Met een 403-verklaring stelt de moedermaatschappij zich hoofdelijk aansprakelijk voor alle schulden uit rechtshandelingen van een dochter. Samen met de andere voorwaarden van artikel 2:403 BW levert dat de groepsvrijstelling op: de dochter hoeft haar jaarrekening dan niet volgens de gewone regels in te richten en niet te publiceren. Intrekken kan altijd, maar de aansprakelijkheid voor oude schulden eindigt pas na een aparte procedure.
Deze uitleg hoort bij het ondernemingsrecht en is geschreven voor drie lezers: de groep die een 403-verklaring afgeeft, de koper of verkoper van een dochter, en de schuldeiser die met een dochter zaken doet.
Wat is een 403-verklaring?
Een 403-verklaring is een schriftelijke verklaring waarin de consoliderende rechtspersoon of vennootschap, meestal de moedermaatschappij, zich hoofdelijk aansprakelijk stelt voor de schulden uit rechtshandelingen van een groepsmaatschappij (artikel 2:403 lid 1 onder f BW). Zij is de sleutel tot de groepsvrijstelling, ook wel 403-vrijstelling.
Een groep is een economische eenheid waarin rechtspersonen en vennootschappen organisatorisch zijn verbonden (artikel 2:24b BW). Voldoet de groep aan de voorwaarden, dan hoeft de dochter haar jaarrekening niet volgens titel 9 van Boek 2 in te richten, en gelden de regels over het bestuursverslag, de accountantscontrole en de openbaarmaking (artikelen 2:391 tot en met 2:394 BW) niet voor haar (artikel 2:403 lid 3 BW). Zonder vrijstelling deponeert de dochter haar jaarrekening na vaststelling bij het handelsregister (artikel 2:394 BW).
Hoofdelijk aansprakelijk betekent dat de schuldeiser van de dochter ook de moeder voor het hele bedrag kan aanspreken (artikel 6:7 BW). Binnen de groep regel je daarna wie de schuld draagt (artikel 6:10 BW).
Wat zijn de voorwaarden voor de groepsvrijstelling?
De groepsvrijstelling werkt alleen als alle voorwaarden van artikel 2:403 lid 1 BW zijn vervuld. De aansprakelijkheidsverklaring is er één van. De belangrijkste zijn:
- De aandeelhouders van de dochter verklaren na de aanvang van het boekjaar en vóór de vaststelling van de jaarrekening schriftelijk dat zij instemmen (onder b).
- De financiële gegevens van de dochter zijn door een andere rechtspersoon of vennootschap geconsolideerd in een geconsolideerde jaarrekening waarop de Europese jaarrekeningregels van toepassing zijn (onder c).
- Die rechtspersoon of vennootschap verklaart zich schriftelijk hoofdelijk aansprakelijk (onder f).
- De instemming en de aansprakelijkheidsverklaring zijn gedeponeerd bij het handelsregister. De geconsolideerde jaarrekening, de accountantsverklaring en het bestuursverslag volgen binnen zes maanden na de balansdatum of binnen een maand na een geoorloofde latere openbaarmaking. De geconsolideerde jaarrekening is gesteld of vertaald in het Nederlands, Frans, Duits of Engels, de accountantsverklaring en het bestuursverslag in dezelfde taal (onder d, e en g).
Voor de accountant is de 403-verklaring vaak een praktische oplossing. Voor de moeder is het iets anders: een handtekening waarmee zij aansprakelijk wordt voor alle schulden uit rechtshandelingen van die dochter. Ik bespreek daarom drie dingen voordat er iets wordt gedeponeerd. Eén: welke dochters het betreft, en wat die aan contracten, leningen en garanties hebben lopen. Twee: of een van die dochters de komende jaren verkocht of afgebouwd kan worden, want dan wil je weten hoe je er weer vanaf komt. Drie: de formaliteiten. Ontbreekt er één onderdeel, dan werkt de vrijstelling niet. Dat wil je bij de jaarafsluiting weten, niet pas als een schuldeiser erom vraagt.
Voor welke schulden ben je aansprakelijk met een 403-verklaring?
De moeder staat in voor “de uit rechtshandelingen van de rechtspersoon voortvloeiende schulden” (artikel 2:403 lid 1 onder f BW). Dat is ruimer dan veel bestuurders denken: het gaat om schulden uit contracten van de dochter, ook toekomstige, zolang de verklaring loopt.
In de SNS-zaak oordeelde de Ondernemingskamer, voorlopig en in het kader van een verzetprocedure, dat ook een vordering tot schadevergoeding wegens wanprestatie en een voorwaardelijke vordering uit een contractuele garantie onder de 403-verklaring vallen (Hof Amsterdam (OK) 9 december 2015, ECLI:NL:GHAMS:2015:5141, r.o. 3.7, 3.10 en 3.16). Het cassatieberoep werd verworpen; over deze reikwijdte gaf de Hoge Raad geen eigen oordeel (HR 31 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:546).
Spreekt een leverancier van de dochter de moeder aan, dan kijk ik eerst waar de vordering vandaan komt. Komt zij uit een contract met de dochter, dan valt zij in beginsel onder de verklaring. Daarna kijk ik wanneer het contract is gesloten: na een intrekking blijft de moeder alleen aansprakelijk voor schulden uit rechtshandelingen van vóór het moment waarop de intrekking aan die schuldeiser kan worden tegengeworpen. Mijn advies aan de moeder: betwist niet op principe, maar toets de herkomst en de datum. Daar zit meestal de discussie.
Voor andere grondslagen van aansprakelijkheid binnen een groep, zoals onrechtmatige daad, lees je de uitleg over concernaansprakelijkheid. Zonder 403-verklaring geldt de hoofdregel dat een aandeelhouder niet instaat voor de schulden van zijn vennootschap; zie aansprakelijkheid van de aandeelhouder.
403-verklaring of concerngarantie?
Een 403-verklaring dekt niet één contract, maar alle schulden uit rechtshandelingen van de dochter. Een concerngarantie geldt alleen voor de partij en het contract waarvoor zij is afgegeven, en is te begrenzen in bedrag en looptijd. Wil een wederpartij zekerheid van een bank in plaats van de moeder, dan is een bankgarantie het alternatief.
| 403-verklaring | Concerngarantie | |
|---|---|---|
| Voor wie | Alle schuldeisers van de dochter | Eén wederpartij |
| Welke schulden | Alle schulden uit rechtshandelingen | Wat in de garantie staat |
| Begrenzing | Geen bedrag of looptijd | Bedrag en looptijd naar keuze |
| Voordeel | Groepsvrijstelling jaarrekening | Geen vrijstelling |
| Einde | Intrekken en beëindigen (artikel 2:404 BW) | Volgens de tekst van de garantie |
Voor een gezonde dochter die echt bij de kern van de groep hoort, is de 403-verklaring vaak een redelijke prijs voor minder administratie en geen openbare cijfers. Voor een dochter met grote projecten, een onzeker resultaat of een verkoopplan ligt dat anders. Mijn advies: geef de 403-verklaring alleen voor dochters die bij de kern horen en financieel gezond zijn. Laat de andere dochters publiceren en geef, waar een wederpartij zekerheid vraagt, een begrensde concerngarantie. Zo weet je per dochter welk risico de moeder draagt.
Hoe trek je een 403-verklaring in?
Intrekken gaat door een verklaring daartoe te deponeren bij het handelsregister (artikel 2:404 lid 1 BW). Daarmee stopt de aansprakelijkheid voor nieuwe contracten. Voor schulden uit rechtshandelingen van vóór het moment waarop de schuldeiser de intrekking tegen zich moet laten gelden, blijft de moeder aansprakelijk (lid 2).
Die overblijvende aansprakelijkheid eindigt alleen als vier voorwaarden zijn vervuld (artikel 2:404 lid 3 BW):
- de dochter behoort niet meer tot de groep;
- een mededeling van het voornemen tot beëindiging heeft ten minste twee maanden ter inzage gelegen bij het handelsregister;
- er zijn ten minste twee maanden verstreken na de aankondiging in een landelijk verspreid dagblad dat en waar de mededeling ter inzage ligt;
- de schuldeiser heeft niet tijdig verzet gedaan, of zijn verzet is ingetrokken of onherroepelijk ongegrond verklaard.
Bij de verkoop van een dochter wordt dit het vaakst over het hoofd gezien. Dan blijft de verkoper na de closing aansprakelijk voor schulden van een bedrijf dat niet meer van hem is. Ik werk daarom met een vast stappenplan:
- Koopovereenkomst. Zet de intrekking en de beëindiging erin, met een afspraak wie wat doet en wie zekerheid levert als een schuldeiser verzet doet.
- Intrekking. Deponeer de intrekking bij het handelsregister.
- Mededeling en aankondiging. Leg het voornemen tot beëindiging ter inzage en plaats de aankondiging in een landelijk dagblad. Dat kan al rond de closing.
- Termijn. Reken met ten minste twee maanden na de aankondiging voordat de overblijvende aansprakelijkheid eindigt.
Lees bij een verkoop ook over fusies en bedrijfsovernames en de due diligence, het onderzoek vóór een overname.
Wat kun je als schuldeiser doen als de moeder haar 403-verklaring intrekt?
Als schuldeiser kun je tot twee maanden na de aankondiging verzet doen tegen het voornemen tot beëindiging, met een verzoekschrift bij de rechtbank van de woonplaats van de dochter (artikel 2:404 lid 5 BW). Je kunt zekerheid of een andere waarborg verlangen voor je vorderingen waarvoor nog aansprakelijkheid loopt, tenzij je na de beëindiging al voldoende waarborgen hebt (lid 4).
De drempel is laag. Wie met een dochter contracteert, doet dat volgens de Hoge Raad in de regel mede in vertrouwen op de aansprakelijkheid van de moeder, en dat vertrouwen verdient bescherming. Betwist de moeder de vordering, dan verklaart de rechter het verzet gegrond, tenzij en voor zover hij de vordering onmiskenbaar ongegrond acht (HR 31 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:546, r.o. 5.1.5–5.1.6). Gegrond verklaren gebeurt pas nadat een door de rechter bepaalde termijn voor het geven van een waarborg ongebruikt is verstreken (artikel 2:404 lid 6 BW).
Als leverancier of verhuurder heb je misschien juist zaken gedaan met de dochter omdat de moeder achter haar stond. De termijn is kort. Mijn stappen: check direct welke contracten en openstaande bedragen je met de dochter hebt, vraag de moeder of de koper om vervangende zekerheid, en dien binnen de termijn het verzoekschrift in. Mijn advies is om dat verzet altijd tijdig te doen als er nog bedragen of lopende contracten zijn, en tegelijk over zekerheid te praten. Je kunt het verzet intrekken zodra de zekerheid er is.
Wanneer schakel je een advocaat in?
De 403-verklaring zelf is een eenvoudig document; de vragen zitten eromheen. Ik raad aan ons in te schakelen:
- voordat je een verklaring afgeeft voor een dochter met grote risico’s;
- bij elke verkoop of herstructurering van een dochter met een 403-verklaring;
- als schuldeiser, zodra je een intrekking of een voornemen tot beëindiging ziet.
Hoe werkt MAAK Advocaten bij een 403-verklaring?
Wij zetten de afspraken in de koopovereenkomst, regelen de stappen bij het handelsregister met de notaris of de accountant, en voeren het verzet of het verweer daartegen bij de rechtbank. Zo houd jij overzicht over wat de groep draagt, en hoef jij je niet druk te maken over termijnen en formaliteiten.
MAAK Advocaten N.V. in Amsterdam staat moedermaatschappijen, kopers en verkopers van dochters bij, en schuldeisers die een moeder aanspreken of verzet doen. Wij procederen in eerste aanleg en zo nodig in hoger beroep.
Veelgestelde vragen
Wat is een 403-verklaring?
Een 403-verklaring is een verklaring waarin een moedermaatschappij zich hoofdelijk aansprakelijk stelt voor de schulden uit rechtshandelingen van een groepsmaatschappij (artikel 2:403 lid 1 onder f BW). Samen met de andere voorwaarden van dat artikel geeft zij de dochter vrijstelling van de gewone regels voor inrichting en openbaarmaking van de jaarrekening.
Waar vind je een 403-verklaring?
Een 403-verklaring wordt gedeponeerd bij het handelsregister van de Kamer van Koophandel (artikel 2:403 lid 1 onder g BW). Ook een intrekking loopt via een deponering bij het handelsregister (artikel 2:404 lid 1 BW). Een schuldeiser kan daar dus nagaan of er een verklaring ligt en of zij is ingetrokken.
Kun je een 403-verklaring intrekken?
Ja. Je trekt een 403-verklaring in door een verklaring daartoe bij het handelsregister te deponeren (artikel 2:404 lid 1 BW). De aansprakelijkheid voor schulden uit rechtshandelingen van vóór het moment waarop de schuldeiser de intrekking tegen zich moet laten gelden, blijft bestaan (lid 2). Die overblijvende aansprakelijkheid eindigt pas als aan de vier voorwaarden van artikel 2:404 lid 3 BW is voldaan.
Wat is de overblijvende aansprakelijkheid?
De overblijvende aansprakelijkheid is de aansprakelijkheid van de moeder voor schulden uit rechtshandelingen van de dochter die zijn verricht voordat de intrekking aan de schuldeiser kan worden tegengeworpen (artikel 2:404 lid 2 BW). Zij eindigt pas als de dochter niet meer tot de groep behoort en de procedure met mededeling, aankondiging en verzettermijn is doorlopen (artikel 2:404 lid 3 BW).
Hoe lang heeft een schuldeiser om verzet te doen tegen de beëindiging?
Een schuldeiser kan tot twee maanden na de aankondiging in een landelijk verspreid dagblad verzet doen, met een verzoekschrift bij de rechtbank van de woonplaats van de dochter (artikel 2:404 lid 5 BW). De rechter verklaart het verzet pas gegrond nadat een door hem bepaalde termijn om een waarborg te geven ongebruikt is verstreken (artikel 2:404 lid 6 BW).
Primaire bronnen
- Artikel 2:24b BW: begrip groep
- Artikel 2:394 BW: openbaarmaking van de jaarrekening
- Artikel 2:403 BW: groepsvrijstelling en aansprakelijkheidsverklaring
- Artikel 2:404 BW: intrekking, overblijvende aansprakelijkheid en verzet
- Artikel 6:7 BW: hoofdelijke verbondenheid
- Artikel 6:10 BW: draagplicht tussen hoofdelijke schuldenaren
- Hof Amsterdam (Ondernemingskamer) 9 december 2015, ECLI:NL:GHAMS:2015:5141: reikwijdte van de 403-verklaring in de verzetprocedure (voorlopig oordeel)
- Hoge Raad 31 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:546: maatstaf bij verzet tegen beëindiging van de overblijvende aansprakelijkheid
Geef je een 403-verklaring af, verkoop je een dochter of trekt een moeder haar verklaring in? Leg je situatie aan mij voor: bel 020 210 31 38 of stuur je vraag via de pagina advocaat corporate law. — Remko Roosjen