Waarschuwings­symbolen en gevaren­pictogrammen, wat betekent wat?

Gepubliceerd · bijgewerkt

Gevarenpictogrammen zijn de negen symbolen, GHS01 tot en met GHS09, in een op een punt staand vierkant met een rode rand. Ze staan op het etiket van stoffen en mengsels die als gevaarlijk zijn ingedeeld en tonen in één oogopslag welk gevaar er is: explosief, ontvlambaar, oxiderend, gas onder druk, corrosief, giftig, schadelijk, gezondheidsgevaar of milieugevaar (artikel 19 en bijlage V CLP-verordening).

Veel van de producten die we kopen of gebruiken hebben een gevarenpictogram of waarschuwingssymbool op het etiket. Het aanbrengen van de gevarenpictogrammen en waarschuwingssymbolen is verplicht op grond van de EG-Verordening nr. 1272/2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking (Classification, Labelling and Packaging (CLP-verordening). De CLP-verordening regelt dus onder meer de indeling en etikettering van gevaarlijke chemische stoffen in de Europese Unie en is gebaseerd op het mondiaal geharmoniseerde systeem (Globally Harmonised System – GHS) van de Verenigde Naties. De gevarenpictogrammen en waarschuwingssymbolen geven informatie over de schade die een bepaalde stof of een bepaald product of mengsel kan veroorzaken: fysische gevaren zoals brand of een ontploffing, en gevaren voor je gezondheid of het milieu. Maar wat betekent wat? Lees hieronder de toelichting welk gevarenpictogram / waarschuwingssymbool wat betekent en controleer direct of je de gevarenpictogrammen mogelijk moet aanbrengen op je producten. Nog meer informatie kan worden gevonden op de website van het European Chemicals Agency – ECHA.

Wat betekent het pictogram Oxiderend (GHS03)?

Dit pictogram, een vlam boven een cirkel, betekent ‘Oxiderend’. Het wordt gebruikt voor oxiderende gassen (categorie 1) en oxiderende vloeistoffen en vaste stoffen (categorie 1, 2 en 3) (bijlage V, deel 1, punt 1.3 CLP). Zulke stoffen kunnen brand of een ontploffing veroorzaken of een brand bevorderen. De veiligheidsaanbevelingen op het etiket kunnen bijvoorbeeld inhouden dat het product niet verhit mag worden, dat je beschermende kleding draagt en dat je bij contact met huid of kleding met water spoelt.

Wat betekent het uitroepteken (GHS07): gevaar voor de gezondheid of de ozonlaag?

Het uitroepteken (GHS07) waarschuwt voor minder ernstige gezondheidsgevaren: acute toxiciteit van categorie 4 (schadelijk bij inslikken, inademen of huidcontact), huid- en oogirritatie, huidsensibilisatie (een allergische huidreactie) en specifieke doelorgaantoxiciteit na eenmalige blootstelling van categorie 3 (irritatie van de luchtwegen of narcotische effecten) (bijlage V, deel 2, punt 2.3 CLP). Daarnaast staat het voor stoffen die gevaarlijk zijn voor de ozonlaag (bijlage V, deel 4). Het uitroepteken vervalt als het etiket al het doodshoofd (GHS06) draagt, en in bepaalde gevallen naast GHS05 of GHS08 (artikel 26 lid 1 CLP). Veiligheidsaanbevelingen kunnen bijvoorbeeld zijn: niet inslikken of inademen, contact met huid en ogen vermijden en lozing in het milieu voorkomen.

Wat betekent het pictogram Ontvlambaar (GHS02)?

Dit pictogram, een vlam, betekent ‘Ontvlambaar’. Het staat onder meer op ontvlambare gassen (categorie 1A en 1B), aerosolen (categorie 1 en 2), ontvlambare vloeistoffen (categorie 1, 2 en 3) en ontvlambare vaste stoffen (categorie 1 en 2). Ook pyrofore en zelfverhittende stoffen, stoffen die in contact met water ontvlambare gassen ontwikkelen, en bepaalde zelfontledende stoffen, organische peroxiden en ongevoelig gemaakte ontplofbare stoffen krijgen dit pictogram (bijlage V, deel 1, punt 1.2 CLP). De veiligheidsaanbevelingen kunnen bijvoorbeeld inhouden dat het product niet verhit of in een open vuur gesproeid mag worden, dat de verpakking gesloten blijft en dat je in de buurt geen gereedschap gebruikt dat vonken kan veroorzaken, zoals een slijptol of lasapparaat.

Wat betekent het pictogram Explosief (GHS01)?

Dit pictogram, een ontploffende bom, betekent ‘Explosief’. Het wordt gebruikt voor instabiele ontplofbare stoffen, ontplofbare stoffen van de subklassen 1.1 tot en met 1.4 en zelfontledende stoffen en organische peroxiden van type A en B (bijlage V, deel 1, punt 1.1 CLP). Draagt het etiket dit pictogram, dan zijn de pictogrammen voor ontvlambaar en oxiderend in beginsel facultatief (artikel 26 lid 1 onder a CLP). De veiligheidsaanbevelingen kunnen bijvoorbeeld inhouden dat je afstand bewaart, beschermende kleding draagt, het product weghoudt van hitte, vonken, vlammen en hete oppervlakken en in de buurt niet rookt.

Wat betekent het pictogram Corrosief (GHS05)?

Dit pictogram betekent ‘Corrosief’. Het staat op stoffen die bijtend zijn voor metalen (categorie 1) en op stoffen die ernstige brandwonden aan de huid (huidcorrosie, categorie 1) of ernstig oogletsel (categorie 1) kunnen veroorzaken (bijlage V, deel 1, punt 1.5 en deel 2, punt 2.2 CLP). Is een product in afgewerkte vorm en verpakt voor consumenten alleen bijtend voor metalen, en niet ingedeeld voor huidcorrosie of ernstig oogletsel (categorie 1), dan hoeft GHS05 niet op het etiket (bijlage I, punt 1.3.6 CLP). De veiligheidsaanbevelingen kunnen bijvoorbeeld inhouden dat je het product alleen in de oorspronkelijke verpakking bewaart en beschermende handschoenen, kleding en oog- en gezichtsbescherming draagt.

Wat betekent het pictogram Acute toxiciteit (GHS06)?

Dit pictogram, een doodshoofd met gekruiste beenderen, betekent ‘Acute toxiciteit’ van categorie 1, 2 of 3 (bijlage V, deel 2, punt 2.1 CLP). Het product kan giftig of zelfs dodelijk zijn bij inslikken, inademen of contact met de huid. Een product dat ‘alleen’ schadelijk is (categorie 4), krijgt het uitroepteken (GHS07). De veiligheidsaanbevelingen kunnen bijvoorbeeld inhouden dat je tijdens het gebruik niet eet, drinkt of rookt, beschermingsmiddelen gebruikt, contact met huid en ogen vermijdt en het product achter slot en grendel bewaart.

Wat betekent het pictogram Gas onder druk (GHS04)?

Dit pictogram, een gasfles, betekent ‘Gas onder druk’. Het geldt voor samengeperste, vloeibaar gemaakte, gekoelde vloeibaar gemaakte en opgeloste gassen (bijlage V, deel 1, punt 1.4 CLP). Zo’n gas kan bij verhitting ontploffen; een gekoeld vloeibaar gemaakt gas kan bovendien koudebrandwonden of letsel veroorzaken. Geldt al het pictogram voor ontvlambaar (GHS02) of acute toxiciteit (GHS06), dan is de gasfles facultatief (artikel 26 lid 1 onder e CLP). De veiligheidsaanbevelingen kunnen bijvoorbeeld inhouden dat je het product tegen zonlicht beschermt en beschermende handschoenen, kleding en oog- en gezichtsbescherming draagt.

Wat betekent het pictogram Ernstig gevaar voor de gezondheid (GHS08)?

Dit pictogram waarschuwt voor ‘Ernstig gevaar voor de gezondheid’. Het staat op stoffen die kanker kunnen veroorzaken, genetische schade kunnen veroorzaken of de vruchtbaarheid of het ongeboren kind kunnen schaden (categorie 1A, 1B en 2). Ook sensibilisatie van de luchtwegen (allergie- of astmaverschijnselen of ademhalingsmoeilijkheden bij inademing), schade aan organen na eenmalige of herhaalde blootstelling (categorie 1 en 2) en aspiratiegevaar (het product kan dodelijk zijn als het bij inslikken in de luchtwegen terechtkomt) vallen eronder (bijlage V, deel 2, punt 2.4 CLP). De veiligheidsaanbevelingen kunnen bijvoorbeeld inhouden dat je de veiligheidsvoorschriften vóór gebruik leest, damp niet inademt, het product achter slot en grendel bewaart en bij ademhalingsklachten een arts of vergiftigingscentrum raadpleegt.

Wat betekent het pictogram Gevaarlijk voor het milieu (GHS09)?

Dit pictogram betekent ‘Gevaarlijk voor het milieu’. Het wordt gebruikt voor stoffen die gevaarlijk zijn voor het aquatisch milieu: acuut gevaar van categorie 1 en chronisch gevaar van categorie 1 en 2 (bijlage V, deel 3 CLP). Voor chronisch gevaar van categorie 3 en 4 is geen pictogram vereist. Gevaar voor de ozonlaag valt onder het uitroepteken (GHS07). De veiligheidsaanbevelingen kunnen bijvoorbeeld inhouden dat je lozing in het milieu voorkomt en gelekte of gemorste stof opruimt.

Wanneer moet je een gevarenpictogram op het etiket zetten?

Fabrikanten, importeurs en downstreamgebruikers moeten een stof of mengsel indelen voordat zij die in de handel brengen (artikel 4 lid 1 CLP). Is de stof of het mengsel als gevaarlijk ingedeeld, dan zorgt de leverancier dat het vóór het in de handel brengen wordt geëtiketteerd en verpakt volgens de CLP-verordening (artikel 4 lid 4). Een gevaarlijke stof of een gevaarlijk mengsel in een verpakking krijgt een etiket met, waar van toepassing, de gevarenpictogrammen (artikel 17 lid 1 en artikel 19). Welk pictogram bij welke indeling hoort, staat in de tabellen van bijlage I (artikel 19 lid 3). Sinds 1 juli 2026 mag een stof of mengsel bovendien alleen in de handel worden gebracht als een in de EU gevestigde leverancier, die op het etiket wordt vermeld, aan de verordening voldoet (artikel 4 lid 11, van toepassing volgens artikel 2 lid 2 van Verordening (EU) 2024/2865).

Leiden meerdere indelingen tot meer pictogrammen, dan gelden voorrangsregels. Het doodshoofd (GHS06) sluit het uitroepteken (GHS07) uit, en naast de ontploffende bom (GHS01) zijn de pictogrammen voor ontvlambaar en oxiderend in beginsel facultatief (artikel 26 lid 1 CLP). Naast het pictogram vermeldt het etiket een signaalwoord: “Gevaar” of “Waarschuwing”, nooit beide (artikel 20). Het etiket moet in de officiële taal of talen van de lidstaat waar het product in de handel wordt gebracht, tenzij die lidstaat anders bepaalt (artikel 17 lid 2).

Aan welke eisen moet het etiket voldoen?

Het etiket van een gevaarlijke stof of een gevaarlijk mengsel vermeldt (artikel 17 lid 1 CLP):

  • naam, adres en telefoonnummer van de leverancier;
  • de nominale hoeveelheid in de verpakking als het product aan het grote publiek wordt aangeboden, tenzij die elders op de verpakking staat;
  • de productidentificatoren (artikel 18);
  • waar van toepassing de gevarenpictogrammen, het signaalwoord, de gevarenaanduidingen (H-zinnen) en de veiligheidsaanbevelingen (P-zinnen);
  • waar van toepassing een rubriek met aanvullende informatie (artikel 25).

Het etiket moet stevig zijn bevestigd op een of meer vlakken van de verpakking waarin de stof of het mengsel direct zit, en horizontaal leesbaar zijn als de verpakking normaal neerstaat (artikel 31 lid 1). Een pictogram is een op een punt staand vierkant met een zwart symbool op een witte achtergrond en een duidelijk zichtbare rode rand. Elk pictogram beslaat ten minste een vijftiende van het minimale etiketoppervlak voor de verplichte informatie, en ten minste 1 cm² (bijlage I, punt 1.2.1.1 tot en met 1.2.1.3). De minimummaten zijn (bijlage I, tabel 1.3):

  • verpakking tot en met 3 liter: etiket zo mogelijk ten minste 52 × 74 mm; pictogram niet kleiner dan 10 × 10 mm en zo mogelijk ten minste 16 × 16 mm;
  • meer dan 3 tot en met 50 liter: etiket ten minste 74 × 105 mm; pictogram ten minste 23 × 23 mm;
  • meer dan 50 tot en met 500 liter: etiket ten minste 105 × 148 mm; pictogram ten minste 32 × 32 mm;
  • meer dan 500 liter: etiket ten minste 148 × 210 mm; pictogram ten minste 46 × 46 mm.

Staan alle verplichte elementen duidelijk op de verpakking zelf, dan is een apart etiket niet nodig (artikel 31 lid 5).

Wat verandert er door Verordening (EU) 2024/2865?

Verordening (EU) 2024/2865 wijzigt de CLP-verordening. De nieuwe regels gelden in fasen. Sinds 1 juli 2026 is uitdrukkelijk geregeld dat het etiket een uitvouwetiket mag zijn, met vaste eisen aan de voorpagina, binnenpagina’s en achterpagina (artikel 31 lid 1 en 1a en bijlage I, punt 1.2.1.6 CLP). Naast het fysieke etiket mag je de etiketelementen ook in digitale vorm aanbieden; het fysieke etiket blijft de hoofdregel (artikel 34a lid 1).

Vanaf 1 januari 2028 gelden opmaakregels voor de tekst op het etiket (artikel 2 lid 3a van Verordening 2024/2865, ingevoegd bij Verordening (EU) 2025/2439). Die regels schrijven een minimale lettergrootte voor, gemeten als x-hoogte: 1,2 mm bij verpakkingen tot en met 0,5 liter, 1,4 mm tot en met 3 liter, 1,8 mm tot en met 50 liter en 2,0 mm daarboven. De tekst moet zwart op wit zijn, met een regelafstand van ten minste 120% van de lettergrootte en één goed leesbaar schreefloos lettertype (bijlage I, punt 1.2.1.4 en 1.2.1.5, zoals gewijzigd). Bij een binnenverpakking met ten hoogste 10 ml mag de letter kleiner zijn, zolang die goed leesbaar blijft, als dat nodig is om de belangrijkste zin (zoals een gevarenaanduiding) te plaatsen en de buitenverpakking aan artikel 17 voldoet (punt 1.2.1.5). Vanaf dezelfde datum gelden nieuwe termijnen voor het bijwerken van etiketten (artikel 30) en nieuwe regels voor reclame (artikel 48) en voor aanbiedingen op afstand, zoals webwinkels (artikel 48a). Tot en met 31 december 2027 mag je de nieuwe opmaakregels en de nieuwe artikelen 30 en 48 al vrijwillig toepassen (artikel 2 lid 6 van Verordening 2024/2865).

Let op: de Europese Commissie heeft in juli 2025 voorgesteld onder meer deze opmaakregels te vereenvoudigen (COM(2025) 531). Dat voorstel is geen geldend recht. Controleer daarom vóór je een nieuw etiket laat drukken de actuele tekst van de CLP-verordening.

Veelgestelde vragen over gevarenpictogrammen

Hoeveel gevarenpictogrammen zijn er?

Er zijn negen gevarenpictogrammen, GHS01 tot en met GHS09: ontploffende bom, vlam, vlam boven cirkel, gasfles, corrosie, doodshoofd met gekruiste beenderen, uitroepteken, gezondheidsgevaar en milieu (bijlage V CLP-verordening). Voor een aantal gevarenklassen en -categorieën is geen pictogram vereist, zoals ontplofbare stoffen van subklasse 1.5 en 1.6, ontvlambare gassen van categorie 2 en chronisch gevaar voor het aquatisch milieu van categorie 3 en 4 (bijlage V, punt 1.6, 2.5 en 3.1 CLP).

Wat is het verschil tussen een waarschuwingssymbool en een gevarenpictogram?

De CLP-verordening spreekt van gevarenpictogrammen: een symbool met een rode rand op een witte achtergrond (artikel 2 en bijlage I, punt 1.2.1.2 CLP). Het woord waarschuwingssymbool wordt in de praktijk vaak voor hetzelfde gebruikt. De oudere gevarensymbolen kwamen uit de Richtlijnen 67/548/EEG en 1999/45/EG, die door de CLP-verordening zijn ingetrokken.

Hoe groot moet een gevarenpictogram op het etiket zijn?

Elk pictogram beslaat ten minste een vijftiende van het minimale etiketoppervlak voor de verplichte informatie, en ten minste 1 cm². Bij verpakkingen tot en met 3 liter is het pictogram niet kleiner dan 10 × 10 mm en zo mogelijk ten minste 16 × 16 mm; bij grotere verpakkingen gelden grotere maten (bijlage I, punt 1.2.1.3 en tabel 1.3 CLP).

Welke kleur moet een gevarenpictogram hebben?

Een gevarenpictogram heeft een zwart symbool op een witte achtergrond met een rode rand die breed genoeg is om duidelijk zichtbaar te zijn, in de vorm van een op een punt staand vierkant (bijlage I, punt 1.2.1.1 en 1.2.1.2 CLP).

Wanneer gelden de nieuwe regels voor de lettergrootte op het etiket?

Vanaf 1 januari 2028, volgens artikel 2 lid 3a van Verordening (EU) 2024/2865 zoals gewijzigd bij Verordening (EU) 2025/2439. Tot en met 31 december 2027 mag je ze al vrijwillig toepassen (artikel 2 lid 6). De Commissie heeft voorgesteld de opmaakregels te vereenvoudigen; controleer dus de actuele tekst.

Primaire bronnen

Advocaat product compliance

De advocaten van MAAK Advocaten in Amsterdam hebben ruime ervaring in het ondersteunen van bedrijven in de maakindustrie bij uiteenlopende productregelgeving en etikettering of labelling gerelateerde vraagstukken. Wil je juridisch advies inwinnen over gevarenpictogrammen of waarschuwingssymbolen, de etikettering- of labellingverplichtingen waaraan je of je producten moeten voldoen? Neem dan contact op met Martin Krüger of Sander van Someren Gréve, advocaat productregelgeving, of met een van onze andere advocaten in Amsterdam.

Blijf op de hoogte van onze nieuwsberichten en events
Over welke onderwerpen wil je updates ontvangen?
Wie ben je?
In welke branche of sector ben je actief? (optioneel)

Waar ben je naar op zoek?