Gepubliceerd op · Laatst bijgewerkt op

Opzeggen van een agentuur­overeenkomst

Gepubliceerd · bijgewerkt

Een agentuurovereenkomst voor onbepaalde tijd zeg je op met de afgesproken opzegtermijn. Is niets afgesproken, dan geldt vier maanden, oplopend tot zes maanden na zes jaar (artikel 7:437 BW). Zeg je op zonder die termijn en zonder dringende reden, dan ben je in beginsel schadeplichtig (artikel 7:439 BW). Daarnaast kan de handelsagent recht hebben op een klantenvergoeding (artikel 7:442 BW).

Een agentuurovereenkomst kan onder meer op deze manieren eindigen: van rechtswege, door opzegging met inachtneming van de opzegtermijn, direct om een dringende reden, of door ontbinding door de kantonrechter. Hieronder lees je per beëindigingswijze wat er geldt en welke vergoedingen daarbij horen.

Wat is een agentuurovereenkomst?

Een agentuurovereenkomst is op grond van artikel 7:428 BW een overeenkomst waarbij de principaal de handelsagent opdraagt om tegen beloning te bemiddelen bij de totstandkoming van overeenkomsten, en die eventueel op naam en voor rekening van de principaal te sluiten, zonder aan de principaal ondergeschikt te zijn. De beloning bestaat doorgaans uit provisie: een percentage van de waarde van de bemiddelde overeenkomsten.

In de agentuurregelgeving in Nederland, die voortkomt uit de Europese Agentuurrichtlijn, is de agentuurovereenkomst als bijzondere overeenkomst van opdracht als volgt beschreven:

Artikel 428
1.De agentuurovereenkomst is een overeenkomst waarbij de ene partij, de principaal, aan de andere partij, de handelsagent, opdraagt, en deze zich verbindt, voor een bepaalde of een onbepaalde tijd en tegen beloning bij de totstandkoming van overeenkomsten bemiddeling te verlenen, en deze eventueel op naam en voor rekening van de principaal te sluiten zonder aan deze ondergeschikt te zijn.
2.De bepalingen van deze afdeling zijn niet van toepassing op agentuurovereenkomsten waarop de de Wet op het financieel toezicht van toepassing is.
3.Ieder der partijen is verplicht de wederpartij op haar verzoek een ondertekend geschrift te verschaffen dat de dan geldende inhoud van de agentuurovereenkomst weergeeft.

Wat zegt de wet over de opzegging van een agentuurovereenkomst?

Een opzegging beëindigt de agentuurovereenkomst in beginsel ook als zij onregelmatig is, bijvoorbeeld omdat de opzegtermijn niet in acht is genomen. De achtergrond is dat een samenwerking waarin het vertrouwen weg is, niet onnodig moet voortduren. Wie zo opzegt, is wel schadeplichtig, tenzij de wederpartij instemt of er een dringende reden is die onverwijld is meegedeeld (artikel 7:439 lid 1 BW). De vaste schadevergoeding is gelijk aan de beloning over de tijd dat de overeenkomst bij regelmatige beëindiging had moeten voortduren (artikel 7:441 lid 1 BW). Bij een overeenkomst voor onbepaalde tijd is dat in de regel de opzegtermijn die niet in acht is genomen; bij een overeenkomst voor bepaalde tijd zonder tussentijdse opzegmogelijkheid de resterende looptijd. Dit is een andere vergoeding dan de klantenvergoeding (goodwill).

Artikel 7:437 BW bepaalt het volgende voor wat betreft de duur van een opzegtermijn bij agentuur:

Artikel 437
1.Indien de agentuurovereenkomst is aangegaan voor een onbepaalde tijd of voor een bepaalde tijd met recht van tussentijdse opzegging, is ieder der partijen bevoegd haar te doen eindigen met inachtneming van de overeengekomen opzeggingstermijn. Bij gebreke van een overeenkomst dienaangaande zal de opzeggingstermijn vier maanden bedragen, vermeerderd met een maand na drie jaren looptijd van de overeenkomst en met twee maanden na zes jaren.
2.De termijn van opzegging kan niet korter zijn dan een maand in het eerste jaar van de overeenkomst, twee maanden in het tweede jaar en drie maanden in de volgende jaren. Indien partijen langere termijnen overeenkomen, mogen deze voor de principaal niet korter zijn dan voor de handelsagent.
3.Opzegging behoort plaats te vinden tegen het einde van een kalendermaand.

Hoe eindigt een agentuurovereenkomst?

Over het einde van agentuurrelaties wordt veel geprocedeerd, ook in de rechtspraak, bijvoorbeeld over het terugbetalen van provisie. Een agentuurovereenkomst regelt de relatie tussen de handelsagent en zijn opdrachtgever, de principaal. Het komt regelmatig voor dat een principaal te kort of op de verkeerde manier opzegt. Wat zijn dan de gevolgen, en heeft de handelsagent recht op schadevergoeding? Hieronder bespreken we de regels voor de opzegging van een overeenkomst van agentuur.

Wordt de agentuurovereenkomst beëindigd zonder de opzegtermijn in acht te nemen, zonder dringende reden en zonder toestemming van de wederpartij, dan is de partij die opzegt (doorgaans de principaal) schadeplichtig. De benadeelde kan kiezen tussen een vaste vergoeding, gelijk aan de beloning over de tijd dat de overeenkomst bij regelmatige beëindiging had moeten voortduren, en volledige vergoeding van de werkelijke schade, die hij dan moet bewijzen (artikel 7:441 BW).

Welke manieren van opzeggen zijn er?

1. Beëindiging van rechtswege

Er zijn specifieke situaties waarin de agentuurovereenkomst automatisch kan eindigen:

  • Verstrijken van de looptijd: een agentuurovereenkomst voor bepaalde tijd eindigt aan het einde van die termijn. Zetten beide partijen de samenwerking daarna voort, dan geldt de overeenkomst voor onbepaalde tijd op dezelfde voorwaarden (artikel 7:436 BW).
  • Overlijden van de handelsagent: de agentuurovereenkomst eindigt door zijn overlijden (artikel 7:438 lid 1 BW). Overlijdt de principaal, dan eindigt de overeenkomst niet vanzelf, maar kunnen zijn erfgenamen en de handelsagent binnen negen maanden na het overlijden opzeggen met een termijn van vier maanden (artikel 7:438 lid 2 BW).
  • Ontbindende Voorwaarde: Als er in de agentuurovereenkomst een specifieke voorwaarde is opgenomen die leidt tot ontbinding, eindigt de agentuurovereenkomst wanneer aan die voorwaarde is voldaan.

Wat gebeurt er bij faillissement of curatele?

De agentuurafdeling in het Burgerlijk Wetboek noemt faillissement en curatele niet als grond waardoor de overeenkomst vanzelf eindigt. Of het faillissement of de curatele van de wederpartij een dringende reden voor directe opzegging oplevert, hangt af van de omstandigheden van het geval (artikel 7:439 lid 2 BW). In de praktijk ontstaat juist hier veel discussie, omdat partijen de gevolgen van financiële problemen bij de wederpartij verschillend inschatten. Onze advocaten behandelen ook Schadevergoeding vorderen.

Gaat de principaal failliet, dan kunnen de handelsagent en de curator de agentuurovereenkomst opzeggen met de overeengekomen of wettelijke termijn, en in elk geval met een termijn van zes weken (artikel 40 Faillissementswet, dat in lid 3 van overeenkomstige toepassing is verklaard op agentuurovereenkomsten).

2. Beëindiging door opzegging van de agentuurovereenkomst

Zowel agentuurovereenkomsten van onbepaalde duur als die met een tussentijds opzeggingsrecht kunnen door beide partijen worden beëindigd, mits de opzegtermijn in acht wordt genomen.

  • Wettelijke opzegtermijn van een agentuurovereenkomst: Bij afwezigheid van een specifieke termijn in de agentuurovereenkomst, is de wettelijke opzegtermijn van toepassing. Deze varieert afhankelijk van de duur van de overeenkomst.
  • Contractuele opzegtermijn: partijen spreken vaak zelf een termijn af. Die mag korter zijn dan de wettelijke termijn, maar niet korter dan een maand in het eerste jaar, twee maanden in het tweede jaar en drie maanden daarna. Spreken partijen langere termijnen af, dan mag de termijn voor de principaal niet korter zijn dan die voor de handelsagent (artikel 7:437 lid 2 BW).

3. Directe beëindiging agentuurovereenkomst om dringende redenen

Bij een dringende reden mag je de agentuurovereenkomst direct beëindigen, zonder opzegtermijn (artikel 7:439 BW). Een dringende reden is een omstandigheid van zodanige aard dat van de partij die de overeenkomst beëindigt, redelijkerwijs niet kan worden gevergd de overeenkomst, zelfs tijdelijk, in stand te laten (artikel 7:439 lid 2 BW). Denk aan het aannemen van steekpenningen of het werken voor een concurrent in strijd met een concurrentiebeding; of iets een dringende reden is, beoordeelt de rechter per geval. Beëindig je zonder dringende reden en zonder de opzegtermijn in acht te nemen, dan ben je schadeplichtig (artikel 7:439 lid 1 BW). Een beding dat één partij laat beslissen of er een dringende reden is, is nietig (artikel 7:439 lid 4 BW).

Onverwijlde mededeling aan de wederpartij bij opzegging agentuur

Belangrijk is dat de partij die de agentuurovereenkomst op grond van dringende redenen wil beëindigen, de dringende reden onverwijld aan de wederpartij moet mededelen. Dit houdt in dat er geen onnodige vertraging mag zijn bij het informeren van de andere partij over de reden voor de beëindiging.

Aansprakelijkheid bij verwijtbaarheid onder agentuurcontract

Berust de dringende reden op omstandigheden waarvoor de wederpartij een verwijt treft, dan is die wederpartij schadeplichtig (artikel 7:439 lid 3 BW). Dit benadrukt het belang van een zorgvuldige afweging voordat een agentuurovereenkomst op deze grond wordt beëindigd.

Kortom, het opzeggen van een agentuurovereenkomst zonder inachtneming van de opzegtermijn is mogelijk in het geval van dringende redenen. Deze redenen moeten van ernstige aard zijn, vergelijkbaar met ontslag op staande voet in het arbeidsrecht. Het is belangrijk dat de dringende reden onverwijld aan de wederpartij wordt medegedeeld. Treft de andere partij een verwijt voor de dringende reden, dan is zij schadeplichtig. Het begrijpen van deze juridische aspecten is van groot belang voor partijen die betrokken zijn bij agentuurovereenkomsten in Nederland.

4. Gerechtelijke ontbinding van een agentuurovereenkomst

Elke partij kan de kantonrechter verzoeken de agentuurovereenkomst te ontbinden (artikel 7:440 BW). Dat kan op grond van omstandigheden die een dringende reden opleveren, of op grond van een verandering in de omstandigheden die zo ingrijpend is dat de billijkheid eist dat de overeenkomst direct of na korte tijd eindigt (artikel 7:440 lid 1 BW). Treft de verweerder een verwijt voor de dringende reden, dan is hij schadeplichtig (lid 2). Bij ontbinding wegens veranderde omstandigheden kan de rechter een vergoeding toekennen (lid 3). De rechter bepaalt op welk tijdstip de overeenkomst eindigt (lid 5).

Wanneer vorder je schadevergoeding bij einde agentuur?

Bij beëindiging zonder opzegtermijn en zonder dringende reden is de beëindigende partij schadeplichtig. De vergoeding is de beloning over de tijd dat de overeenkomst bij regelmatige beëindiging had moeten voortduren; de rechter mag dat bedrag verminderen als het hem te hoog voorkomt (artikel 7:441 lid 1 en 2 BW). In plaats daarvan kun je je werkelijke schade vorderen (artikel 7:441 lid 3 BW).

Een advocaat contractenrecht kan je adviseren over de vraag in welke mate schade kan worden gevorderd. Ook kun je met een advocaat afstemmen hoe je een procedure opstart en voor welke gerechtelijke instantie.

Welke opzeggingsmogelijkheden heb je als principaal of agent?

Het opzeggen van een agentuurovereenkomst kan op verschillende manieren plaatsvinden, afhankelijk van de specifieke bepalingen in het contract en de toepasselijke wet- en regelgeving. Hier zijn enkele opzeggingsmogelijkheden die je kunt overwegen:

  1. Contractuele opzegging: Controleer de bepalingen in de agentuurovereenkomst met betrekking tot opzegging. Vaak worden hierin de voorwaarden en procedures beschreven die moeten worden gevolgd bij opzegging.
  2. Wettelijke opzegging: In sommige gevallen voorziet de wet in specifieke opzeggingsgronden en -termijnen voor agentuurovereenkomsten. Het is belangrijk om te controleren of deze van toepassing zijn op je situatie.

Welke wettelijke opzegtermijn geldt?

Volgens artikel 7:437 BW mag elke partij een agentuurovereenkomst voor onbepaalde tijd (of voor bepaalde tijd met een tussentijdse opzegmogelijkheid) opzeggen met de afgesproken opzegtermijn. Is niets afgesproken, dan is de termijn vier maanden, vermeerderd met een maand na drie jaar looptijd en met twee maanden na zes jaar. Zonder afspraak is de opzegtermijn dus vier, vijf of zes maanden. Een afgesproken termijn mag niet korter zijn dan een, twee of drie maanden (artikel 7:437 lid 2 BW). De opzegging moet plaatsvinden tegen het einde van een kalendermaand (artikel 7:437 lid 3 BW).

Wat kost een onregelmatige opzegging?

Indien de toepasselijke opzegtermijn niet correct wordt gehanteerd en er geen sprake is van een dringende reden, is de partij die de overeenkomst beëindigt schadeplichtig. De schadevergoeding kan op twee manieren worden berekend:

  1. De vaste vergoeding: een bedrag gelijk aan de beloning over de tijd dat de overeenkomst bij regelmatige beëindiging had moeten voortduren. Daarbij wordt rekening gehouden met de provisie die in de voorafgaande tijd is verdiend en met alle andere relevante factoren (artikel 7:441 lid 1 BW). De rechter mag dit bedrag verminderen als het hem te hoog voorkomt, niet verhogen (artikel 7:441 lid 2 BW).
  2. Als alternatief kan de benadeelde partij, meestal de handelsagent, volledige vergoeding van de werkelijk geleden schade vorderen (artikel 7:441 lid 3 BW). Anders dan bij de vaste vergoeding rust dan de bewijslast voor de omvang van de schade bij de benadeelde. Dat is doorgaans lastiger en loont vooral als de schade duidelijk hoger is dan de vaste vergoeding en goed te bewijzen is.

Wacht niet te lang. Rechtsvorderingen op grond van de artikelen 7:439 en 7:440 BW verjaren door verloop van één jaar na het feit dat de vordering deed ontstaan (artikel 7:444 BW). Stuit je de verjaring niet op tijd, bijvoorbeeld met een schriftelijke aanmaning (artikel 3:317 BW), dan kan de wederpartij zich na die termijn op verjaring beroepen.

Wat gebeurt er met het concurrentiebeding?

Veel agentuurovereenkomsten bevatten een concurrentie- en/of relatiebeding: een beding dat de handelsagent beperkt om na het einde van de overeenkomst voor een concurrent of voor klanten van de principaal te werken. Zo’n beding is alleen geldig als het op schrift staat en betrekking heeft op het soort goederen of diensten waarvoor de handelsagent optrad en op het gebied, of de klantenkring en het gebied, dat hem was toevertrouwd (artikel 7:443 lid 1 BW). Het geldt ten hoogste twee jaar na het einde van de overeenkomst (lid 2). Ook hierover wordt tamelijk vaak geprocedeerd bij de rechter.

De principaal kan geen rechten aan het beding ontlenen als hij de overeenkomst zonder toestemming van de handelsagent heeft beëindigd zonder de opzegtermijn in acht te nemen en zonder dringende, onverwijld meegedeelde reden. Hetzelfde geldt als de handelsagent heeft opgezegd om een dringende reden die de principaal te verwijten is, of als de rechter de overeenkomst heeft ontbonden om omstandigheden die de principaal te verwijten zijn (artikel 7:443 lid 3 BW). Daarnaast kan de handelsagent de rechter vragen het beding geheel of gedeeltelijk teniet te doen als hij, in verhouding tot het te beschermen belang van de principaal, door het beding onbillijk wordt benadeeld (artikel 7:443 lid 4 BW).

Welke rechten en verplichtingen heb je bij opzegging?

Bij het opzeggen van een agentuurovereenkomst moeten zowel de principaal als de handelsagent rekening houden met hun wederzijdse rechten en verplichtingen. Enkele belangrijke aspecten om te overwegen zijn:

  1. Opzegtermijn: Controleer de overeenkomst en de toepasselijke wetgeving om te bepalen welke opzegtermijn van toepassing is.
  2. Vergoedingen en provisies: Onder bepaalde omstandigheden kan de handelsagent recht hebben op een vergoeding of provisie na de beëindiging van de overeenkomst. Het is belangrijk om de voorwaarden hiervoor te kennen en te bepalen of deze van toepassing zijn.
  3. Klantenvergoeding: de handelsagent kan recht hebben op een vergoeding voor klanten die hij heeft aangebracht of voor een aanmerkelijke uitbreiding van de omzet met bestaande klanten (artikel 7:442 BW). Vóór het einde van de overeenkomst kan hiervan niet ten nadele van de handelsagent worden afgeweken (artikel 7:445 lid 2 BW).
  4. Vertrouwelijke informatie: Zorg ervoor dat er afspraken worden gemaakt over de vertrouwelijke informatie die tijdens de samenwerking is uitgewisseld en hoe hiermee na de beëindiging van de overeenkomst wordt omgegaan.

Wanneer is een principaal goodwill verschuldigd aan een handelsagent?

Een principaal kan een goodwillvergoeding (ook wel klantenvergoeding genoemd) verschuldigd zijn aan een handelsagent bij het opzeggen van een agentuurovereenkomst, zelfs als de opzegtermijn correct is nageleefd.

De klantenvergoeding komt de handelsagent toe voor zover hij nieuwe klanten heeft aangebracht of de overeenkomsten met bestaande klanten aanmerkelijk heeft uitgebreid, de principaal daar nog aanzienlijke voordelen van heeft, en betaling billijk is, in het bijzonder gelet op de provisie die de handelsagent op deze klanten misloopt (artikel 7:442 lid 1 BW).

Voorwaarden voor goodwillvergoeding onder agentuur

De handelsagent heeft recht op een goodwillvergoeding bij beëindiging van de agentuurovereenkomst indien:

  • De handelsagent nieuwe klanten heeft aangebracht aan de principaal
  • Of de handelsagent de transacties met bestaande klanten aanzienlijk heeft uitgebreid
  • En de principaal nog aanzienlijke voordelen geniet uit de transacties met deze klanten na beëindiging van de overeenkomst
  • En betaling van de vergoeding billijk is, gelet op alle omstandigheden en in het bijzonder op de provisie die de handelsagent op deze klanten misloopt

Hoogte van de goodwillvergoeding

De klantenvergoeding is niet hoger dan de beloning van één jaar (artikel 7:442 lid 2 BW). Die jaarbeloning wordt berekend:

  • Bij een overeenkomst langer dan 5 jaar wordt het gemiddelde van de laatste 5 jaar genomen
  • Bij een kortere overeenkomst wordt het gemiddelde over de volledige duur genomen

De handelsagent moet de principaal uiterlijk een jaar na het einde van de agentuurovereenkomst laten weten dat hij een klantenvergoeding wil; anders vervalt dit recht (artikel 7:442 lid 3 BW). Geen vergoeding is verschuldigd als de principaal heeft opgezegd om een dringende reden die de handelsagent te verwijten is, als de handelsagent zelf heeft opgezegd (tenzij dat gerechtvaardigd is door omstandigheden die de principaal kunnen worden toegerekend, of door leeftijd, invaliditeit of ziekte), of als de handelsagent zijn positie in overleg met de principaal aan een derde heeft overgedragen (artikel 7:442 lid 4 BW).

Hoe beslecht je een geschil over een agentuurovereenkomst?

Bij MAAK Advocaten bieden we niet alleen advies over agentuurovereenkomsten. We zijn ook bedreven in het procederen bij een geschil over een agentuurovereenkomst. Onze betrokkenheid, efficiënte communicatie en concurrerende prijzen zorgen ervoor dat onze cliënten altijd de beste service en begeleiding ontvangen.

Bij het opzeggen van een agentuurovereenkomst is het raadzaam om juridisch advies in te winnen om ervoor te zorgen dat je aan alle wettelijke vereisten voldoet en je belangen worden beschermd. Doe je dat niet, dan is dat een voedingsbodem voor een geschil, of zelfs een civiele procedure bij de rechter. Een advocaat met expertise op het gebied van commercieel contractenrecht kan je helpen bij het beoordelen van de overeenkomst, het bepalen van de opzegmogelijkheden en het adviseren over de juiste stappen die je moet nemen.

Wanneer geldt een arbitrage- of forumbeding?

Partijen kunnen afspreken dat geschillen over de agentuurovereenkomst naar arbitrage of naar een bepaalde rechter gaan. Spreken partijen geen arbitrage af, dan behandelt de kantonrechter zaken over een agentuurovereenkomst, ongeacht de hoogte van de vordering; een forumbeding bepaalt alleen bij welke rechtbank dat gebeurt (artikel 93 onder c Rv). Naast de rechter van de woonplaats van de gedaagde is ook de rechter bevoegd van de plaats waar de handelsagent gewoonlijk werkt of laatstelijk werkte (artikel 100 Rv). De wettelijke bescherming tegen een forumbeding voor een buitenlandse rechter geldt voor werknemers en consumenten, niet uitdrukkelijk voor handelsagenten (artikel 8 lid 3 Rv). Laat bij een internationale agentuur daarom vooraf beoordelen welke rechter en welk recht van toepassing zijn.

Veelgestelde vragen over het opzeggen van een agentuurovereenkomst

Hoe lang is de opzegtermijn van een agentuurovereenkomst?

Is niets afgesproken, dan is de opzegtermijn vier maanden, na drie jaar vijf maanden en na zes jaar zes maanden (artikel 7:437 lid 1 BW). Een afgesproken termijn mag niet korter zijn dan een maand in het eerste jaar, twee maanden in het tweede jaar en drie maanden daarna, en, als partijen langere termijnen afspreken, voor de principaal niet korter dan voor de handelsagent (lid 2). Opzeggen gebeurt tegen het einde van een kalendermaand (lid 3).

Wat als de principaal de agentuurovereenkomst te kort opzegt?

Dan is de principaal in beginsel schadeplichtig, tenzij er een dringende, onverwijld meegedeelde reden was of de handelsagent instemde (artikel 7:439 lid 1 BW). De handelsagent kan een vaste vergoeding vorderen, gelijk aan de beloning over de resterende opzegtermijn, die de rechter kan verminderen, of zijn werkelijke schade als hij die kan bewijzen (artikel 7:441 BW).

Heeft een handelsagent na opzegging recht op een klantenvergoeding?

Ja, als hij nieuwe klanten heeft aangebracht of de omzet met bestaande klanten aanmerkelijk heeft uitgebreid, de principaal daar nog aanzienlijke voordelen van heeft en betaling billijk is (artikel 7:442 lid 1 BW). De vergoeding is ten hoogste één jaarbeloning (lid 2). Zij is niet verschuldigd in de gevallen van lid 4, bijvoorbeeld als de handelsagent zelf zonder rechtvaardiging opzegt.

Binnen welke termijn moet ik een vergoeding vorderen?

Vorderingen op grond van de artikelen 7:439 en 7:440 BW, zoals schadevergoeding bij onregelmatige opzegging, verjaren één jaar na het feit waaruit de vordering ontstond (artikel 7:444 BW). Voor de klantenvergoeding moet de handelsagent uiterlijk een jaar na het einde van de overeenkomst melden dat hij die wil, anders vervalt het recht (artikel 7:442 lid 3 BW).

Geldt het concurrentiebeding na het einde van de agentuurovereenkomst?

Alleen als het op schrift staat, beperkt is tot het soort goederen of diensten en het gebied of de klantenkring van de handelsagent, en voor ten hoogste twee jaar (artikel 7:443 lid 1 en 2 BW). Heeft de principaal onregelmatig opgezegd, dan kan hij er geen rechten aan ontlenen (lid 3). De rechter kan het beding op verzoek van de handelsagent matigen (lid 4).

Primaire bronnen

Wanneer schakel je een advocaat in bij opzegging?

Wanneer je advies wilt inwinnen over de opzegging van een agentuurovereenkomst, dan biedt ons kantoor daartoe mogelijkheden en kun je contact opnemen met onze advocaat gespecialiseerd in agentuur. Wij zijn in heel Nederland actief en bieden ook support bij internationale vraagstukken.

Ons team van advocaten staat je hierin graag bij. Onze advocaat commercial law Remko Roosjen geeft leiding aan dit team en we horen graag hoe we je het beste kunnen ondersteunen. Ben je op zoek naar andere praktijkgebieden, dan kunnen onze advocaten in Amsterdam je mogelijk ook ondersteunen, of aan een geschikte partner doorverwijzen. Je belang staat bij ons te allen tijde voorop en we zoeken graag naar praktische oplossingen en snel resultaat. Neem contact op met onze advocaat contractenrecht in Amsterdam en ontdek je mogelijkheden. Zie in dit verband ook Advocatenkantoor Verbintenissenrecht.

Blijf op de hoogte van onze nieuwsberichten en events
Over welke onderwerpen wil je updates ontvangen?
In welke branche of sector ben je actief? (optioneel)

Waar ben je naar op zoek?