Wat zijn onvoorziene omstandigheden?

Gepubliceerd · bijgewerkt

Onvoorziene omstandigheden zijn omstandigheden die bij het sluiten van een overeenkomst nog in de toekomst lagen en die partijen niet in hun afspraken hebben verdisconteerd. De rechter kan de overeenkomst dan wijzigen of ontbinden, maar alleen als de wederpartij naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet mag verwachten dat de overeenkomst ongewijzigd blijft (artikel 6:258 lid 1 BW). Rechters zijn daarin terughoudend.

Het Nederlandse contractenrecht kent een stevige uitgangspositie: afspraken zijn bindend. Dit principe, juridisch aangeduid als pacta sunt servanda, betekent dat contractuele verplichtingen gerespecteerd moeten worden. Echter, wanneer zich tijdens de looptijd van een overeenkomst zodanig extreme wijzigingen voordoen dat vasthouden aan de oorspronkelijke afspraken onredelijk wordt, biedt artikel 6:258 BW een uitzondering.

Wanneer spreken juristen van onvoorziene omstandigheden?

De Hoge Raad omschrijft een onvoorziene omstandigheid als een omstandigheid die bij het sluiten van de overeenkomst nog in de toekomst lag en die partijen daarin niet hebben verdisconteerd. Of dat zo is, stel je vast door de overeenkomst uit te leggen (HR 24 december 2021, ECLI:NL:HR:2021:1974, rov. 3.2.3). Dat een ontwikkeling voorzienbaar was, is dus niet zonder meer beslissend. Het gaat erom of partijen er in hun afspraken rekening mee hebben gehouden.

Schuldeisers en schuldenaren kunnen beiden een beroep doen op deze regeling. Daarom biedt deze wettelijke bepaling meer flexibiliteit dan andere juridische instrumenten zoals opschorting of ontbinding. De rechter krijgt ruimte om de overeenkomst aan te passen in plaats van direct over te gaan tot volledige ontbinding, hetgeen voor beide contractspartijen voordelig kan zijn.

Welke voorwaarden moet je vervullen?

Artikel 6:258 BW stelt drie cumulatieve eisen:

  1. Gewijzigde omstandigheden: De situatie moet anders zijn dan bij contractsluiting
  2. Niet verdisconteerd: partijen hebben in hun overeenkomst geen rekening gehouden met deze omstandigheid
  3. Ongewijzigde instandhouding kan niet worden verwacht: de wederpartij mag naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet verwachten dat de overeenkomst ongewijzigd blijft

Belangrijke nuance: rechters treden terughoudend op. Redelijkheid en billijkheid verlangen in de eerste plaats trouw aan het gegeven woord en laten afwijking daarvan slechts bij hoge uitzondering toe. De rechter moet daarom terughoudend zijn met het aanvaarden van een beroep op onvoorziene omstandigheden (HR 20 februari 1998, ECLI:NL:HR:1998:ZC2587, Briljant Schreuders/ABP). Bovendien wijzigt of ontbindt de rechter niet voor zover de omstandigheden krachtens de aard van de overeenkomst of de verkeersopvattingen voor rekening komen van degene die zich erop beroept (artikel 6:258 lid 2 BW).

Hoe ziet de juridische praktijk eruit?

Prijsstijgingen: lange tijd ondernemersrisico

De rechtspraak toonde jarenlang grote terughoudendheid. Prijsstijgingen en schommelingen op grondstoffenmarkten golden doorgaans als ondernemersrisico. Omstandigheden die krachtens de aard van de overeenkomst of de verkeersopvattingen voor rekening komen van degene die zich erop beroept, leiden niet tot wijziging of ontbinding (artikel 6:258 lid 2 BW).

Wil je zekerheid over je juridische positie bij extreme prijsstijgingen of marktschommelingen? Onze gespecialiseerde advocaten in Amsterdam analyseren je situatie en adviseren over de beste strategie binnen het Nederlandse contractenrecht.

Coronapandemie: keerpunt in rechtspraak

De COVID-19-pandemie markeerde een duidelijke breuk. Rechters erkenden al snel dat wereldwijde lockdowns en overheidsmaatregelen kwalificeerden als onvoorziene omstandigheden. In veel coronagerelateerde gevallen die bij rechtbanken belandden, kregen partijen gehoor. Vooral huurders van winkelpanden die door verplichte sluiting hun deuren niet konden openen, verwierven aanspraak op huurprijsvermindering.

De Hoge Raad bevestigde eind 2021 deze lijn voor huurders van winkel- en horecaruimte (290-bedrijfsruimte). Kon de huurder het gehuurde door coronamaatregelen niet of nauwelijks exploiteren, dan is dat bij een huurovereenkomst gesloten vóór 15 maart 2020 in beginsel een onvoorziene omstandigheid. De rechter kan de huur dan verminderen, waarbij het nadeel in beginsel gelijk over huurder en verhuurder wordt verdeeld. Voor later gesloten overeenkomsten moet per geval worden beoordeeld of sprake is van een onvoorziene omstandigheid (HR 24 december 2021, ECLI:NL:HR:2021:1974).

Wat betekent de oorlog in Oekraïne voor contracten?

Recente rechtspraak toont verschuiving

Sinds begin 2022 ontstond opnieuw discussie over de grenzen van onvoorziene omstandigheden. De oorlog in Oekraïne, torenhoge inflatie, de energiecrisis en wereldwijde prijsstijgingen dwongen rechters tot heroverweging. Meerdere uitspraken van lagere rechters wijzen op een mogelijke koerswijziging.

Belangrijke ontwikkelingen per sector:

  • Energielevering: de voorzieningenrechter in Rotterdam wees op 13 oktober 2022 een vordering tot nakoming van leveringsovereenkomsten voor restwarmte af. De gasprijs was in ruim een jaar meer dan vertienvoudigd door de Europese energiecrisis. Volgens de rechter viel niet uit te sluiten dat de bodemrechter die extreem hoge gasprijs als onvoorziene omstandigheid zou aanmerken (ECLI:NL:RBROT:2022:8502).
  • Gemeentelijke contracten: De Rechtbank Noord-Holland stelde op 16 december 2022 vast dat gevolgen van de COVID-pandemie én de oorlog in Oekraïne samen ontegenzeggelijk onvoorziene omstandigheden vormen, met name door explosief gestegen kosten voor bouwmaterialen en energie (ECLI:NL:RBNHO:2022:11110).

Welke factoren wegen rechters mee?

Er bestaat geen vaste drempel of vast percentage. In de genoemde uitspraken kijken rechters onder meer naar:

  1. de omvang van de kostenstijging en of die de normaal te verwachten prijsstijging en indexering overstijgt;
  2. de oorzaak, zoals een oorlog, een energiecrisis of een pandemie;
  3. wat partijen in de overeenkomst over prijsrisico’s hebben afgesproken, bijvoorbeeld een indexerings- of hardheidsclausule;
  4. de gevolgen voor de partij die zich op de omstandigheden beroept.

Een voorbeeld: in december 2018 sloten een gemeente en een bouwer van tijdelijke woningen een raamovereenkomst. Door de coronapandemie en de oorlog in Oekraïne stegen de kosten voor bouwmaterialen en energie explosief. De voorzieningenrechter wees de vordering van de gemeente tot nakoming toe, maar bepaalde als ordemaatregel dat partijen de aantoonbare excessieve kostenstijging voor gelijke delen dragen, totdat in een bodemprocedure anders wordt geoordeeld (Rb. Noord-Holland 16 december 2022).

Kan je bedrijf zich beroepen op deze regeling?

Drempel blijft hoog ondanks recente uitspraken

Hoewel enkele lagere rechters recent toegeeflijker lijken, blijft de juridische lat hoog liggen. De uitspraken over de prijsstijgingen sinds 2022 die op deze pagina staan, zijn voorlopige oordelen van voorzieningenrechters in kort geding. Zo’n voorlopig oordeel bindt de rechter in een bodemprocedure niet (artikel 257 Rv).

Belangrijke beperkingen:

  • Artikel 6:258 lid 2 BW sluit wijziging of ontbinding uit voor zover de omstandigheden krachtens de aard van de overeenkomst of de verkeersopvattingen voor rekening komen van degene die zich erop beroept
  • Algemene ondernemersrisico’s zoals marktfluctuaties vallen hier normaal onder
  • Slechte bedrijfsresultaten rechtvaardigen doorgaans geen contractwijziging

Hoe beperk je risico’s in nieuwe contracten?

Voorzieningen treffen: noodzakelijk vanaf 2023

Voor overeenkomsten gesloten na de eerste coronagolf en zeker na februari 2022 geldt een nieuwe realiteit. De huidige geopolitieke ontwikkelingen zijn inmiddels algemeen bekend. Rechters zullen daarom bij nieuwe contracten nog terughoudender zijn met het honoreren van een beroep op onvoorziene omstandigheden.

Praktische contractclausules die helpen:

  • Prijsindexeringsclausules: Koppel prijzen aan CBS-indexcijfers of specifieke grondstofprijzen
  • Hardshipclausules: Definieer concrete drempelwaarden (bijvoorbeeld 25% prijsstijging binnen zes maanden)
  • Heronderhandelingsplicht: Leg vast dat partijen bij extreme ontwikkelingen te goeder trouw overleggen
  • Gefaseerde betalingen: Verdeel grote projecten in deelleveringen met prijsaanpassingsmomenten

Belangrijke kanttekening: je kunt artikel 6:258 BW niet contractueel uitsluiten. Deze wettelijke bepaling is van dwingend recht. Wel voorkom je dat bepaalde scenario’s als ‘onvoorzien’ gelden door ze expliciet in het contract op te nemen.

Neem contact op met ons advocatenkantoor in Amsterdam voor persoonlijk juridisch advies over je specifieke contractuele situatie. Wij helpen je met het opstellen van solide overeenkomsten die rekening houden met de huidige economische volatiliteit.

Wat zijn de procedurele aspecten?

Vordering bij de rechter: stappenplan

Een partij die zich beroept op onvoorziene omstandigheden moet actief naar de rechter stappen. De procedure verloopt als volgt:

  1. Dagvaarding uitbrengen: in de regel bij de rechter van de woonplaats van de gedaagde (artikel 99 Rv). Gaat het om ten hoogste € 25.000 of om bijvoorbeeld huur of een arbeidsovereenkomst, dan is de kantonrechter bevoegd (artikel 93 Rv). Word je zelf gedagvaard, dan kun je de vordering ook als tegeneis instellen (artikel 136 Rv)
  2. Onderbouwen wijziging: Aannemelijk maken dat omstandigheden onvoorzien waren én extreem zijn
  3. Alternatieven presenteren: Rechters prefereren aanpassing boven volledige ontbinding
  4. Griffierecht betalen: de hoogte hangt af van de waarde van je vordering, van de rechter (kantonrechter of rechtbank) en van de vraag of je een natuurlijk persoon of een rechtspersoon bent (Wet griffierechten burgerlijke zaken)

De rechter kan drie beslissingen nemen:

  • Wijziging: Aanpassing van specifieke contractvoorwaarden (bijvoorbeeld prijzen, termijnen)
  • Gedeeltelijke ontbinding: Bepaalde verplichtingen vervallen
  • Volledige ontbinding: het contract eindigt. De rechter kan aan een wijziging of ontbinding terugwerkende kracht verlenen (artikel 6:258 lid 1 BW)

Voorzieningenrechters hanteren in kortgedingprocedures vaak een voorlopige regeling. In veel van deze gevallen volgt nog een bodemprocedure waarin definitief uitsluitsel komt.

Welke rol speelt redelijkheid en billijkheid?

Algemene beginselen beheersen overeenkomst

Redelijkheid en billijkheid vullen een overeenkomst aan (artikel 6:248 lid 1 BW). Ze kunnen ook een afspraak opzijzetten als toepassing daarvan in de gegeven omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn (artikel 6:248 lid 2 BW). De regeling van onvoorziene omstandigheden is een specifieke uitwerking van dit beginsel. De Hoge Raad noemt beide bepalingen naast elkaar als mogelijke grondslag (HR 24 december 2021, rov. 3.5.3). Niet elke onvoorziene situatie rechtvaardigt echter een aanpassing.

Een belangrijke aanwijzing is of de waardeverhouding tussen prestatie en tegenprestatie in ernstige mate is verstoord (HR 24 december 2021, rov. 3.2.5). Ook dan blijft de maatstaf streng: afwijking van het gegeven woord is alleen bij hoge uitzondering mogelijk (HR 20 februari 1998, rov. 4.3.2).

Hoe verhouden onvoorziene omstandigheden zich tot overmacht?

Onderscheid tussen twee juridische instrumenten

Hoewel beide begrippen extreme situaties betreffen, verschillen ze wezenlijk:

Overmacht (artikel 6:75 BW):

  • Tekortkoming niet toerekenbaar aan schuldenaar
  • Bevrijdt van schadevergoedingsplicht
  • Kan tijdelijk of permanent zijn
  • Hoeft niet ‘onvoorzien’ te zijn

Onvoorziene omstandigheden (artikel 6:258 BW):

  • Omstandigheden lagen bij contractsluiting in de toekomst
  • Leidt tot contractaanpassing of ontbinding
  • Vereist rechterlijk ingrijpen
  • Beperkt beroep op overmacht soms

Overmacht bevrijdt de schuldenaar van de plicht om schadevergoeding te betalen (artikel 6:74 lid 1 BW), maar niet automatisch van de overeenkomst. De wederpartij kan bij iedere tekortkoming, ook een niet-toerekenbare, de overeenkomst ontbinden (artikel 6:265 lid 1 BW). Artikel 6:258 BW geeft de rechter juist ruimte voor maatwerk, zoals een aangepaste prijs. Een beroep op overmacht kan falen terwijl een beroep op onvoorziene omstandigheden wel kans maakt, zoals in de Rotterdamse restwarmtezaak (ECLI:NL:RBROT:2022:8502).

Wat verwachten advocaten voor de toekomst?

Juridische onzekerheid blijft voorlopig bestaan

De recente uitspraken van lagere rechters creëren een spannende juridische situatie. Voorheen gold dat prijsstijgingen en economische crises tot het ondernemersrisico behoren. Nu erkennen sommige rechters dat extreme geopolitieke ontwikkelingen deze grens overschrijden.

Kritische kanttekeningen:

  • De genoemde uitspraken zijn kortgedingvonnissen, geen uitspraken in een bodemprocedure
  • Internationaal zijn ontwikkelingen bekend sinds begin 2022

Voor contracten gesloten ná februari 2022 ligt een geslaagd beroep op onvoorziene omstandigheden minder voor de hand. De vraag is of partijen deze risico’s in hun overeenkomst hebben verdisconteerd. Dat moet per geval worden beoordeeld en volgt uit de uitleg van de overeenkomst (HR 24 december 2021, rov. 3.2.3).

Aanbevelingen voor ondernemers in Nederland

  1. Documenteer zorgvuldig: Leg vast welke informatie je had bij contractsluiting
  2. Handhaaf communicatie: Overleg tijdig met je wederpartij bij problemen
  3. Zoek juridisch advies: Laat je positie analyseren voordat je procedures start
  4. Heronderhandel proactief: Vaak leidt gezamenlijk overleg tot betere resultaten dan juridische procedures

Griffierechten, advocaatkosten en procesrisico’s maken een procedure tot een kostbare route. In veel gevallen komen partijen tijdens de procedure alsnog tot een minnelijke regeling.

Veelgestelde vragen over onvoorziene omstandigheden

Wat zijn onvoorziene omstandigheden in het contractenrecht?

Omstandigheden die bij het sluiten van de overeenkomst nog in de toekomst lagen en die partijen niet in hun overeenkomst hebben verdisconteerd. Of dat zo is, volgt uit de uitleg van de overeenkomst (HR 24 december 2021, ECLI:NL:HR:2021:1974, rov. 3.2.3).

Kan ik een contract zelf aanpassen wegens onvoorziene omstandigheden?

Nee. Alleen de rechter kan op vordering van een van de partijen de overeenkomst wijzigen of ontbinden (artikel 6:258 lid 1 BW). Je kunt wel met je wederpartij overleggen over een aanpassing; komen jullie er niet uit, dan beslist de rechter.

Wat is het verschil tussen onvoorziene omstandigheden en overmacht?

Overmacht (artikel 6:75 BW) betekent dat een tekortkoming je niet kan worden toegerekend, zodat je geen schadevergoeding verschuldigd bent. Bij onvoorziene omstandigheden (artikel 6:258 BW) past de rechter de overeenkomst zelf aan of ontbindt hij haar.

Geldt de coronapandemie als onvoorziene omstandigheid?

Voor huurders van winkel- en horecaruimte met een huurovereenkomst van vóór 15 maart 2020 in beginsel wel, als zij door coronamaatregelen het gehuurde niet of nauwelijks konden exploiteren. Voor later gesloten overeenkomsten wordt dat per geval beoordeeld (HR 24 december 2021, ECLI:NL:HR:2021:1974).

Kan de rechter een wijziging met terugwerkende kracht toepassen?

Ja. Aan een wijziging of ontbinding op grond van onvoorziene omstandigheden kan de rechter terugwerkende kracht verlenen (artikel 6:258 lid 1 BW).

Primaire bronnen

Advocaten gespecialiseerd in contractenrecht

Onze advocaten in Amsterdam beschikken over uitgebreide expertise in Nederlands contractenrecht en hebben expertise bij onvoorziene omstandigheden.

Blijf op de hoogte van onze nieuwsberichten en events
Over welke onderwerpen wil je updates ontvangen?
In welke branche of sector ben je actief? (optioneel)

Waar ben je naar op zoek?