Tegenover een consument gelden strenge grenzen voor algemene voorwaarden. Een beding op de zwarte lijst is onredelijk bezwarend en vernietigbaar (artikel 6:236 BW); bij de grijze lijst wordt dat vermoed (artikel 6:237 BW). Geef je ze niet vóór of bij het sluiten, dan kan de consument de bedingen in beginsel vernietigen (artikel 6:233 onder b en 6:234 BW). Heeft de rechter daarvoor de gegevens, dan moet hij oneerlijke bedingen ambtshalve onderzoeken.
Consumentenbescherming stelt dus duidelijke grenzen aan de contractsvrijheid. Te strenge voorwaarden kunnen je zelfs je aanspraak kosten op wat de wet je zonder dat beding zou geven. In eerdere blogs gingen we al in op verschillende soorten algemene voorwaarden, zoals leveringsvoorwaarden, inkoopvoorwaarden of verkoopvoorwaarden. Hier lees je welke regels tegenover consumenten gelden en hoe dat in 2022 uitpakte bij de Rechtbank Den Haag.
Hoever mag je aansprakelijkheid uitsluiten tegenover een consument?
Professionele partijen willen hun aansprakelijkheid en risico’s zoveel mogelijk beperken. Dat gebeurt meestal met exoneraties in de algemene voorwaarden: bedingen die aansprakelijkheid of risico’s uitsluiten of beperken. Tussen bedrijven is daarvoor veel ruimte. Toch kan ook daar een beding onredelijk bezwarend zijn en worden vernietigd (artikel 6:233 onder a BW), behalve door de partijen van artikel 6:235 BW en tussen bedrijven die niet allebei in Nederland gevestigd zijn (artikel 6:247 lid 2 BW).
Sluit je een overeenkomst met een consument, dan is de ruimte veel kleiner. Een beding dat jou of een derde geheel of ten dele bevrijdt van een wettelijke verplichting tot schadevergoeding, wordt vermoed onredelijk bezwarend te zijn (artikel 6:237 onder f BW). Achtergrond is dat zulke uitsluitingen de rechten van de consument beperken.
Wat zijn de zwarte en grijze lijst bij consumentenovereenkomsten?
De wet bevat veel bepalingen die consumenten beschermen en waarvan je niet ten nadele van de consument mag afwijken. Voor algemene voorwaarden zijn de zwarte lijst (artikel 6:236 BW) en de grijze lijst (artikel 6:237 BW) het belangrijkst. Ze gelden bij een overeenkomst met een wederpartij die een natuurlijk persoon is en niet handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf.
Een beding op de zwarte lijst wordt als onredelijk bezwarend aangemerkt. De consument kan het vernietigen, en je kunt niet aantonen dat het in jouw geval toch redelijk is. Een beding op de grijze lijst wordt vermoed onredelijk bezwarend te zijn. Dat vermoeden kun je als gebruiker weerleggen door aan te tonen dat het beding in de gegeven omstandigheden niet onredelijk bezwarend is.
Op de zwarte lijst staat bijvoorbeeld een beding dat de bevoegdheid van de consument om de overeenkomst te ontbinden uitsluit of beperkt (artikel 6:236 onder b BW), of een beding dat een wettelijke verjarings- of vervaltermijn verkort tot minder dan een jaar (artikel 6:236 onder g BW). Op de grijze lijst staan onder meer een uitsluiting van aansprakelijkheid (artikel 6:237 onder f BW) en een beding dat de consument een geldsom laat betalen als de overeenkomst eindigt anders dan door zijn eigen tekortkoming, behalve voor zover het gaat om een redelijke vergoeding voor geleden verlies of gederfde winst (artikel 6:237 onder i BW).
Tegenover een consument moeten bedingen bovendien duidelijk en begrijpelijk zijn; bij twijfel geldt de uitleg die voor de consument het gunstigst is (artikel 6:238 lid 2 BW). Van deze regels kun je niet afwijken (artikel 6:246 BW).
Hoe moet je algemene voorwaarden aan een consument geven?
Je algemene voorwaarden gelden als de consument de gelding ervan heeft aanvaard, door ondertekening of op andere wijze (zie de omschrijving van wederpartij in artikel 6:231 onder c BW). Je moet hem daarnaast een redelijke mogelijkheid bieden om ervan kennis te nemen; doe je dat niet, dan kan hij de bedingen vernietigen (artikel 6:233 onder b BW). Die mogelijkheid bied je in de regel door de voorwaarden vóór of bij het sluiten van de overeenkomst ter hand te stellen (artikel 6:234 lid 1 BW). Een dienstverrichter mag ze ook verstrekken op een van de manieren van artikel 6:230c BW.
Sluit je de overeenkomst online, dan kun je de voorwaarden vóór of bij het sluiten langs elektronische weg ter beschikking stellen, zo dat de consument ze kan opslaan en later kan terugvinden (artikel 6:234 lid 2 BW). Komt de overeenkomst niet langs elektronische weg tot stand, dan is daarvoor de uitdrukkelijke instemming van de consument nodig (artikel 6:234 lid 3 BW).
Is ter hand stellen redelijkerwijs niet mogelijk, dan mag je vóór het sluiten laten weten dat de voorwaarden bij jou ter inzage liggen of bij een door jou opgegeven Kamer van Koophandel of griffie van een gerecht zijn gedeponeerd, en dat ze op verzoek worden toegezonden. Stuur ze dan op verzoek onverwijld en op je kosten toe. Doe je dat niet, dan zijn de bedingen ook om die reden vernietigbaar, tenzij toezending redelijkerwijs niet van je kan worden gevergd (artikel 6:234 lid 1 BW).
Toetst de rechter algemene voorwaarden ambtshalve?
Ja, tegenover consumenten wel. Heeft de rechter de feitelijke en juridische gegevens om te vermoeden dat een overeenkomst onder Richtlijn 93/13 over oneerlijke bedingen valt en een oneerlijk beding bevat, dan moet hij dat onderzoeken, ook als de consument zich er niet op beroept. Dat geldt in eerste aanleg en, binnen de grenzen van de rechtsstrijd, in hoger beroep (HR 13 september 2013, ECLI:NL:HR:2013:691, r.o. 3.6.3 en 3.9.1). Naar Nederlands recht doet hij dat op grond van artikel 6:233 BW (r.o. 3.7.1).
Stelt de rechter vast dat het beding oneerlijk is, dan moet hij het vernietigen, tenzij de consument zich daartegen verzet (r.o. 3.7.3 en 3.8). Ook als de consument niet verschijnt, wijst de rechter de vordering bij verstek alleen toe als die hem niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt (artikel 139 Rv).
Wat gebeurt er als je algemene voorwaarden te streng zijn?
In de zaak die de kantonrechter van de Rechtbank Den Haag op 10 maart 2022 besliste, had een horecabedrijf met een bruidspaar een overeenkomst gesloten over het verzorgen van hun huwelijksdag. Het paar annuleerde. Volgens het annuleringsbeding in de reserveringsvoorwaarden moest het dan 70% van de reserveringswaarde betalen, ruim € 19.000 (r.o. 1.1). De kantonrechter merkte de overeenkomst aan als een overeenkomst van opdracht (artikel 7:400 BW).
Elke opdrachtgever kan de overeenkomst te allen tijde opzeggen (artikel 7:408 lid 1 BW). Een natuurlijk persoon die een opdracht heeft verstrekt anders dan in de uitoefening van een beroep of bedrijf, is ter zake van een opzegging geen schadevergoeding verschuldigd, onverminderd artikel 7:406 BW, dus onder meer met behoud van zijn plicht om de onkosten te vergoeden die niet in het loon zijn begrepen (artikel 7:408 lid 3 en 7:406 lid 1 BW). Van artikel 7:408 lid 3 BW kan niet worden afgeweken, en van artikel 7:408 lid 1 en 7:411 BW niet ten nadele van zo’n opdrachtgever (artikel 7:413 BW). Eindigt de overeenkomst voordat de opdracht is volbracht of de tijd waarvoor zij is verleend is verstreken, en hangt de verschuldigdheid van loon af van de volbrenging of van het verstrijken van die tijd, dan heeft de opdrachtnemer recht op een naar redelijkheid vast te stellen deel van het loon (artikel 7:411 lid 1 BW).
De kantonrechter oordeelde dat het annuleringsbeding in strijd was met deze wettelijke regels (artikel 7:406, 7:408 en 7:411 BW). Hij merkte het aan als een oneerlijk en onredelijk bezwarend beding en vernietigde het (r.o. 2.6). Het bedrijf vorderde daarna (meer) subsidiair vergoeding van zijn werkelijk geleden schade, althans van zijn kosten en een redelijk loon (r.o. 1.4 en 2.7). Ook dat wees de kantonrechter af. Nog afgezien van het feit dat het bedrijf die bedragen onvoldoende had onderbouwd, kon het na de vernietiging geen aanspraak meer maken op loon en kosten op grond van artikel 7:411 en 7:406 BW, en evenmin op schadevergoeding volgens de wet (r.o. 2.8 en 2.9). Het bedrijf moest bovendien de aanbetaling van € 950 terugbetalen (r.o. 2.13). Zo leidden te strenge algemene voorwaarden tot verval van rechten.
De Rechtbank Den Haag kwam tot deze conclusie door toepassing van het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 27 januari 2021 in de zaak Dexia Nederland (gevoegde zaken C-229/19 en C-289/19, ECLI:EU:C:2021:68). In dat arrest was namelijk bepaald dat de Richtlijn 93/13 betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten dusdanig moet worden uitgelegd dat een professionele partij, die een consument een oneerlijk beding heeft opgelegd, welk beding door een rechter oneerlijk is verklaard en dus is vernietigd, en wanneer de overeenkomst zonder dat beding kan voortbestaan, geen aanspraak kan maken op de in een bepaling van aanvullend nationaal recht vastgestelde wettelijke schadevergoeding die zonder dat beding van toepassing zou zijn geweest. Aldus een verval van rechten door te strenge algemene voorwaarden.
Veelgestelde vragen over algemene voorwaarden en consumentenbescherming
Welke bedingen staan op de zwarte lijst van algemene voorwaarden?
De zwarte lijst van artikel 6:236 BW noemt onder meer bedingen die de consument zijn bevoegdheid tot ontbinding of opschorting uitsluiten of beperken (onder b en c), een wettelijke verjarings- of vervaltermijn verkorten tot minder dan een jaar (onder g), de prijs binnen drie maanden na het sluiten laten verhogen zonder ontbindingsrecht (onder i), of een geschil laten beslechten door een ander dan de bevoegde rechter tenzij de consument een termijn van ten minste een maand krijgt nadat jij je schriftelijk op het beding hebt beroepen, om alsnog voor de bevoegde rechter te kiezen (onder n). Zo’n beding is vernietigbaar.
Wat is het verschil tussen de zwarte en de grijze lijst?
Een beding op de zwarte lijst wordt als onredelijk bezwarend aangemerkt; tegenbewijs is niet mogelijk (artikel 6:236 BW). Een beding op de grijze lijst wordt alleen vermoed onredelijk bezwarend te zijn; als gebruiker kun je aantonen dat het in de gegeven omstandigheden niet onredelijk bezwarend is (artikel 6:237 BW). Geldt het beding als onredelijk bezwarend, of weerleg je het vermoeden niet, dan kan de consument het vernietigen (artikel 6:233 onder a BW).
Gelden de zwarte en grijze lijst ook voor zakelijke klanten?
Niet rechtstreeks. Wel kan het bij een zakelijke wederpartij meewegen dat een beding op een van de lijsten staat, vooral als haar positie sterk lijkt op die van een consument (HR 8 september 2023, ECLI:NL:HR:2023:1197, r.o. 3.2.2). Tussen bedrijven die niet allebei in Nederland gevestigd zijn, gelden de regels over algemene voorwaarden helemaal niet, ongeacht het toepasselijke recht (artikel 6:247 lid 2 BW). Geldt dan wel Nederlands recht, dan kan een beding nog buiten toepassing blijven voor zover dat in de gegeven omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn (artikel 6:248 lid 2 BW), en is een beding in strijd met een dwingende wetsbepaling in de regel nietig, of vernietigbaar als die bepaling uitsluitend een van de partijen beschermt, voor zover niet uit de strekking van de bepaling anders voortvloeit (artikel 3:40 lid 2 en 3 BW). Tegenover een consument met zijn gewone verblijfplaats in Nederland gelden de regels wel, ongeacht het toepasselijke recht (artikel 6:247 lid 4 BW).
Wat gebeurt er als je de algemene voorwaarden niet aan de consument geeft?
De voorwaarden kunnen dan wel van toepassing zijn, maar de consument kan de bedingen in beginsel vernietigen omdat je hem geen redelijke mogelijkheid hebt geboden om ervan kennis te nemen (artikel 6:233 onder b en 6:234 BW). De uitzonderingen van artikel 6:235 BW, voor bepaalde rechtspersonen, partijen met vijftig of meer werkzame personen en partijen die zelf meermalen dezelfde voorwaarden gebruiken, gelden voor een consument niet.
Moet de rechter algemene voorwaarden ambtshalve toetsen?
Ja, bij consumenten. Heeft de rechter de gegevens om te vermoeden dat een beding oneerlijk is, dan moet hij dat onderzoeken, ook zonder beroep van de consument, en het beding vernietigen als het oneerlijk is, tenzij de consument zich daartegen verzet (HR 13 september 2013, ECLI:NL:HR:2013:691, r.o. 3.7.3, 3.8 en 3.9.1).
Primaire bronnen
- Burgerlijk Wetboek Boek 3: artikel 3:40
- Burgerlijk Wetboek Boek 6: artikel 6:230c, 6:231, 6:233, 6:234, 6:235, 6:236, 6:237, 6:238, 6:246, 6:247 en 6:248
- Burgerlijk Wetboek Boek 7: artikel 7:400, 7:406, 7:408, 7:411 en 7:413
- Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering: artikel 139
- Rb. Den Haag (kantonrechter) 10 maart 2022, ECLI:NL:RBDHA:2022:2018
- HR 13 september 2013, ECLI:NL:HR:2013:691
- HR 8 september 2023, ECLI:NL:HR:2023:1197
- HvJ EU 27 januari 2021, Dexia Nederland, ECLI:EU:C:2021:68
- Richtlijn 93/13/EEG betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten
Advocaat gespecialiseerd in het opstellen van algemene voorwaarden
Om te voorkomen dat je geconfronteerd wordt met een verval van rechten door het hanteren van bepalingen die niet in overeenstemming zijn met de geldende consumentenbescherming, doe je er goed aan om je algemene voorwaarden te laten controleren of opstellen door een advocaat gespecialiseerd in het opstellen van algemene voorwaarden. Een advocaat gespecialiseerd in het opstellen van algemene voorwaarden heeft een goed idee wat je allemaal in je algemene voorwaarden kunt opnemen. Wanneer je internationaal contracteert helpen we je ook graag verder met een Engelse of Duitse versie van de algemene voorwaarden. Wil je advies inwinnen bij een van onze contractenrecht advocaten, aarzel dan niet om contact met ons op te nemen. We staan graag voor je klaar. Neem contact op met onze specialisten contractenrecht, Remko Roosjen en Sander van Someren Gréve, of een van onze andere advocaten in Amsterdam.