Een joint venture is een samenwerking waarin twee of meer zelfstandige ondernemingen samen een project uitvoeren. Vaak richten zij samen een bv op; een aandeelhouder is dan niet persoonlijk aansprakelijk voor wat in naam van de bv gebeurt (artikel 2:175 lid 1 BW). Werk je op contractbasis, dan kan dat een maatschap zijn (artikel 7A:1655 BW). De joint venture overeenkomst regelt inbreng, zeggenschap, eigendom en exit.
Wat is een joint venture?
Joint venture is geen aparte rechtsvorm. Het is een samenwerking tussen twee of meer zelfstandige partijen die elk hun eigen juridische identiteit houden. Die samenwerking kan alleen op een overeenkomst berusten. Brengen partijen dan iets in gemeenschap om het voordeel te delen, dan is dat een maatschap (artikel 7A:1655 BW), en bij een bedrijf onder een gemeenschappelijke naam een vennootschap onder firma (artikel 16 WvK). Vaak richten partijen samen een vennootschap op, meestal een besloten vennootschap (bv). Die vennootschap heeft een eigen belang. Volgens de Hoge Raad wordt dat belang bij een joint venture mede bepaald door de aard en inhoud van de samenwerking die de aandeelhouders hebben afgesproken (HR 4 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:797, r.o. 4.2.1).
In Nederland wordt een joint venture vaak gebruikt door bedrijven die willen innoveren of nieuwe markten willen betreden. Een joint venture biedt de mogelijkheid om kennis en middelen te combineren, risico’s te delen en een gezamenlijke marktpositie te creëren. Het succes van een joint venture hangt echter sterk af van goede afspraken en wederzijds vertrouwen. Het proces van een joint venture is complex en vereist zorgvuldige voorbereiding en uitvoering.
Hoe ziet een joint venture overeenkomst eruit?
Hierbij tref je een voorbeeld joint venture overeenkomst aan. Deze kan helpen bij het controleren van de aandachtspunten die thuishoren in een joint venture contract. Bij vragen adviseren we je te schakelen met een advocaat contractenrecht.
Welke elementen horen in een joint venture overeenkomst?
Een goed opgestelde joint venture overeenkomst omvat verschillende elementen die ervoor zorgen dat de samenwerking soepel verloopt en risico’s worden geminimaliseerd. Hieronder bespreken we de meest belangrijke onderdelen van een joint venture overeenkomst naar Nederlands recht. Het vastleggen van duidelijke afspraken helpt om misverstanden en conflicten te voorkomen en zorgt voor een succesvolle samenwerking.
1. De Partijen en Hun Rol
Het is belangrijk om duidelijk te beschrijven wie de partijen zijn die de joint venture aangaan, wat hun rol is, en hoe zij worden vertegenwoordigd. In de meeste gevallen zullen de partijen een specifieke expertise, kapitaal, of andere middelen inbrengen die van belangrijk belang zijn voor de gezamenlijke onderneming. Het succes van de joint venture is vaak afhankelijk van de unieke bijdragen van elke partij.
Bijvoorbeeld:
- Partij A brengt expertise op het gebied van productontwikkeling en technisch ontwerp in.
- Partij B richt zich op marketing, verkoop en distributie.
Dit duidelijke onderscheid in verantwoordelijkheden zorgt ervoor dat beide partijen weten wat er van hen verwacht wordt, waardoor de samenwerking effectief kan verlopen. Bovendien helpt het om elk aspect van het project efficiënt en gestructureerd aan te pakken. Door de verantwoordelijkheden duidelijk te definiëren, voorkom je lacunes en dubbel werk.
Daarnaast is het belangrijk om vast te leggen wie als vertegenwoordiger van elke partij fungeert en wat hun bevoegdheden zijn. Dit betekent dat er duidelijke afspraken gemaakt moeten worden over wie namens de partijen mag beslissen en welke beslissingen gezamenlijk moeten worden genomen.
2. Het Doel van de Joint Venture
Het doel van de joint venture moet helder en specifiek zijn. Dit voorkomt misverstanden en helpt beide partijen dezelfde doelen na te streven. In de joint venture overeenkomst wordt het doel meestal omschreven als het ontwikkelen van een nieuw product of dienst, het verkennen van nieuwe marktkansen, of het uitbreiden van bestaande bedrijfsactiviteiten. Het definiëren van duidelijke doelstellingen helpt ook om de voortgang van het project te evalueren en te bepalen of de samenwerking succesvol is.
Een voorbeeld van een duidelijk geformuleerd doel:
“Het doel van deze joint venture is het gezamenlijk ontwikkelen, produceren en op de markt brengen van een vernieuwend softwareproduct dat de administratieve processen van bedrijven in de gezondheidszorg optimaliseert.”
Het formuleren van een gezamenlijk doel helpt beide partijen om hun inspanningen te richten en ervoor te zorgen dat ze op één lijn zitten. Wanneer beide partijen hetzelfde einddoel nastreven, wordt de kans op een succesvolle samenwerking aanzienlijk groter. Daarnaast kan het handig zijn om subdoelen vast te leggen, bijvoorbeeld mijlpalen die tijdens de samenwerking bereikt moeten worden. Dit helpt om overzicht te houden en het project op schema te houden.
3. Structuur van de Joint Venture Vennootschap
De samenwerking in een joint venture wordt vaak uitgevoerd via een gezamenlijke vennootschap, bijvoorbeeld een besloten vennootschap (bv) of een naamloze vennootschap (nv). Een bv richt je op bij notariële akte (artikel 2:175 lid 2 BW). Een aandeelhouder van een bv is niet persoonlijk aansprakelijk voor wat in naam van de vennootschap wordt verricht. Hij hoeft ook niet meer in de verliezen bij te dragen dan hij op zijn aandelen moet storten (artikel 2:175 lid 1 BW). Dat geldt onverminderd verplichtingen die de statuten aan het aandeelhouderschap verbinden (artikel 2:192 lid 1 BW). Laat de fiscale gevolgen van de gekozen structuur apart beoordelen.
In de joint venture overeenkomst worden ook de aandelenverhouding en de inbreng van elke partij vastgelegd. Bijvoorbeeld:
- Partij A houdt 60% van de aandelen en Partij B 40%, waarbij elke partij kapitaal inbrengt naar rato van haar aandelenbelang.
Daarnaast wordt in de overeenkomst vastgelegd hoe het bestuur van de vennootschap eruitziet, hoe de aandelen worden verdeeld en wat de rechten en plichten van de aandeelhouders zijn. Zorg dat de statuten aansluiten bij de joint venture overeenkomst. De overeenkomst bindt de partijen die haar sluiten. Wil je dat een afspraak ook voor de vennootschap en voor latere aandeelhouders geldt, neem haar dan waar mogelijk op in de statuten. De statuten kunnen bijvoorbeeld bepalen dat een aandeelhouder in omschreven gevallen zijn aandelen moet aanbieden en overdragen (artikel 2:192 lid 1 onder c BW). Zo’n verplichting kan niet tegen de wil van een aandeelhouder worden ingevoerd. Het is ook van belang om afspraken te maken over hoe nieuwe aandeelhouders kunnen toetreden of bestaande aandeelhouders kunnen uittreden.
Een goed gedefinieerde vennootschapsstructuur zorgt ervoor dat alle partijen weten hoe de governance is geregeld en hoe beslissingen worden genomen. Dit is belangrijk voor het succes van de joint venture.
4. Aandeelhoudersovereenkomst
Naast de joint venture overeenkomst sluiten partijen vaak een aandeelhoudersovereenkomst, waarin de rechten en verplichtingen van de aandeelhouders verder worden uitgewerkt. Deze overeenkomst kan bepalingen bevatten over:
- De investeringen die de partijen moeten doen.
- De verdeling van de resultaten van de samenwerking, zoals de winsten uit een specifiek onderzoeksproject.
- De benoeming en het ontslag van bestuurders.
- Stemrechten en goedkeuringsvereisten voor belangrijke besluiten.
In een specifieke joint venture overeenkomst kan bijvoorbeeld worden bepaald dat de partijen gedurende een periode van drie jaar investeringen moeten doen in verhouding tot hun aandelen in de vennootschap. Deze afspraken bieden duidelijkheid en zorgen ervoor dat de belangen van de vennootschap voorop blijven staan. Daarnaast kan in de aandeelhoudersovereenkomst worden vastgelegd welke besluiten unaniem genomen moeten worden en welke besluiten door een meerderheid van de stemmen kunnen worden genomen.
Een aandeelhoudersovereenkomst biedt flexibiliteit en zekerheid, vooral in situaties waarin de vennootschap zich in een dynamische markt bevindt en er snel moet worden gehandeld. Dergelijke afspraken kunnen bijvoorbeeld gaan over het terugkopen van aandelen in geval van geschillen of over de verdeling van nieuwe investeringsmogelijkheden.
5. Financiering en Winstdeling bij een joint venture
Een ander belangrijk aspect van de joint venture is hoe de financiering wordt geregeld. Wordt er eigen vermogen ingebracht door de aandeelhouders, of wordt er externe financiering gezocht? Daarnaast moet er een duidelijke afspraak worden gemaakt over de winstdeling en de verdeling van eventuele verliezen. Dit kan afhankelijk zijn van de aandelenverhouding, maar partijen kunnen ook afwijken van een lineaire verdeling.
Bijvoorbeeld:
- De winst wordt verdeeld op basis van het aandeelhouderschap: Partij A ontvangt 60% van de winst, Partij B ontvangt 40%.
- Bij een bv dragen de aandeelhouders verliezen niet rechtstreeks: zij hoeven niet meer bij te dragen dan zij op hun aandelen moeten storten (artikel 2:175 lid 1 BW). Wil je dat partijen bij verlies extra kapitaal verstrekken, leg dat dan uitdrukkelijk vast. Bij een maatschap zonder afspraak is ieders aandeel in winst en verlies evenredig aan zijn inbreng (artikel 7A:1670 lid 1 BW).
Het is ook mogelijk om een deel van de winst in de vennootschap te houden voor toekomstige investeringen. Bij een bv beslist de algemene vergadering over de bestemming van de winst en over uitkeringen, tenzij de statuten die bevoegdheid beperken of aan een ander orgaan geven. Uitkeren kan alleen voor zover het eigen vermogen groter is dan de reserves die krachtens de wet of de statuten moeten worden aangehouden. Een besluit tot uitkering heeft pas gevolg als het bestuur het goedkeurt. Het bestuur weigert dat als het weet of redelijkerwijs behoort te voorzien dat de bv daarna haar opeisbare schulden niet kan blijven betalen (artikel 2:216 lid 1 en 2 BW). Deze afspraken moeten duidelijk en gedetailleerd worden vastgelegd, zodat beide partijen weten wat ze kunnen verwachten en hoe financiële risico’s worden verdeeld. Duidelijke afspraken over de financiering zijn noodzakelijk om te voorkomen dat een van de partijen onverwacht wordt geconfronteerd met hoge kosten of risico’s.
Bovendien kan in de overeenkomst worden opgenomen hoe noodzaakfinanciering wordt geregeld in geval van financiële problemen, en wie hiervoor verantwoordelijk is. Dit biedt stabiliteit en zekerheid voor de continuïteit van de joint venture.
6. Bestuur en Governance-Structuur
Het bestuur van de joint venture vennootschap en de manier waarop het toezicht wordt uitgevoerd, moeten zorgvuldig worden vastgelegd. Vaak heeft een joint venture vennootschap een eigen directeur voor de dagelijkse bedrijfsvoering. Het bestuur is belast met het besturen van de vennootschap, behoudens beperkingen in de statuten (artikel 2:239 lid 1 BW). De statuten kunnen belangrijke bestuursbesluiten onderwerpen aan de goedkeuring van de algemene vergadering of van een raad van commissarissen (RvC) (artikel 2:239 lid 3 BW). Ook kunnen zij bepalen dat het bestuur aanwijzingen van een ander orgaan volgt, tenzij die in strijd zijn met het belang van de vennootschap en de onderneming (artikel 2:239 lid 4 BW). Een RvC houdt toezicht op het beleid van het bestuur en staat het bestuur met raad terzijde (artikel 2:250 lid 2 BW).
Daarnaast kan elke partij het recht hebben om een of meer bestuurders te benoemen. Dat kan rechtstreeks als de statuten de benoeming toekennen aan de vergadering van houders van aandelen van een bepaalde soort of aanduiding, mits iedere aandeelhouder met stemrecht kan meebeslissen over de benoeming van ten minste één bestuurder (artikel 2:242 lid 1 BW). Zo krijgen de partijen invloed op de samenstelling van het bestuur. Ook in de RvC kunnen beide partijen een gelijk aantal leden voordragen. Let wel: bestuurders en commissarissen vertegenwoordigen niet de partij die hen benoemde. Zij richten zich naar het belang van de vennootschap en de met haar verbonden onderneming (artikel 2:239 lid 5 en 2:250 lid 2 BW), ongeacht door wie zij zijn benoemd. Voor bestuurders heeft de Hoge Raad dat uitdrukkelijk beslist, ook als zij zijn benoemd door of op voordracht van de vergadering van houders van aandelen van een bepaalde soort of aanduiding (HR 4 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:797, r.o. 4.2.3).
Het benoemen en ontslaan van bestuurders is vaak een gevoelig onderwerp in joint ventures, en daarom is het belangrijk om hierover heldere afspraken te maken. Dit voorkomt problemen en zorgt ervoor dat de juiste mensen aan het roer staan om de onderneming te leiden. Governance bepaalt immers in belangrijke mate het succes van de joint venture.
7. Intellectuele Eigendomsrechten (IER) bij een joint venture
Bij het ontwikkelen van nieuwe producten of diensten is het belangrijk om vast te leggen wie de intellectuele eigendomsrechten bezit die binnen de joint venture worden gecreëerd. Dit kan een gevoelig onderwerp zijn, vooral wanneer beide partijen hun eigen technologie of knowhow inbrengen. Intellectuele eigendomsrechten kunnen waardevolle activa vormen voor de joint venture en bepalen vaak de toekomstige inkomstenstromen.
Opties voor verdeling van de IER:
- Optie 1: Alle intellectuele eigendomsrechten worden gezamenlijk eigendom van de partijen.
- Optie 2: Elke partij behoudt de eigendom van de intellectuele eigendomsrechten die door haar zijn ontwikkeld, terwijl de andere partij een licentie krijgt om deze binnen de joint venture te gebruiken.
Het is doorslaggevend om goed te definiëren welke rechten en beperkingen elke partij heeft met betrekking tot de intellectuele eigendom. Dit kan bijvoorbeeld gaan over het recht om bepaalde technologieën ook buiten de joint venture te gebruiken, of over de plicht om verbeteringen of nieuwe versies gezamenlijk te ontwikkelen.
Het vastleggen van duidelijke afspraken over IER is noodzakelijk om toekomstige conflicten te voorkomen en om ervoor te zorgen dat elke partij optimaal profiteert van de samenwerking. Innovatie is vaak de kern van een joint venture, en duidelijke afspraken over eigendom en gebruik van intellectuele eigendomsrechten vormen de basis voor een succesvolle samenwerking.
8. Concurrentie, Geheimhouding en Mededinging in een joint venture
Tijdens de samenwerking delen de partijen vaak gevoelige informatie met elkaar. Daarom is een geheimhoudingsclausule in de overeenkomst wezenlijk. Deze clausule verplicht beide partijen om vertrouwelijke informatie niet te delen met derden, zowel tijdens de duur van de samenwerking als na beëindiging. Het niet naleven van deze verplichting kan ernstige financiële en reputatieschade veroorzaken.
Daarnaast kun je een concurrentiebeding opnemen, waarbij de partijen afspreken geen concurrerende activiteiten te ondernemen die de joint venture zouden kunnen schaden. Dit beschermt de belangen van de vennootschap en zorgt voor een eerlijke samenwerking. Dergelijke clausules zijn met name van belang om ervoor te zorgen dat partijen zich volledig inzetten voor het succes van de joint venture en geen directe of indirecte concurrentie vormen.
Ook moet rekening worden gehouden met de mededingingswetgeving. Afspraken tussen ondernemingen die de mededinging op de Nederlandse markt beperken, zoals marktverdeling, zijn verboden en van rechtswege nietig (artikel 6 lid 1 en 2 Mededingingswet). Het verbod geldt niet voor afspraken van geringe betekenis binnen de grenzen van artikel 7 Mededingingswet (onder meer bij niet meer dan acht betrokken ondernemingen met een beperkte gezamenlijke omzet). Het geldt ook niet als de afspraak bijdraagt aan verbetering van productie of distributie of aan technische of economische vooruitgang en aan de andere voorwaarden van artikel 6 lid 3 voldoet; wie zich daarop beroept, moet dat bewijzen (artikel 6 lid 4). Ook een concurrentiebeding tussen de partners kan onder het verbod vallen; beperk het daarom tot wat voor de samenwerking nodig is. Een gemeenschappelijke onderneming die duurzaam alle functies van een zelfstandige economische eenheid vervult, is bovendien een concentratie (artikel 27 lid 2 Mededingingswet). Halen de betrokken ondernemingen de omzetdrempels van artikel 29 Mededingingswet, dan mag je de joint venture pas tot stand brengen nadat je haar bij de Autoriteit Consument en Markt hebt gemeld en daarna vier weken zijn verstreken (artikel 34 lid 1 Mededingingswet).
Wanneer eindigt een joint venture?
Een joint venture kan worden aangegaan voor een bepaalde of onbepaalde tijd. In de overeenkomst moet duidelijk worden vastgelegd hoe lang de samenwerking duurt en onder welke omstandigheden deze kan worden beëindigd. Het opnemen van een duidelijke beëindigingsregeling is belangrijk om ervoor te zorgen dat de joint venture op een ordelijke manier kan worden afgewikkeld als de samenwerking eindigt.
Mogelijke redenen voor beëindiging zijn:
Ernstige tekortkoming of faillissement: schiet een partij tekort, dan kan de ander de overeenkomst in beginsel geheel of gedeeltelijk ontbinden, tenzij de tekortkoming gezien haar bijzondere aard of geringe betekenis die ontbinding niet rechtvaardigt (artikel 6:265 lid 1 BW). Is nakoming niet blijvend of tijdelijk onmogelijk, dan moet de tekortschietende partij eerst in verzuim zijn (artikel 6:265 lid 2 BW). Leg ook vast wat er bij faillissement van een partij gebeurt, bijvoorbeeld een plicht om de aandelen aan te bieden (artikel 2:192 lid 1 onder c BW). Is de joint venture een maatschap (een vof is ook een maatschap, artikel 16 WvK), dan gelden de artikelen 6:265-6:279 BW niet; de rechter kan de maatschap dan op vordering van een vennoot wegens gewichtige redenen ontbinden (artikel 7A:1684 BW). Een maatschap wordt door het faillissement van een vennoot ontbonden (artikel 7A:1683 BW).
Opzegging door een partij: of en hoe een partij kan opzeggen, bepaal je in de overeenkomst, bijvoorbeeld met een opzegtermijn van zes of twaalf maanden. Ontbreekt een regeling en is de samenwerking voor onbepaalde tijd aangegaan, dan is de overeenkomst in beginsel opzegbaar. De redelijkheid en billijkheid kunnen wel meebrengen dat daarvoor een voldoende zwaarwegende grond nodig is, dat een bepaalde opzegtermijn geldt of dat je een schadevergoeding moet aanbieden (HR 28 oktober 2011, ECLI:NL:HR:2011:BQ9854, r.o. 3.5.1). Een maatschap eindigt onder meer door verloop van de afgesproken tijd en door opzegging door een vennoot (artikel 7A:1683 BW). Een maatschap voor bepaalde tijd of voor een bepaald werk kan alleen worden opgezegd als dat is bedongen, en een opzegging in strijd met de redelijkheid en billijkheid is vernietigbaar (artikel 7A:1686 BW). Let op: met het einde van de overeenkomst is een joint venture-bv niet ontbonden. Daarvoor is bijvoorbeeld een besluit van de algemene vergadering nodig (artikel 2:19 lid 1 BW).
Veelgestelde vragen over de joint venture
Wat betekent joint venture?
Joint venture betekent letterlijk gezamenlijke onderneming: twee of meer zelfstandige ondernemingen werken samen aan een project en delen de kosten, de risico’s en de opbrengst. Het is geen aparte rechtsvorm. Juridisch is het een overeenkomst, een maatschap of vof, of een gezamenlijke vennootschap, meestal een bv.
Hoe richt je een joint venture op?
Kies eerst de vorm: alleen een overeenkomst of een gezamenlijke vennootschap. Een bv richt je op bij notariële akte (artikel 2:175 lid 2 BW). Leg daarnaast in een joint venture overeenkomst of aandeelhoudersovereenkomst vast wie wat inbrengt, wie beslist en hoe je uit elkaar gaat, en laat de statuten daarop aansluiten. Is de joint venture een concentratie en worden de omzetdrempels gehaald, dan meld je haar eerst bij de ACM (artikel 34 lid 1 Mededingingswet).
Wat staat er in een joint venture overeenkomst?
In elk geval: de partijen en hun inbreng, het doel, de structuur en aandelenverhouding, de financiering en winstverdeling, het bestuur en de besluitvorming, de intellectuele eigendom, geheimhouding en concurrentie, de geschillenregeling en de beëindiging en exit. Je kunt het voorbeeld op deze pagina als vertrekpunt gebruiken.
Wat is een voorbeeld van een joint venture?
Een fictief voorbeeld: een softwarebedrijf en een zorginstelling richten samen een bv op om een administratiesysteem voor de zorg te ontwikkelen. Het softwarebedrijf brengt technologie in, de zorginstelling kennis van de markt. Ze houden 60 en 40 procent van de aandelen en spreken af wie bestuurders benoemt en wie eigenaar wordt van de software.
Ben je aansprakelijk voor de schulden van een joint venture?
Bij een bv in beginsel niet: een aandeelhouder is niet persoonlijk aansprakelijk voor wat in naam van de bv wordt verricht (artikel 2:175 lid 1 BW). Bij een maatschap kan een schuldeiser die met de vennoten heeft gehandeld, ieder van hen voor een gelijk deel aanspreken, tenzij anders is bepaald bij het aangaan van de schuld (artikel 7A:1680 BW). Bij een vof is elke vennoot hoofdelijk aansprakelijk (artikel 18 WvK).
Primaire bronnen
- Burgerlijk Wetboek Boek 2: artikel 2:19, 2:175, 2:192, 2:216, 2:239, 2:242 en 2:250
- Burgerlijk Wetboek Boek 6: artikel 6:265
- Burgerlijk Wetboek Boek 7A: artikel 7A:1655, 7A:1670, 7A:1680 en 7A:1683
- Wetboek van Koophandel: artikel 16 en 18
- Mededingingswet: artikel 6, 27, 29 en 34
- HR 4 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:797 (Cancun)
- HR 28 oktober 2011, ECLI:NL:HR:2011:BQ9854
Wanneer schakel je een joint venture advocaat in?
Onze advocaat contractenrecht in Amsterdam stelt joint venture overeenkomsten op, toetst bestaande contracten op governance, IE en exit, en staat je bij zodra de samenwerking vastloopt. Cliënten bevelen ons daarbij aan om onze daadkrachtige en praktische aanpak. Overweeg je een joint venture, of loopt je huidige samenwerking spaak? Leg je situatie voor aan Remko Roosjen, ingeschreven bij de Nederlandse orde van advocaten. Meer over zijn achtergrond vind je op zijn Wikidata-profiel.