabrikant, importeur, distributeur en fulfilmentdienstverlener. Daarnaast gelden er ook verplichtingen voor onafhankelijke marktdeelnemers zoals partijen die betrokken zijn bij de reparatie, het onderhoud of de herbestemming van batterijen, zoals afvalverwerkers, reparateurs, fabrikanten of distributeurs van reparatieapparatuur, gereedschap of reserveonderdelen.

Welke verplichtingen heeft de fabrikant?

De fabrikant is de partij die een batterij fabriceert of laat ontwerpen of fabriceren en die de batterij onder eigen naam of merk verhandelt of voor eigen doeleinden in gebruik neemt (artikel 3 lid 1, punt 33).

Aangezien de fabrikant beschikt over de meeste kennis van het ontwerp- en productieproces, rusten de meest verstrekkende verplichtingen op de fabrikant. Zo moet de fabrikant onder meer de conformiteitsbeoordeling (laten) uitvoeren, technische documentatie opstellen, CE-markering aanbrengen, EU-conformiteitsverklaring opstellen, zorgen voor de juiste etikettering en identificatie van de batterij en gedetailleerde informatie verstrekken over het beoogde gebruik van de batterij, zodat die correct en veilig kan worden gebruikt en zodat afvalbeheer mogelijk is (artikel 38).

Welke verplichtingen heeft de gemachtigde?

De gemachtigde is een in de EU gevestigde partij die van een fabrikant een schriftelijk mandaat heeft gekregen om namens hem bepaalde taken te verrichten (artikel 3 lid 1, punt 63, en artikel 40 lid 1). Het ontwerp en de fabricage volgens de eisen en het opstellen van de technische documentatie blijven bij de fabrikant (artikel 40 lid 2).

Gemachtigden voeren de taken uit die in het mandaat staan. Dat mandaat moet ten minste inhouden dat de gemachtigde de EU-conformiteitsverklaring en de technische documentatie tien jaar ter beschikking van de nationale autoriteiten houdt, op hun verzoek alle informatie en documentatie verstrekt en met hen samenwerkt bij maatregelen tegen risico’s (artikel 40 lid 3).

Welke verplichtingen heeft de importeur?

De importeur is een in de EU gevestigde partij die een batterij uit een land van buiten de EU in de handel brengt.

Importeurs moeten vooral controleren of de fabrikant de conformiteitsbeoordeling heeft uitgevoerd, de technische documentatie en de EU-conformiteitsverklaring heeft opgesteld, de CE-markering en de etikettering heeft aangebracht en instructies en veiligheidsinformatie heeft meegeleverd (artikel 41 lid 2). Heeft de importeur reden om aan te nemen dat de batterij niet voldoet, dan brengt hij haar niet in de handel totdat ze conform is gemaakt. Vormt de batterij een risico, dan informeert hij de fabrikant en de markttoezichtautoriteiten. Importeurs vermelden hun naam en postadres op de batterij of, als dat niet kan, op de verpakking of in een begeleidend document (artikel 41 lid 3). Ze zorgen voor opslag- en vervoersomstandigheden die de conformiteit niet in gevaar brengen. Blijkt een batterij die zij al in de handel hebben gebracht niet te voldoen, dan nemen zij onmiddellijk corrigerende maatregelen en melden zij een risico direct aan de markttoezichtautoriteit (artikel 41 lid 6). Ook beantwoorden zij informatieverzoeken van de autoriteiten en werken zij met hen samen.

Welke verplichtingen heeft de distributeur?

De distributeur is de partij in de toeleveringsketen die een batterij op de markt aanbiedt en niet onder de definitie van fabrikant of importeur valt.

Distributeurs moeten met de nodige zorg handelen. Voordat zij een batterij op de markt aanbieden, controleren zij onder meer of de producent in het producentenregister staat, of de batterij de CE-markering en de voorgeschreven etikettering draagt, en of de vereiste documenten, instructies en veiligheidsinformatie aanwezig zijn (artikel 42 lid 2). Heeft een distributeur reden om aan te nemen dat de batterij niet voldoet, dan biedt hij haar niet aan totdat ze conform is gemaakt (artikel 42 lid 3). Distributeurs hoeven hun eigen contactgegevens niet op de batterij te vermelden. Blijkt een batterij die zij al hebben aangeboden niet te voldoen, dan moeten zij ervoor zorgen dat de nodige corrigerende maatregelen worden genomen: alsnog conform maken, uit de handel nemen of terugroepen. Vormt de batterij een risico, dan informeren zij onmiddellijk de markttoezichtautoriteiten (artikel 42 lid 5). Let op: breng je als importeur of distributeur een batterij onder je eigen naam of merk op de markt, of wijzig je haar zo dat de conformiteit kan veranderen, dan gelden voor jou de verplichtingen van de fabrikant (artikel 44).

Welke verplichtingen heeft de fulfilmentdienstverlener?

De fulfilmentdienstverlener is de partij die diensten verleent met betrekking tot batterijen zoals de opslag, verpakking, adressering en verzending.

Net als distributeurs staan fulfilmentdienstverleners dicht bij de markt. Zij moeten ervoor zorgen dat de omstandigheden tijdens opslag, verpakking, adressering en verzending de conformiteit van de batterijen niet in gevaar brengen. Daarnaast werken zij op verzoek samen met de nationale autoriteiten bij maatregelen tegen risico’s en melden zij een batterij die een risico vormt aan de markttoezichtautoriteiten (artikel 43, met verwijzing naar artikel 40 lid 3, onder c, en lid 4).

Hoe breng je de CE-markering aan?

De CE-markering wordt zichtbaar, leesbaar en onuitwisbaar op de batterij zelf aangebracht, en wel vóór het in de handel brengen of in gebruik nemen. Is dat gezien de aard van de batterij niet mogelijk of niet gerechtvaardigd, dan komt de markering op de verpakking en op de begeleidende documenten (artikel 20).

Vóór het in de handel brengen stel je de technische documentatie op en doorloop je de conformiteitsbeoordelingsprocedure (artikel 38 lid 2). Pas als daarmee de conformiteit is aangetoond, stel je de EU-conformiteitsverklaring op en breng je de CE-markering aan (artikel 38 lid 3). Wie de markering aanbrengt voordat de beoordeling rond is, verklaart iets wat nog niet is vastgesteld.

Wat houdt de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid in?

Producenten blijven verantwoordelijk voor hun batterijen nadat die zijn afgedankt: voor de inzameling, de verwerking en de recycling, en voor de kosten daarvan. Die uitgebreide producentenverantwoordelijkheid staat in hoofdstuk VIII van de verordening (artikel 56) en geldt sinds 18 augustus 2025 (artikel 96 lid 2, onder c). Dit hangt nauw samen met Nieuwe Europese Verordening over ontbossing en bosdegradatie.

Ben je producent, dan moet je je registreren in elke lidstaat waar je een batterij voor het eerst op de markt aanbiedt (artikel 55 lid 2), en moet je de inzameling en verwerking regelen, zelf of via een organisatie voor producentenverantwoordelijkheid. Ingezamelde afgedankte batterijen mogen bovendien niet worden gestort of anderszins verwijderd en niet worden verbrand voor energieterugwinning (artikel 70 lid 1). Onze advocaten behandelen ook Nieuwe EU-verordening inzake bouwproducten.

Daarmee verschuift het zwaartepunt van de regeling. Waar de oude richtlijn vooral inzameldoelen stelde, koppelt de verordening productnormen, eisen aan gerecycleerd materiaal en een werkende markt voor secundaire grondstoffen aan elkaar, als onderdeel van de Green Deal.

Wat betekent dit voor je contracten met leveranciers?

De verordening legt de verplichtingen bij jou als marktdeelnemer, maar de gegevens komen uit je keten. Leg daarom in je inkoopcontract vast welke informatie de leverancier aanlevert, binnen welke termijn, en wie aansprakelijk is wanneer die informatie onjuist blijkt.

Een fabrikant van elektrisch gereedschap betrekt accupacks uit Azië en verkoopt die onder eigen merk in de EU. Daarmee geldt hij als fabrikant en draagt hij de volledige conformiteitslast, ook al heeft hij de cel niet zelf gemaakt. Zonder contractuele informatieplicht en vrijwaring ligt dat risico volledig bij hem.

Het batterijpaspoort maakt dit urgent. Vanaf 18 februari 2027 moeten LMT-batterijen, industriële batterijen van meer dan 2 kWh en batterijen voor elektrische voertuigen er een hebben (artikel 77 lid 1). Het paspoort vraagt gegevens over samenstelling, gerecycleerd materiaal en verantwoorde inkoop (bijlage XIII) die vrijwel altijd bij je leverancier liggen. Wie die informatie niet contractueel heeft geborgd, moet er halverwege het traject alsnog om vragen, meestal op het moment dat wisselen van leverancier geen optie meer is.

Welke termijnen gelden onder de Batterijenverordening?

De verordening geldt sinds 18 februari 2024, maar veel verplichtingen gaan later in. Bij een aantal data staat in de verordening dat de verplichting pas geldt als een bepaalde termijn na een gedelegeerde handeling of uitvoeringshandeling van de Commissie is verstreken, als dat later is. Die data staan hieronder als ‘op zijn vroegst’. Enkele relevante termijnen:

  • 18 augustus 2024: de conformiteitsbeoordelingsprocedures en de verplichtingen van marktdeelnemers uit hoofdstuk VI gelden (artikel 96 lid 2, onder b); draagbare batterijen mogen niet meer dan 0,01 % lood bevatten (bijlage I); oplaadbare industriële batterijen van meer dan 2 kWh, LMT-batterijen en batterijen voor elektrische voertuigen moeten vergezeld gaan van een document met prestatie- en duurzaamheidswaarden (artikel 10 lid 1);
  • 18 februari 2025 (op zijn vroegst): koolstofvoetafdrukverklaring voor batterijen voor elektrische voertuigen (artikel 7 lid 1);
  • 18 augustus 2025: de Batterijenrichtlijn is ingetrokken, met enkele overgangsbepalingen (artikel 95); alle batterijen moeten het symbool voor gescheiden inzameling dragen (artikel 13 lid 4); de regels over producentenverantwoordelijkheid en afvalbeheer in hoofdstuk VIII gelden (artikel 96 lid 2, onder c);
  • 18 februari 2026 (op zijn vroegst): koolstofvoetafdrukverklaring voor oplaadbare industriële batterijen, behalve die met uitsluitend externe opslag (artikel 7 lid 1);
  • 18 augustus 2026 (op zijn vroegst): etiketten met algemene informatie voor alle batterijen, met de capaciteit voor oplaadbare draagbare, LMT- en SLI-batterijen en met de minimale gemiddelde gebruiksduur voor niet-oplaadbare draagbare batterijen (artikel 13 lid 1 tot en met 3); koolstofvoetafdrukprestatieklasse voor batterijen voor elektrische voertuigen (artikel 7 lid 2);
  • 18 februari 2027: alle batterijen moeten een QR-code dragen (artikel 13 lid 6); LMT-batterijen, industriële batterijen van meer dan 2 kWh en batterijen voor elektrische voertuigen moeten een batterijpaspoort hebben (artikel 77 lid 1); draagbare batterijen en LMT-batterijen in producten moeten verwijderbaar en vervangbaar zijn (artikel 11);
  • 18 augustus 2027: de zorgvuldigheidsverplichtingen (due diligence) voor grondstoffen gelden, na uitstel van 18 augustus 2025 (artikel 48 lid 1, gewijzigd door Verordening (EU) 2025/1561); op zijn vroegst: koolstofvoetafdrukprestatieklasse en minimale prestatiewaarden voor oplaadbare industriële batterijen van meer dan 2 kWh, behalve die met uitsluitend externe opslag (artikel 7 lid 2 en artikel 10 lid 2);
  • 18 februari 2028 (op zijn vroegst): maximumdrempel voor de koolstofvoetafdruk over de levenscyclus van batterijen voor elektrische voertuigen (artikel 7 lid 3);
  • 18 augustus 2028 (op zijn vroegst): koolstofvoetafdrukverklaring voor LMT-batterijen (artikel 7 lid 1); documentatie over het aandeel gerecycled kobalt, lood, lithium en nikkel voor industriële batterijen van meer dan 2 kWh (behalve uitsluitend externe opslag), batterijen voor elektrische voertuigen en SLI-batterijen (artikel 8 lid 1); minimale prestatie- en duurzaamheidswaarden voor draagbare batterijen voor algemeen gebruik (artikel 9 lid 1) en voor LMT-batterijen (artikel 10 lid 3); einde van de uitzondering op de loodgrens voor zink-luchtknoopcellen (bijlage I);
  • 18 februari 2029 (op zijn vroegst): maximumdrempel voor de koolstofvoetafdruk van oplaadbare industriële batterijen, behalve die met uitsluitend externe opslag (artikel 7 lid 3);
  • 18 augustus 2031: minimumaandelen gerecycled kobalt, lood, lithium en nikkel voor industriële batterijen van meer dan 2 kWh (behalve uitsluitend externe opslag), batterijen voor elektrische voertuigen en SLI-batterijen (artikel 8 lid 2); op zijn vroegst: maximumdrempel voor de koolstofvoetafdruk van LMT-batterijen (artikel 7 lid 3);
  • 18 augustus 2033: documentatie over het aandeel gerecycled materiaal ook voor LMT-batterijen (artikel 8 lid 1);
  • 18 augustus 2036: hogere minimumaandelen gerecycled materiaal, nu ook voor LMT-batterijen (artikel 8 lid 3).

Hoe bereid je je in vier stappen voor?

Begin bij de categorie-indeling en werk van daaruit naar buiten. Die volgorde voorkomt dat je documentatie bouwt op een verkeerd uitgangspunt, wat achteraf de duurste correctie is.

  1. Breng je portfolio in kaart. Welke batterijen breng je in de handel, in welke categorie vallen ze, en treed je op als fabrikant, importeur of distributeur? Die rol bepaalt je verplichtingen. Ga ook na of je producent bent in de zin van de producentenverantwoordelijkheid (artikel 3 lid 1, punt 47).
  2. Toets het bestaande dossier. Is er technische documentatie, is de conformiteitsbeoordeling doorlopen en is de EU-conformiteitsverklaring actueel?
  3. Zet de ingangsdatums op een tijdlijn. Bepaal per productlijn wat op welk moment gereed moet zijn, want de verplichtingen gaan gefaseerd in.
  4. Borg de keten contractueel. Leg vast welke gegevens je leverancier aanlevert en binnen welke termijn, met een vrijwaring voor onjuiste informatie.

Veelgestelde vragen over de Batterijenverordening

Wanneer is de Batterijenverordening van toepassing?

De verordening trad op 17 augustus 2023 in werking en geldt sinds 18 februari 2024. Voor een aantal onderdelen gelden latere data, zoals 18 augustus 2024 voor de verplichtingen van marktdeelnemers, 18 augustus 2025 voor afvalbeheer en producentenverantwoordelijkheid en 18 februari 2027 voor de verwijderbaarheid van batterijen (artikel 96).

Zijn de due-diligenceverplichtingen uitgesteld?

Ja. Verordening (EU) 2025/1561 heeft de ingangsdatum in artikel 48 lid 1 verschoven van 18 augustus 2025 naar 18 augustus 2027. De verplichtingen gelden niet voor marktdeelnemers die in het boekjaar vóór het laatste boekjaar een netto-omzet van minder dan EUR 40 miljoen hadden en geen deel uitmaken van een groep die geconsolideerd boven die grens uitkomt (artikel 47).

Vanaf wanneer moet een batterij in een product vervangbaar zijn?

Vanaf 18 februari 2027. De eindgebruiker moet een draagbare batterij dan gedurende de hele levensduur van het product gemakkelijk kunnen verwijderen en vervangen, met in de handel verkrijgbaar gereedschap. Voor LMT-batterijen moet een onafhankelijke vakman dat kunnen. Er gelden uitzonderingen (artikel 11).

Welke batterijen krijgen een batterijpaspoort?

Vanaf 18 februari 2027 moeten elke LMT-batterij, elke industriële batterij met een capaciteit van meer dan 2 kWh en elke batterij voor elektrische voertuigen die in de handel wordt gebracht of in gebruik wordt genomen, een elektronisch batterijpaspoort hebben (artikel 77 lid 1).

Ben ik fabrikant als ik batterijen onder mijn eigen merk laat maken?

Ja. Fabrikant is ook wie een batterij laat ontwerpen of fabriceren en die onder eigen naam of merk verhandelt (artikel 3 lid 1, punt 33). Een importeur of distributeur die een batterij onder eigen naam of merk op de markt brengt, krijgt de verplichtingen van de fabrikant (artikel 44).

Primaire bronnen

Wanneer schakel je een advocaat batterijenrecht in?

De advocaten van team Product Compliance van MAAK Advocaten in Amsterdam hebben ruime ervaring in het ondersteunen en adviseren van bedrijven in de maakindustrie bij uiteenlopende productregelgeving en CE-markering gerelateerde vraagstukken. Onze advocaten worden regelmatig geconfronteerd met (grensoverschrijdende) juridische vraagstukken met betrekking tot batterijen.

Zoek je juridisch advies van een advocaat over batterijen, producten met batterijen of gerelateerde onderwerpen? Of heeft je onderneming behoefte aan advies over het toepassingsgebied van de Batterijen Verordening, de wettelijke voorschriften voor batterijen of producten met batterijen of de verplichtingen voor je maakbedrijf als marktdeelnemer in de toeleverings- of distributieketen? Neem dan contact op met Claartje van der Marel of Max Schwillens, of met een van onze andere advocaten gespecialiseerd in batterijen.

Blijf op de hoogte van onze nieuwsberichten en events
Over welke onderwerpen wil je updates ontvangen?
In welke branche of sector ben je actief? (optioneel)

Waar ben je naar op zoek?