AFIR, Verordening (EU) 2023/1804, geldt sinds 13 april 2024 en legt exploitanten van openbare laadpunten concrete plichten op: ad-hocladen zonder abonnement, pinbetaling bij nieuwe en snelle laders, transparante prijzen en het delen van data. Exploitant, eigenaar of mobiliteitsdienstverlener? Laat je exploitatie- en concessiecontracten toetsen op deze verplichtingen, vóór de volgende termijn op 1 januari 2027.
Deze pagina is voor laadpaalexploitanten (CPO’s), eigenaren van laadinfrastructuur, mobiliteitsdienstverleners (MSP’s), vastgoedeigenaren en bedrijven die laadpunten op hun terrein openstellen. Je leest welke AFIR-eisen voor jou gelden, welke data al zijn verstreken en welke nog komen, en waar contracten het verschil maken. AFIR richt zich daarnaast tot de lidstaten, met doelen voor het aantal en het vermogen van laadpunten.
Voor wie gelden de AFIR-voorwaarden?
Voor exploitanten van openbaar toegankelijke laadpunten, voor mobiliteitsdienstverleners en, waar zij niet zelf exploiteren, voor de eigenaren van laadpunten. De doelen voor het netwerk zelf richten zich tot de lidstaten.
| Rol | Kernverplichtingen | Artikel |
|---|---|---|
| Exploitant van een laadpunt (CPO) | ad-hocladen, betaalmiddelen, prijstransparantie, digitale verbinding, slim laden, vaste kabel bij DC-laders, data beschikbaar stellen | artikelen 5 en 20 |
| Eigenaar van het laadpunt | een laadpunt leveren waarmee de exploitant kan voldoen aan de eisen voor keuze bij automatische authenticatie, digitale verbinding, slim laden en vaste kabel | artikel 5 lid 11 |
| Mobiliteitsdienstverlener (MSP) | redelijke, transparante en niet-discriminerende prijzen; prijsinformatie vooraf; geen extra kosten voor grensoverschrijdende roaming | artikel 5 lid 5 |
| Lidstaat | vermogensdoelen, dekking langs het TEN-T-netwerk, nationaal beleidskader, toezicht op prijzen | artikelen 3, 5 lid 6 en 14 |
De exploitant is volgens de verordening de entiteit die verantwoordelijk is voor beheer en exploitatie van het laadpunt en de laaddienst aan eindgebruikers levert (artikel 2). Wie eigenaar is en wie exploitant, staat dus niet vast door het eigendom van de paal, maar door de afspraken. Artikel 5 lid 11 verplicht de eigenaar de exploitant een laadpunt te leveren met de technische kenmerken voor een deel van de eisen (leden 2, 7, 8 en 10). Voor de betaalterminal uit lid 1 zegt de verordening niets over de eigenaar; dat moet het contract regelen.
Welke betaal- en prijsregels gelden aan de laadpaal?
Elk openbaar laadpunt moet ad-hocladen mogelijk maken. Bij laadpunten vanaf 13 april 2024 moet je kunnen betalen met een gangbaar betaalmiddel, en bij laders vanaf 50 kW die sindsdien zijn geplaatst geldt een prijs per kWh, eventueel met een bezettingsvergoeding per minuut (artikel 5).
| Eis | Geldt voor | Vanaf | Artikel |
|---|---|---|---|
| Ad-hocladen zonder abonnement | alle openbare laadpunten | 13 april 2024 | 5 lid 1 |
| Betaalpaslezer, contactloze lezer of (onder 50 kW) een betaalpagina via internet, zoals een QR-code | openbare laadpunten geplaatst vanaf 13 april 2024 | 13 april 2024 | 5 lid 1 |
| Betaalpaslezer of contactloze lezer | bestaande en nieuwe laders vanaf 50 kW langs het TEN-T-netwerk of op een veilig parkeerterrein | 1 januari 2027 | 5 lid 1 |
| Prijs per kWh, eventueel bezettingsvergoeding per minuut, vooraf zichtbaar | laadpunten vanaf 50 kW geplaatst vanaf 13 april 2024 | 13 april 2024 | 5 lid 4 |
| Alle prijscomponenten vooraf, in vaste volgorde (kWh, minuut, sessie, overig) | alle openbare laadpunten onder 50 kW, ook bestaande | 13 april 2024 | 5 lid 4 |
| Digitaal verbonden laadpunt | alle openbare laadpunten | 14 oktober 2024 | 5 lid 7 |
| Geschikt voor slim laden | gebouwd na 13 april 2024 of gerenoveerd na 14 oktober 2024 | die data | 5 lid 8 |
| Vaste laadkabel | alle openbare DC-laadpunten | 14 april 2025 | 5 lid 10 |
Prijzen moeten redelijk, eenvoudig vergelijkbaar, transparant en niet-discriminerend zijn; prijsverschillen tussen eindgebruikers en mobiliteitsdienstverleners mogen alleen als ze evenredig en objectief gerechtvaardigd zijn (artikel 5 lid 3). Biedt een laadpunt automatische authenticatie, dan moet de gebruiker altijd kunnen kiezen voor ad-hocladen of een andere contractvorm (artikel 5 lid 2). De eis van een betaalterminal geldt niet voor laadpunten waar laden gratis is.
Welke data moet een exploitant beschikbaar stellen?
Sinds 14 april 2025 moeten exploitanten, of volgens hun afspraken de eigenaren, statische en dynamische gegevens over hun openbare laadpunten kosteloos beschikbaar stellen, zoals locatie, aantal punten, beschikbaarheid en ad-hocprijs (artikel 20 lid 2).
Elke lidstaat moest daarnaast uiterlijk 14 april 2025 een organisatie aanwijzen die unieke identificatiecodes uitgeeft aan exploitanten en mobiliteitsdienstverleners (artikel 20 lid 1). De lijst met datatypen is aangevuld bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2025/671; de technische eisen voor een gemeenschappelijke applicatie-interface staan in Gedelegeerde Verordening (EU) 2025/645. Leg in je contract met een softwareleverancier of backoffice vast wie deze datastromen levert en wie aansprakelijk is als ze ontbreken.
Vanaf wanneer gelden de AFIR-verplichtingen?
AFIR trad in werking op 12 oktober 2023 en geldt sinds 13 april 2024 (artikel 26). Een aantal verplichtingen kreeg een eigen datum; de laatste voor exploitanten geldt per 1 januari 2027.
| Gebeurtenis | Datum | Bron |
|---|---|---|
| Vaststelling | 13 september 2023 | Verordening (EU) 2023/1804 |
| Publicatie in het Publicatieblad | 22 september 2023 | PB L 234 |
| Inwerkingtreding | 12 oktober 2023 (twintigste dag na publicatie) | artikel 26 |
| Toepassing | 13 april 2024 | artikel 26 |
| Laadpunten digitaal verbonden | 14 oktober 2024 | artikel 5 lid 7 |
| Ontwerp nationaal beleidskader naar de Commissie | 31 december 2024 | artikel 14 lid 1 |
| Vaste kabel DC-laders; data beschikbaar | 14 april 2025 | artikelen 5 lid 10 en 20 |
| Laadparken TEN-T-kernnet: 400 kW per park | 31 december 2025 | artikel 3 lid 4 |
| Pinbetaling bestaande snelladers TEN-T | 1 januari 2027 | artikel 5 lid 1 |
| Laadparken TEN-T-kernnet: 600 kW per park | 31 december 2027 | artikel 3 lid 4 |
De geconsolideerde tekst van 8 januari 2026 verwerkt de wijzigingen van 2025. Die betreffen normen voor onder meer draadloos laden en vehicle-to-grid-communicatie (Gedelegeerde Verordening (EU) 2025/656) en de aanvullende datatypen.
Welke doelen gelden voor het laadnetwerk zelf?
De lidstaat moet aan het eind van elk jaar per geregistreerde elektrische personenauto ten minste 1,3 kW openbaar laadvermogen bieden, en 0,80 kW per plug-in hybride (artikel 3 lid 1).
Langs het TEN-T-kernnet moet in elke rijrichting om de 60 kilometer een openbaar laadpark staan. Dat park biedt uiterlijk 31 december 2025 ten minste 400 kW, met minstens één laadpunt van 150 kW; uiterlijk 31 december 2027 is dat 600 kW, met minstens twee laadpunten van 150 kW (artikel 3 lid 4 onder a). Voor het uitgebreide TEN-T-netwerk lopen de doelen tot 31 december 2035 (artikel 3 lid 4 onder b). Deze doelen verplichten de overheid, niet een individuele exploitant. Ze verklaren wel waarom concessies en vergunningen voor laadpleinen langs snelwegen worden uitgegeven: in Nederland ligt daarvoor het wetsvoorstel Wet voorzieningen verzorgingsplaatsen (Kamerstukken 36 976), met een veiling van exploitatievergunningen voor laaddiensten. Volgens de regering is dat wetsvoorstel geen implementatie van AFIR, maar draagt het bij aan de doelen.
Twijfel je of je laadpunten, betaalsysteem of prijsweergave aan AFIR voldoen, of wie in je contract met de eigenaar verantwoordelijk is? Laat de advocaten van MAAK je exploitatie- of concessieovereenkomst toetsen voordat 1 januari 2027 aanbreekt.
Wat regel je in contracten rond laadinfrastructuur?
Leg vast wie exploitant is in de zin van AFIR, wie de kosten draagt van aanpassingen zoals betaalterminals en vaste kabels, wie de data levert en wie aansprakelijk is als een eis niet wordt gehaald.
- Benoem de exploitant en de eigenaar uitdrukkelijk en leg vast wie welke technische aanpassing levert, ook waar artikel 5 lid 11 AFIR dat niet regelt.
- Maak afspraken over het ombouwen van bestaande snelladers vóór 1 januari 2027, inclusief planning en kosten.
- Regel prijswijzigingen en de weergave van prijzen, zodat de exploitant aan artikel 5 leden 3 en 4 kan voldoen.
- Leg datalevering, beschikbaarheid en storingen vast, met serviceniveaus en sancties.
- Spreek vrijwaring af voor claims en maatregelen die voortkomen uit een tekortkoming van de andere partij.
- Controleer of je algemene voorwaarden voor laadsessies passen bij ad-hocladen zonder abonnement.
Wanneer schakel je een advocaat in?
Bij het sluiten of heronderhandelen van exploitatie-, concessie- of huurcontracten voor laadpunten, bij een geschil over wie de AFIR-aanpassingen betaalt, en bij een discussie met een gemeente of opdrachtgever over naleving.
| Situatie | Wat er juridisch op het spel staat | Wat MAAK doet |
|---|---|---|
| Je sluit een exploitatieovereenkomst met een vastgoedeigenaar | Verdeling van AFIR-plichten (artikel 5 leden 1 en 11) | Contract opstellen of beoordelen, rolverdeling vastleggen |
| De eigenaar weigert betaalterminals te financieren | Termijn 1 januari 2027 (artikel 5 lid 1) | Contract uitleggen, onderhandelen, zo nodig procederen |
| Je doet mee aan een aanbesteding of veiling voor laadlocaties | Voorwaarden, looptijd en AFIR-eisen in de vergunning of concessie | Voorwaarden beoordelen, inschrijving juridisch toetsen |
| Je backoffice levert de verplichte data niet | Naleving van artikel 20 en je eigen contracten | Ingebrekestelling, onderhandeling, verhaal |
Praktijkvoorbeeld: een vastgoedeigenaar met snelladers
Stel: een eigenaar van een bedrijventerrein langs een snelweg laat een exploitant twaalf snelladers van 150 kW beheren. De laders zijn in 2023 geplaatst en hebben alleen een app-betaling.
Dit voorbeeld is geanonimiseerd en vereenvoudigd. Omdat de laders vanaf 50 kW langs het TEN-T-netwerk staan, moeten ze uiterlijk 1 januari 2027 een betaalpaslezer of contactloze lezer hebben (artikel 5 lid 1). Het exploitatiecontract zegt niets over wie die ombouw betaalt. Artikel 5 lid 11 helpt hier niet: dat noemt de betaalplicht niet. De partijen spreken af dat de eigenaar de terminals levert en betaalt, en dat de exploitant de software en de prijsweergave verzorgt. Ze leggen een planning vast met een uiterste datum in november 2026.
Veelgestelde vragen over AFIR
Sinds wanneer geldt AFIR?
Verordening (EU) 2023/1804 is van toepassing sinds 13 april 2024 (artikel 26). Een aantal verplichtingen heeft een eigen datum, zoals de pinbetaling bij bestaande snelladers langs het TEN-T-netwerk per 1 januari 2027.
Moet elke laadpaal een pinautomaat hebben?
Nee. Laadpunten vanaf 13 april 2024 moeten een gangbaar elektronisch betaalmiddel accepteren; onder 50 kW mag dat via internet, bijvoorbeeld met een QR-code. Gratis laadpunten zijn uitgezonderd (artikel 5 lid 1).
Welke prijs moet een snellader tonen?
Bij laadpunten vanaf 50 kW die vanaf 13 april 2024 zijn geplaatst, geldt een ad-hocprijs per kWh, eventueel met een bezettingsvergoeding per minuut, die vóór de laadsessie zichtbaar is (artikel 5 lid 4).
Geldt AFIR ook voor laadpalen op eigen terrein?
Ja, als het terrein open is voor het algemene publiek, ook als het privéterrein is en er toegangsvoorwaarden gelden (artikel 2 AFIR). Een laadpunt op een terrein dat alleen voor eigen personeel toegankelijk is, valt in de regel niet onder de exploitantplichten, omdat dat terrein niet open is voor het algemene publiek.
Wanneer schakel ik een advocaat in voor AFIR?
Bij het opstellen of heronderhandelen van exploitatie- en concessiecontracten, bij een geschil over wie de aanpassingen betaalt en bij voorwaarden in een veiling of aanbesteding.
Primaire bronnen
Laatst gecontroleerd op 28 oktober 2026 · volgende relevante datum: 1 januari 2027 (pinbetaling bestaande snelladers).
- Verordening (EU) 2023/1804 (AFIR), geconsolideerde tekst 8 januari 2026: artikelen 2, 3, 5, 14, 20 en 26
- Gedelegeerde Verordening (EU) 2025/656 (normen)
- Gedelegeerde Verordening (EU) 2025/671 (aanvullende datatypen)
- Gedelegeerde Verordening (EU) 2025/645 (gemeenschappelijke applicatie-interface)
- Kamerstukken 36 976, nr. 2: voorstel Wet voorzieningen verzorgingsplaatsen