Een agentuurovereenkomst is een overeenkomst waarbij een zelfstandige handelsagent tegen beloning, meestal provisie, voor een principaal bemiddelt bij het sluiten van overeenkomsten en die soms namens hem sluit (artikel 7:428 BW). Laat je zo’n overeenkomst opstellen of toetsen, dan gaat het vooral om gebied en exclusiviteit, provisie, opzegtermijn en klantenvergoeding. Veel van die regels zijn dwingend (artikel 7:445 BW).
Wat is een agentuurovereenkomst?
Een agentuurovereenkomst is een contract tussen een principaal (opdrachtgever) en een handelsagent. De handelsagent bemiddelt tegen beloning, meestal provisie, bij het tot stand komen van overeenkomsten voor de principaal. De regels staan in artikel 7:428 e.v. BW. Een uitgebreide uitleg van de wettelijke regeling lees je op onze pagina over de agentuurovereenkomst naar Nederlands recht. Hieronder gaat onze advocaat voor agentuurovereenkomsten, Remko Roosjen, in op de vragen waarvoor je een advocaat inschakelt: opstellen, beëindigen, klantenvergoeding en geschillen.
De advocaten contractenrecht van MAAK Advocaten genieten een jarenlange ervaring in het inrichten van een agentuurovereenkomst en het adviseren over de beëindiging van de agentuurovereenkomst. Een agentuurovereenkomst opstellen is een vak apart. Wanneer is er sprake van exclusiviteit? Wanneer komt de handelsagent provisie toe? Hoe moet de overeenkomst correct worden uitgevoerd? Wat zijn de opzegbevoegdheden van partijen? Welke opzegtermijnen gelden er? En heeft de handelsagent bij het einde van de agentuurovereenkomst recht op provisie? Als advocaat bij agentuurovereenkomsten zijn dit zomaar wat vragen die we met regelmaat tegenkomen. Daarnaast zijn er vaker vragen over de exclusiviteit van een agentuurovereenkomst en de vraag of de principaal ook zelf het contractsgebied mag bedienen (en zo ja, of daarover provisie aan de handelsagent verschuldigd is). Dit hangt nauw samen met lastgeving.
Waar in de wet is de agentuur geregeld?
De agentuurovereenkomst is geregeld in Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, titel 7, afdeling 4 (artikel 7:428 tot en met 7:445 BW). Daar staan onder meer de regels over provisie, inzage, opzegging, klantenvergoeding, concurrentiebeding en verjaring. Artikel 7:445 BW bepaalt van welke artikelen partijen niet mogen afwijken en van welke niet ten nadele van de handelsagent.
Wat is de wettelijke definitie van een agentuurovereenkomst?
Volgens de wet draagt de ene partij (de principaal) de andere partij (de handelsagent) op, en verbindt de handelsagent zich, om voor bepaalde of onbepaalde tijd en tegen beloning (meestal provisie of commissie) te bemiddelen bij het tot stand komen van overeenkomsten. Eventueel sluit de handelsagent die overeenkomsten ook zelf, op naam en voor rekening van de principaal. Hij is daarbij niet ondergeschikt aan de principaal, zoals een werknemer dat wel is.
De definitie van een agentuurovereenkomst is geregeld in artikel 7:428 BW:
Artikel 428
1. De agentuurovereenkomst is een overeenkomst waarbij de ene partij, de principaal, aan de andere partij, de handelsagent, opdraagt, en deze zich verbindt, voor een bepaalde of een onbepaalde tijd en tegen beloning bij de totstandkoming van overeenkomsten bemiddeling te verlenen, en deze eventueel op naam en voor rekening van de principaal te sluiten zonder aan deze ondergeschikt te zijn.
2. De bepalingen van deze afdeling zijn niet van toepassing op agentuurovereenkomsten waarop de de Wet op het financieel toezicht van toepassing is.
3. Ieder der partijen is verplicht de wederpartij op haar verzoek een ondertekend geschrift te verschaffen dat de dan geldende inhoud van de agentuurovereenkomst weergeeft.
Welke bepalingen horen in een agentuurovereenkomst?
De typische voorwaarden van een agentuurovereenkomst (commerciële agentuurovereenkomst) zijn:
- Werkingsgebied – Het geografische gebied en/of de productgroepen waarvoor de agent exclusief of niet-exclusief is aangesteld.
- Verplichtingen van de agent – Zoals het verwerven en onderhouden van een klantenbestand, promotie van de producten, rapporteren aan de principaal.
- Verplichtingen van de principaal – Zoals het leveren van informatie, instructies en ondersteuning aan de agent.
- Vergoeding – Meestal een provisie over de door de agent gegenereerde omzet, eventueel aangevuld met een vaste vergoeding.
- Duur en opzegging – De looptijd (bepaalde of onbepaalde tijd) en de opzegtermijnen die in acht moeten worden genomen.
- Klantenvergoeding (goodwillvergoeding) – De wet bepaalt wanneer de agent bij het einde recht heeft op een vergoeding voor de opgebouwde goodwill (artikel 7:442 BW). Vóór het einde van de overeenkomst kun je daarvan niet ten nadele van de agent afwijken (artikel 7:445 lid 2 BW).
- Concurrentiebeding – Eventuele beperkingen voor de agent om na beëindiging soortgelijke activiteiten te verrichten. Zo’n beding is alleen geldig als het schriftelijk is, beperkt blijft tot het soort goederen of diensten en het gebied (of de klantenkring en het gebied) van de agent, en ten hoogste twee jaar na het einde duurt (artikel 7:443 lid 1 en 2 BW).
- Geheimhoudingsplicht – Vertrouwelijkheidsverplichtingen voor beide partijen.
- Toepasselijk recht en geschillenbeslechting – Het recht dat van toepassing is en de aangewezen rechter of arbitrage-instantie.
Veel van de wettelijke regels over agentuur zijn dwingend. Van een aantal artikelen, zoals de minimumopzegtermijnen en de eisen aan een concurrentiebeding, kunnen partijen helemaal niet afwijken. Van andere, zoals de klantenvergoeding vóór het einde van de overeenkomst, niet ten nadele van de handelsagent (artikel 7:445 BW). De Nederlandse regeling is een implementatie van de Europese Agentuurrichtlijn. Partijen hebben dus beperkte vrijheid om af te wijken.
Wat is de opzegtermijn van een agentuurovereenkomst?
Een agentuurovereenkomst kan voor bepaalde of voor onbepaalde tijd worden aangegaan. Is zij aangegaan voor onbepaalde tijd, of voor bepaalde tijd met een recht van tussentijdse opzegging, dan gelden deze opzegtermijnen (artikel 7:437 BW):
- Geen termijn afgesproken: de opzegtermijn is vier maanden (artikel 7:437 lid 1 BW).
- Geen termijn afgesproken en de overeenkomst loopt drie jaar of langer: vijf maanden.
- Geen termijn afgesproken en de overeenkomst loopt zes jaar of langer: zes maanden.
- Wel een termijn afgesproken: die mag niet korter zijn dan een maand in het eerste jaar, twee maanden in het tweede jaar en drie maanden in de jaren daarna (artikel 7:437 lid 2 BW).
- Spreken partijen langere termijnen af, dan mag de termijn voor de principaal niet korter zijn dan die voor de handelsagent.
Opzegging gebeurt tegen het einde van een kalendermaand (artikel 7:437 lid 3 BW). Een overeenkomst voor bepaalde tijd zonder recht van tussentijdse opzegging eindigt in beginsel als de looptijd verstrijkt. Zetten beide partijen haar daarna voort, dan geldt zij voor onbepaalde tijd op dezelfde voorwaarden (artikel 7:436 BW).
Van de minimumtermijnen in artikel 7:437 lid 2 BW kunnen partijen niet afwijken (artikel 7:445 lid 1 BW). Wie opzegt zonder de wettelijke of afgesproken termijn in acht te nemen, zonder dat de wederpartij daarmee instemt en zonder een dringende reden die hij onverwijld meedeelt, is schadeplichtig (artikel 7:439 lid 1 BW).
Wanneer is goodwill verschuldigd bij het einde van een agentuurcontract?
Ongeacht een eventueel recht op schadevergoeding heeft een handelsagent bij het einde van de overeenkomst recht op een klantenvergoeding (‘goodwill’), voor zover hij nieuwe klanten heeft aangebracht of de overeenkomsten met bestaande klanten aanmerkelijk heeft uitgebreid, de overeenkomsten met die klanten de principaal nog aanzienlijke voordelen opleveren, en betaling billijk is, vooral gelet op de provisie die de agent misloopt (artikel 7:442 lid 1 BW). De vergoeding is niet hoger dan de beloning van één jaar, berekend naar het gemiddelde van de laatste vijf jaren of, als de overeenkomst korter heeft geduurd, naar het gemiddelde van de hele duur (lid 2). Het recht vervalt als de agent niet uiterlijk een jaar na het einde meedeelt dat hij een vergoeding verlangt (lid 3). Geen vergoeding is verschuldigd als de principaal de overeenkomst beëindigt om een dringende reden waarvoor de agent een verwijt treft, als de agent zelf beëindigt (tenzij dat gerechtvaardigd is door omstandigheden die de principaal kunnen worden toegerekend, of door leeftijd, invaliditeit of ziekte van de agent), of als de agent zijn positie met instemming van de principaal aan een derde overdraagt (lid 4). Omdat het om flinke bedragen kan gaan, doen zowel principaal als handelsagent er goed aan zich hierover te laten adviseren.
Hoe wordt een agentuurovereenkomst verlengd of vernieuwd?
Een agentuurovereenkomst voor bepaalde tijd kan worden verlengd of vernieuwd. Let op: zetten beide partijen de overeenkomst na afloop van de looptijd gewoon voort zonder nieuwe afspraak, dan bindt zij hen voor onbepaalde tijd op dezelfde voorwaarden (artikel 7:436 BW). Wil je opnieuw een vaste looptijd, leg de verlenging dan vóór het einde schriftelijk vast.
Er zijn geen wettelijke beperkingen om een agentuurovereenkomst voor bepaalde tijd meerdere malen te verlengen of te vernieuwen. Partijen zijn in beginsel vrij om dit overeen te komen. Bij een verlenging blijft de bestaande overeenkomst in stand en wordt alleen de looptijd verlengd. Bij een vernieuwing sluiten partijen een nieuwe overeenkomst voor een nieuwe periode.
Voor agentuurovereenkomsten voor onbepaalde tijd is verlenging of vernieuwing niet aan de orde. Deze overeenkomsten lopen door totdat een van de partijen opzegt met inachtneming van de afgesproken of wettelijke opzegtermijn, of totdat de overeenkomst op een andere manier eindigt: door onmiddellijke beëindiging om een dringende reden (artikel 7:439 BW), door ontbinding door de kantonrechter (artikel 7:440 BW) of door het overlijden van de handelsagent (artikel 7:438 lid 1 BW).
De wettelijke regels omtrent opzegging en de eventuele verplichting tot betaling van een klantenvergoeding bij beëindiging blijven onverminderd van kracht, ongeacht of de overeenkomst is verlengd of vernieuwd.
Wat is een exclusieve agentuurovereenkomst?
De exclusieve agentuurovereenkomst en het niet-exclusieve agentuurcontract zijn beide mogelijk, afhankelijk van wat je afspreekt. Let op: is aan de handelsagent een gebied of klantenkring toegewezen, dan heeft hij ook recht op provisie voor overeenkomsten die de principaal zelf sluit met klanten uit dat gebied of die klantenkring, tenzij uitdrukkelijk is overeengekomen dat de agent daar geen alleenrecht heeft (artikel 7:431 lid 1 onder c BW). Als principaal betaal je dan dus ook provisie over omzet die je zelf genereert. Dit wordt vaak over het hoofd gezien.
Een exclusief agentuurcontract kan een bepaling bevatten dat de handelsagent enkel in een bepaald contractsgebied de producten of diensten mag aanbieden. Omgekeerd kan ook een principaal exclusief worden gebonden. Dat houdt in dat de principaal geen andere partijen in een afgesproken contractsgebied zal benaderen voor het leveren en verkopen van producten of diensten. Hoe je de agentuurovereenkomst inricht, bepaal je zelf; we adviseren je graag over de contractuele opties. Vaak zal de positie die partijen al in de markt genieten een omstandigheid zijn waarom wel of niet voor een exclusieve agentuurovereenkomst wordt gekozen. Het opstellen van een exclusiviteitsbeding kun je bij je advocaat neerleggen. Onze advocaten helpen je graag om de bepaling zo goed mogelijk voor je in te richten. Ook kijken we met je naar de mededingingsrechtelijke aspecten die hieraan kunnen kleven.
Waarom laat je een agentuurcontract opstellen door een advocaat?
Een goede schriftelijke agentuurovereenkomst is aan te raden. De wet stelt geen vormvereiste, maar iedere partij kan van de ander een ondertekend geschrift met de geldende inhoud van de overeenkomst verlangen (artikel 7:428 lid 3 BW), en sommige bedingen zijn alleen geldig als ze schriftelijk zijn, zoals een concurrentiebeding (artikel 7:443 lid 1 BW) en een delcrederebeding (artikel 7:429 lid 1 BW). Een agentuurcontract op laten stellen door een advocaat is vaak geen overbodige luxe. De advocaten contractenrecht van MAAK Advocaten kunnen je daarin begeleiden en voorstellen aandragen voor een overeenkomst op maat. In de praktijk gaan veel procedures over een agentuurovereenkomst over de vraag wat partijen met bepaalde afspraken bedoeld hebben. Veel geschillen kunnen worden vermeden wanneer zaken goed op papier staan en partijen begrijpen wat er over en weer van elkaar verwacht wordt. Dit geldt zowel voor de uitvoering van de overeenkomst als ook de provisieafspraken die een belangrijk onderdeel vormen van de agentuurovereenkomst. Zie in dit verband ook Contractenrecht.
Wanneer heeft de handelsagent recht op provisie?
Praktijkvoorbeeld uit onze praktijk. MAAK Advocaten stond een handelsagent bij die stelde recht te hebben op provisie, omdat hij de contacten had gelegd en het voorwerk had verricht. De kantonrechter van de rechtbank Amsterdam oordeelde in een tussenvonnis dat de agent voor die overeenkomst provisie toekwam. De principaal moest opgave doen van de verschuldigde provisie en inzage geven in de gegevens over die overeenkomst; een ruimere inzage wees de kantonrechter af (ECLI:NL:RBAMS:2023:689). Dat inzagerecht (artikel 7:433 BW) is in de praktijk vaak beslissend, want zonder de administratie van de principaal kan een agent zijn vordering niet onderbouwen. Meer hierover lees je in Afspraken in een agentuurovereenkomst: wat leg je vast.
Op grond van artikel 7:431 lid 1 BW heeft de handelsagent recht op provisie voor de overeenkomsten die tijdens de duur van het agentuurcontract zijn tot stand gekomen, wanneer (a) de overeenkomst door tussenkomst van de handelsagent is tot stand gekomen of (b) de overeenkomst is tot stand gekomen met iemand die de handelsagent reeds vroeger voor een dergelijke overeenkomst had aangebracht, of (c) de overeenkomst is afgesloten met iemand die behoort tot de klantenkring die, of gevestigd is in het gebied dat aan de handelsagent is toegewezen (tenzij uitdrukkelijk is overeengekomen dat de handelsagent ten aanzien van die klantenkring of in dat gebied niet het zogenoemde ‘alleenrecht’ heeft).
Over provisie bij een agentuurovereenkomst is veel rechtspraak gewezen. Ook na het einde van de agentuurovereenkomst kan de handelsagent recht hebben op provisie voor overeenkomsten die daarna tot stand komen, namelijk (a) als die hoofdzakelijk te danken zijn aan zijn werk tijdens de agentuurovereenkomst en binnen een redelijke termijn na het einde zijn gesloten, of (b) als hij of de principaal de bestelling van de klant al vóór het einde had ontvangen (artikel 7:431 lid 2 BW). Is die provisie op grond van deze regel verschuldigd aan de vorige agent, dan heeft de nieuwe agent er geen recht op, tenzij het billijk is de provisie tussen hen beiden te verdelen (artikel 7:431 lid 3 BW).
Hoe zeg je een agentuurovereenkomst op?
Een veelvoorkomende vraag is hoe je een agentuurovereenkomst opzegt. Een agentuurovereenkomst opzeggen door een advocaat kan je helpen bij het goed motiveren van de opzegging. Daarmee beperk je het risico op schadeclaims.
De minimale termijnen voor een regelmatige opzegging van de agentuurovereenkomst staan in artikel 7:437 lid 2 BW. Met inachtneming daarvan is het mogelijk om andere afspraken te maken. Houd daar bij het opstellen van een agentuurovereenkomst rekening mee. Zeg je onregelmatig op, dan ben je in beginsel een bedrag verschuldigd gelijk aan de beloning over de tijd dat de overeenkomst bij regelmatige beëindiging had moeten doorlopen; de rechter kan dat bedrag verminderen, en de wederpartij kan in plaats daarvan haar volledige, bewezen schade vorderen (artikel 7:441 BW). Zo’n vordering verjaart een jaar na het feit waardoor zij ontstond (artikel 7:444 BW). Daarnaast kan de handelsagent recht hebben op een klantenvergoeding (artikel 7:442 BW). Heb je een oude agentuurovereenkomst die je wilt beëindigen, laat je dan adviseren over de mogelijkheden. Een opzegging kan behoorlijke financiële gevolgen hebben, waardoor het soms beter is de agentuurovereenkomst op een ander moment te beëindigen. MAAK Advocaten bespreekt dit graag met je.
Welke rechter beslist over een geschil over een agentuurovereenkomst?
Hebben partijen geen arbitrage afgesproken (artikel 1020 Rv), dan behandelt in Nederland de kantonrechter zaken over een agentuurovereenkomst, ongeacht de hoogte van de vordering (artikel 93 onder c Rv). Een forumkeuze voor een rechtbank verandert daar niets aan. Bevoegd is in beginsel de rechter van de woonplaats van de gedaagde (artikel 99 Rv), en daarnaast ook de rechter van de plaats waar de handelsagent gewoonlijk werkt of laatstelijk werkte (artikel 100 Rv).
Bij de kantonrechter mag je zelf procederen (artikel 79 lid 1 Rv); een advocaat is dus niet verplicht, maar vaak wel verstandig. Wil een partij dat de overeenkomst wordt ontbonden om een dringende reden of door veranderde omstandigheden, dan dient zij een verzoek in bij de kantonrechter (artikel 7:440 lid 1 BW). Gaat het om inzage in de administratie, dan kan de handelsagent zich op eigen kosten laten bijstaan door een deskundige; wijst de principaal die deskundige af, dan benoemt de voorzieningenrechter op verzoek van de handelsagent een deskundige (artikel 7:433 lid 2 BW). Voor een bredere uitleg over procederen lees je onze pagina over procederen bij de Nederlandse rechter.
Veelgestelde vragen over de agentuurovereenkomst
Moet een agentuurovereenkomst schriftelijk worden vastgelegd?
Nee, de wet stelt geen vormvereiste. Wel kan iedere partij van de ander een ondertekend geschrift verlangen met de geldende inhoud van de overeenkomst (artikel 7:428 lid 3 BW). Een postcontractueel concurrentiebeding en een delcrederebeding zijn alleen geldig als ze schriftelijk zijn (artikel 7:443 lid 1 en 7:429 lid 1 BW). Een schriftelijk contract voorkomt bovendien discussie over provisie en gebied.
Welke opzegtermijn geldt als er niets is afgesproken?
Dan is de opzegtermijn vier maanden, vijf maanden na drie jaar looptijd en zes maanden na zes jaar (artikel 7:437 lid 1 BW). Spreek je wel een termijn af, dan geldt een minimum van een maand in het eerste jaar, twee maanden in het tweede jaar en drie maanden daarna (artikel 7:437 lid 2 BW). Opzegging gebeurt tegen het einde van een kalendermaand.
Over welke overeenkomsten krijgt een handelsagent provisie?
Over overeenkomsten die tijdens de agentuur door zijn tussenkomst tot stand komen, over latere overeenkomsten met klanten die hij eerder voor zo’n overeenkomst heeft aangebracht, en over overeenkomsten met klanten uit het gebied of de klantenkring die aan hem is toegewezen, tenzij uitdrukkelijk is afgesproken dat hij daar geen alleenrecht heeft (artikel 7:431 lid 1 BW).
Hoe hoog is de klantenvergoeding bij een agentuurovereenkomst?
Ten hoogste de beloning van één jaar, berekend naar het gemiddelde van de laatste vijf jaren of van de hele duur als de overeenkomst korter liep (artikel 7:442 lid 2 BW). Of en hoeveel je krijgt, hangt af van de aangebrachte klanten, het voordeel dat de principaal nog heeft en de billijkheid (lid 1). Meld uiterlijk een jaar na het einde dat je een vergoeding wilt, anders vervalt het recht (lid 3).
Heb je een advocaat nodig bij een geschil over een agentuurovereenkomst?
Niet verplicht in eerste aanleg: de kantonrechter behandelt agentuurzaken ongeacht het bedrag (artikel 93 onder c Rv) en bij de kantonrechter mag je zelf procederen (artikel 79 lid 1 Rv). In hoger beroep bij het gerechtshof kun je alleen bij advocaat procederen (artikel 353 lid 1 Rv). Gezien de korte termijnen, zoals de verjaring van een jaar voor schadevergoeding bij onregelmatige beëindiging (artikel 7:444 BW), is vroeg advies verstandig.
Primaire bronnen
- Burgerlijk Wetboek Boek 7, afdeling agentuur: artikel 7:428, 7:429, 7:431, 7:433, 7:436, 7:437, 7:438, 7:439, 7:440, 7:441, 7:442, 7:443, 7:444 en 7:445
- Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering: artikel 79, 93, 99, 100, 353 en 1020
- Rechtbank Amsterdam (kantonrechter) 10 februari 2023, ECLI:NL:RBAMS:2023:689
Advocaat voor agentuurovereenkomsten
Ons advocatenkantoor helpt je graag verder bij vragen over de opzegging van een agentuurovereenkomst.