Een bouwgeschil gaat naar arbitrage als je dat met je wederpartij bent overeengekomen, vooraf in het contract of de voorwaarden (zoals de UAV 2012) of achteraf (artikel 1020 Rv). In de bouw is dat vaak de Raad van Arbitrage in bouwgeschillen. Deskundige arbiters beslissen na memories en een zitting in een bindend arbitraal vonnis. Een gewone bodemprocedure duurt daar gemiddeld zes tot twaalf maanden.
Bouwprojecten leiden regelmatig tot geschillen over gebreken, meerwerk, vertraging of de uitleg van het contract. Het bekende arbitrage-instituut voor de bouw is de Raad van Arbitrage in bouwgeschillen (RvA), opgericht in 1907; in de UAV 2012 heet hij nog Raad van Arbitrage voor de Bouw. Volgens de RvA duurt een gewone bodemprocedure gemiddeld zes tot twaalf maanden, afhankelijk van de tijd die partijen nodig hebben voor hun stukken. In een spoedbodemprocedure ligt er doorgaans na twaalf tot zestien weken een uitspraak.
Waarom kiezen aannemers en opdrachtgevers voor arbitrage?
De keuze voor arbitrage in bouwgeschillen heeft een aantal voordelen ten opzichte van de gang naar de rechtbank. Deskundigheid staat voorop: de RvA heeft ongeveer honderd arbiters, van wie tachtig met een bouwkundige achtergrond; de anderen zijn juristen, vrijwel altijd (oud-)rechters. Een advocaat is in arbitrage niet verplicht: je kunt ook zelf verschijnen of je laten vertegenwoordigen door een schriftelijk gevolmachtigde (artikel 1038 lid 1 Rv). Een arbitrage is bovendien niet openbaar zoals een rechtszaak, al publiceert de RvA zijn uitspraken wel in geanonimiseerde vorm.
Werk je internationaal, dan is van belang dat de staten die partij zijn bij het Verdrag van New York (1958) arbitrale uitspraken als bindend erkennen en ten uitvoer leggen volgens hun eigen procesregels; zij kunnen dat alleen weigeren op de gronden die het verdrag noemt (artikelen III en V van het verdrag). Ook kunnen partijen afspreken hoe de procedure wordt gevoerd, bijvoorbeeld in het Engels (artikel 1036 lid 1 Rv).
Partijen kunnen bij de RvA ook samen afspraken op maat maken, bijvoorbeeld over kortere termijnen of minder processtukken. Ook kunnen zij arbiters kiezen die niet tot het college van de RvA behoren.
Hoe start je een bouwgeschil in arbitrage?
Een bodemprocedure bij de RvA begin je met een verzoekschrift of memorie van eis, met de feiten, de gronden en je vordering. Volgens de wet is een zaak bij een arbitraal beding aanhangig op de dag dat je wederpartij een schriftelijke mededeling ontvangt dat je tot arbitrage overgaat, maar partijen kunnen een andere wijze afspreken (artikel 1025 Rv). Bij de RvA is de zaak aanhangig vanaf de dag waarop je stuk daar binnenkomt. Je dient de stukken digitaal in, als pdf. Gaat het om een woning met een Woningborg-certificaat, dan geldt het Woningborg Geschillenreglement 2024 en zijn er modelformulieren; die zijn niet verplicht, maar wel aan te raden.
Specificeer duidelijk wat je vordert: herstel van gebreken, vervangende schadevergoeding, betaling voor meerwerk of een combinatie daarvan. De vordering vormt de leidraad voor het scheidsgerecht, dat niet meer kan toewijzen dan je hebt gevorderd. In een Woningborg-geschil moet een Vereniging van Eigenaars bij het verzoek een machtiging van de leden overleggen voor de gemeenschappelijke gedeelten, of een bijzondere machtiging van het betrokken lid voor een privégedeelte.
Na ontvangst vraagt de RvA de eiser om een waarborgsom, waarvan de hoogte afhangt van de hoofdsom van de vordering. De procedure gaat pas verder als die is betaald; anders kan de voorzitter de instantie vervallen verklaren en is het geschil niet meer aanhangig. De waarborgsom is zekerheid voor de kosten van de RvA en zegt niets over wie die kosten uiteindelijk draagt. In een Woningborg-geschil betaal je in plaats daarvan aanvraagkosten: € 480 per 1 januari 2026.
Welke vorderingen komen voor in bouwarbitrage?
Herstel vormt de meest voorkomende vordering bij bouwkundige gebreken. De aannemer moet gebreken herstellen volgens de aannemingsovereenkomst en, bij een garantiewoning, de Garantieregeling. Verzuimt de aannemer deugdelijk herstel binnen redelijke termijn, dan vorder je veroordeling tot herstel binnen een door het scheidsgerecht te bepalen periode.
Vervangende schadevergoeding komt aan de orde wanneer herstel niet mogelijk is of wanneer je geen vertrouwen meer hebt in herstel door de oorspronkelijke aannemer. Is herstel nog mogelijk, dan zet je de verplichting tot herstel om in vervangende schadevergoeding als de aannemer in verzuim is en je hem schriftelijk meedeelt dat je schadevergoeding in plaats van nakoming vordert (artikel 6:87 lid 1 BW). Er vindt geen omzetting plaats als de tekortkoming, gezien haar ondergeschikte betekenis, die niet rechtvaardigt (artikel 6:87 lid 2 BW). De vervangende schadevergoeding kan bijvoorbeeld bestaan uit de kosten van herstel door een derde of de waardevermindering van het bouwwerk, eventueel vermeerderd met wettelijke rente en redelijke buitengerechtelijke kosten.
Aanvullende schadevergoeding dekt gevolgschade door bouwkundige gebreken. Een lekkage beschadigt bijvoorbeeld wand- of vloerafwerking, waardoor herstelkosten ontstaan die los staan van de oorspronkelijke gebrekenreparatie. Je onderbouwt schadeposten met facturen, offertes en bewijsstukken die het causale verband met het gebrek aantonen.
Kan een dwangsom worden gevorderd in arbitrage?
Een dwangsom fungeert als financiële prikkel tot naleving van het arbitraal vonnis. Een scheidsgerecht mag een dwangsom opleggen in de gevallen waarin de gewone rechter dat kan (artikel 1056 Rv), bijvoorbeeld bij een veroordeling tot herstel binnen een bepaalde termijn.
Een dwangsom kun je niet los vorderen: zij hoort bij een hoofdveroordeling, zoals herstel of een andere niet-geldelijke prestatie. Bij een veroordeling tot betaling van een geldsom, zoals schadevergoeding, kan geen dwangsom worden opgelegd. Ook legt het scheidsgerecht een dwangsom niet uit eigen beweging op; je moet haar vorderen (artikel 611a lid 1 Rv).
Primaire en subsidiaire vorderingen zijn mogelijk. Je vordert bijvoorbeeld primair herstel binnen zes weken en subsidiair vervangende schadevergoeding wanneer herstel niet voor toewijzing in aanmerking komt. Ook de omgekeerde volgorde is mogelijk afhankelijk van je strategische afweging en het vertrouwen in de uitvoering door de wederpartij.
Hoe verloopt de arbitrageprocedure in bouwgeschillen?
Is de waarborgsom betaald, dan nodigt de RvA de wederpartij uit een memorie van antwoord in te dienen; de termijnen daarvoor staan in het rolreglement. Daarin reageert de aannemer of opdrachtgever inhoudelijk op je stellingen en kan een tegenvordering (reconventie) worden ingesteld. Bij een reconventionele vordering krijg je vervolgens de gelegenheid binnen gestelde termijn te reageren via een memorie van antwoord in reconventie.
Dien relevante stukken zoveel mogelijk tegelijk met de memories in. Het tussendoor ongevraagd toesturen van correspondentie verstoort de proceseconomie en belast het scheidsgerecht met fragmentarische informatie. E-mailwisselingen tussen partijen hoef je niet door te sturen aan de Raad, tenzij deze belangrijk bewijs bevatten voor geschilpunten.
Welke rol speelt een deskundige in bouwarbitrage?
Het scheidsgerecht kan een of meer deskundigen benoemen, tenzij partijen anders zijn overeengekomen (artikel 1042 lid 1 Rv). In Woningborg-geschillen beoordeelt de RvA per geval of een deskundige nodig is; dat gebeurt doorgaans bij geschillen van bouwkundige aard. De deskundige inspecteert het bouwwerk en brengt rapport uit. Partijen worden uitgenodigd om bij de inspectie aanwezig te zijn.
Het scheidsgerecht waardeert het bewijs, ook een deskundigenrapport, vrij, tenzij partijen anders zijn overeengekomen (artikel 1039 lid 1 Rv). Partijen krijgen gelegenheid zich over het advies van een benoemde deskundige uit te laten, tenzij zij anders zijn overeengekomen (artikel 1042 lid 4 Rv). In Woningborg-geschillen gaat de deskundige ook na of partijen een minnelijke regeling kunnen treffen; partijen zijn niet verplicht daaraan mee te werken.
Minnelijke afspraken tijdens het deskundigenonderzoek worden op papier gezet en door beide partijen ondertekend. Op gezamenlijk verzoek kan het scheidsgerecht de inhoud van zo’n vergelijk vastleggen in een arbitraal vonnis; het kan dat verzoek zonder opgave van redenen weigeren (artikel 1069 lid 1 Rv). Let op: in een Woningborg-geschil kun je aan een schikkingsvonnis geen aanspraken op de Garantieregeling ontlenen, tenzij het scheidsgerecht in dat vonnis anders bepaalt.
Wanneer vindt de mondelinge behandeling plaats?
Het scheidsgerecht plant de mondelinge behandeling na afronding van de schriftelijke ronde en eventueel deskundigenonderzoek. De Raad van Arbitrage bepaalt in overleg met partijen de datum, waarbij rekening wordt gehouden met de agenda’s van arbiters en advocaten.
Tijdens de zitting krijgen beide partijen gelegenheid hun standpunten mondeling toe te lichten. Je hebt het recht getuigen of deskundigen voor eigen rekening te laten horen, mits je tijdig aan het scheidsgerecht doorgeeft welke personen je wenst te horen en waarover zij zullen verklaren. Welke gegevens het scheidsgerecht daarvoor nodig heeft en wanneer, staat in het toepasselijke reglement.
Het scheidsgerecht kan ambtshalve of op verzoek besluiten tot een plaatsbezoek aan het bouwproject. Bij complexe constructieve gebreken of twijfel over deskundigenbevindingen biedt een gezamenlijke inspectie duidelijkheid. Ook kan het scheidsgerecht aanvullende getuigenverhoren gelasten wanneer belangrijke feiten betwist blijven.
Wat gebeurt er na de mondelinge behandeling?
Het scheidsgerecht kan partijen in de gelegenheid stellen nadere memories of stukken in te dienen binnen gestelde termijnen. Deze mogelijkheid ontstaat wanneer tijdens de zitting nieuwe gezichtspunten naar voren komen of wanneer onduidelijkheden nader bewijs vereisen.
Partijen kunnen ook tijdens de mondelinge behandeling alsnog tot overeenstemming komen. Ook die schikking kan op gezamenlijk verzoek worden vastgelegd in een arbitraal vonnis. Zo’n vonnis geldt als een gewoon arbitraal vonnis, maar kan alleen worden vernietigd wegens strijd met de openbare orde en hoeft geen gronden te bevatten (artikel 1069 lid 2 Rv).
Stukken die pas na sluiting van de memoriewisseling worden ingediend, beoordeelt het scheidsgerecht per geval, uiterlijk ter zitting: kan het stuk worden toegelaten en wat zijn de gevolgen? Het scheidsgerecht baseert zijn oordeel niet ten nadele van een partij op stukken waarover die partij zich niet voldoende heeft kunnen uitlaten (artikel 1036 lid 2 Rv).
Welke kosten brengt bouwarbitrage met zich mee?
De kosten van een arbitrage bestaan uit de kosten van het instituut en de arbiters, en je eigen kosten, zoals die van een advocaat of deskundige. Bij de RvA gaat het onder meer om het honorarium van de arbiters (€ 1.200 per dag exclusief btw; in hoger beroepen die vanaf 1 september 2026 aanhangig zijn gemaakt € 1.500), de uren van de secretaris (€ 285 per uur exclusief btw, sinds 1 januari 2025) en zaalhuur. Die kosten verrekent de RvA met de waarborgsom. Ze kunnen hoger uitvallen dan het griffierecht bij de rechter; of de kortere doorlooptijd dat goedmaakt, hangt van de zaak af.
In een Woningborg-geschil is het financiële risico van de verkrijger (de koper of opdrachtgever met een Woningborg-certificaat) beperkt tot maximaal het bedrag van de aanvraagkosten. Het Woningborg Geschillenreglement 2024 kent daarop enkele, zelden voorkomende uitzonderingen.
Bij veroordeling voor 50 procent of meer in de kosten kan Woningborg bij de aannemer de totale procedurekosten in rekening brengen. De aannemer ontvangt de factuur niet via de Raad van Arbitrage maar rechtstreeks van Woningborg. Dit systeem beschermt de verkrijger tegen onvoorziene kostenrisico’s en bevordert zorgvuldig procesgedrag aan beide zijden.
Hoe worden advocatenkosten verdeeld in arbitrage?
In een gewone RvA-procedure beslist het scheidsgerecht ook zonder vordering over de verdeling van de proceskosten. Een vergoeding voor kosten van rechtsbijstand wordt forfaitair berekend volgens het puntenstelsel van de Leidraad vergoeding kosten van processuele bijstand. Die tarieven zijn niet bindend, maar arbiters volgen ze in beginsel. Je krijgt je werkelijke advocaatkosten dus meestal niet volledig vergoed. In een Woningborg-geschil komen kosten van rechtsbijstand altijd voor eigen rekening.
Bij de RvA verdeelt het scheidsgerecht de kosten op basis van de bijdrage die partijen hebben geleverd aan het ontstaan van die kosten; daarbij speelt de mate van ongelijk een rol, in financiële en in principiële zin. Houd je vordering daarom reëel: bij de RvA bepaalt de hoogte van de vordering in hoofdsom ook de waarborgsom en het kostentarief. Wie zijn vordering opblaast, kan in de kosten worden veroordeeld, ook als hij in principe gelijk krijgt.
Bij gedeeltelijke toewijzing verdeelt het scheidsgerecht de kosten naar de mate van gelijk en ongelijk. Krijg je bijvoorbeeld voor 80 procent gelijk, dan heb je recht op 80 procent van de forfaitaire vergoeding en je wederpartij op 20 procent; die bedragen worden in het vonnis gesaldeerd. Partijen die ieder voor de helft gelijk krijgen, dragen meestal ieder hun eigen kosten.
Wat staat er in het arbitraal vonnis?
In een Woningborg-geschil toetst het scheidsgerecht bouwkundige gebreken standaard tweeledig: zowel aan de eisen uit de Garantieregeling als aan de bouwtechnische bepalingen in de aannemingsovereenkomst. Bij veroordeling van de aannemer specificeert het vonnis welk gedeelte onder de Garantieregeling wordt toegekend. Deze specificatie is doorslaggevend voor een eventueel beroep op de herstelwaarborg wanneer de aannemer zijn verplichtingen niet nakomt.
Komt de aannemer het onder de Garantieregeling toegewezen deel niet na binnen de gestelde termijn, dan kun je bij Woningborg een beroep doen op de herstelwaarborg. Volgens Woningborg kan dat alleen als het vonnis minder dan een jaar geleden is uitgesproken en er minder dan twee jaar zat tussen je oorspronkelijke melding van de klacht bij de aannemer en je verzoek om arbitrage. Dien je dit beroep in binnen de termijn voor hoger beroep, dan houdt Woningborg de afwikkeling aan tot duidelijk is of hoger beroep wordt ingesteld. Bij hoger beroep op het onder de Garantieregeling vallende deel schorst Woningborg de behandeling tot de finale uitspraak in hoger beroep.
Onderdelen van het vonnis die niet aan de Garantieregeling zijn gerelateerd, vallen buiten de herstelwaarborg. Komt de wederpartij het vonnis niet na, dan heb je voor de tenuitvoerlegging verlof (exequatur) nodig van de voorzieningenrechter van de rechtbank van het arrondissement waarin de plaats van arbitrage ligt (artikel 1062 lid 1 Rv). Voor vonnissen van de RvA is dat volgens de RvA de rechtbank Amsterdam, waar die vonnissen worden gedeponeerd. De voorzieningenrechter kan het verlof alleen op beperkte gronden weigeren (artikel 1063 Rv). Met het verlof schakel je een deurwaarder in, bijvoorbeeld voor beslag op vermogensbestanddelen van de wederpartij.
Hoe lang blijft een arbitraal vonnis geldig?
De bevoegdheid om een arbitraal vonnis ten uitvoer te leggen verjaart in beginsel twintig jaar na de dag na de uitspraak; voor wat bij het jaar of bij kortere termijn moet worden betaald, geldt vijf jaar (artikel 3:324 lid 1 en 3 BW). Voor de vordering zelf gelden andere termijnen. Een rechtsvordering wegens een gebrek in het opgeleverde werk verjaart twee jaar nadat je daarover bij de aannemer hebt geprotesteerd (heb je hem een termijn gesteld om het gebrek weg te nemen, dan pas vanaf het einde van die termijn, of eerder als hij te kennen geeft het gebrek niet te zullen herstellen), en in ieder geval twintig jaar na de oplevering van een bouwwerk en tien jaar na de oplevering in andere gevallen (artikel 7:761 lid 1 en 2 BW).
Het instellen van een eis, ook in arbitrage, stuit de verjaring van je vordering (artikel 3:316 lid 1 BW). Leidt de eis niet tot toewijzing, dan is de verjaring alleen gestuit als je binnen zes maanden nadat het geding is geëindigd een nieuwe eis instelt die wel tot toewijzing leidt (artikel 3:316 lid 2 BW). Heeft het scheidsgerecht of de rechter zich onbevoegd verklaard in een geval van artikel 3:316 lid 4 BW, dan is de verjaring toch gestuit en begint een nieuwe termijn, gelijk aan de oorspronkelijke maar niet langer dan vijf jaar (artikel 3:319 lid 3 BW). Wordt de eis toegewezen, dan begint er geen nieuwe verjaringstermijn voor de vordering (artikel 3:319 lid 1 BW); vanaf dan geldt de termijn voor tenuitvoerlegging. Die termijn wordt gestuit door onder meer betekening van het vonnis, een schriftelijke aanmaning, erkenning van de verplichting of een daad van tenuitvoerlegging waarvan je tijdig mededeling doet (artikel 3:325 lid 2 BW).
Besteed aandacht aan de formulering van je vordering in het verzoek tot arbitrage. Het scheidsgerecht kan immers niet meer toewijzen dan gevorderd, ook niet wanneer uit het deskundigenrapport blijkt dat aanvullende herstelwerkzaamheden noodzakelijk zijn. Een zorgvuldige inventarisatie van alle gebreken en een gedegen onderbouwing van de gevorderde bedragen voorkomt teleurstellingen achteraf.
Welke mogelijkheden biedt hoger beroep in arbitrage?
Arbitraal hoger beroep is alleen mogelijk als partijen dat hebben afgesproken (artikel 1061b Rv). Het Arbitragereglement van de RvA en het Woningborg Geschillenreglement voorzien daarin. Je stelt hoger beroep in bij de RvA zelf, met een memorie van grieven, in beginsel binnen drie maanden na de dagtekening van het vonnis. Voor een kort geding geldt een termijn van één maand; in een Woningborg-geschil geldt die kortere termijn ook voor een spoedbodemgeschil. Hoger beroep is bij de RvA niet mogelijk als het vonnis niet vatbaar zou zijn geweest voor hoger beroep als de gewone rechter het had gewezen.
In een Woningborg-geschil bedragen de aanvraagkosten voor hoger beroep € 3.800 per 1 januari 2026, een stuk hoger dan in eerste aanleg. Verlies je het hoger beroep, dan ben je deze kosten in ieder geval kwijt. Een gedegen afweging van de slaagkans in hoger beroep voorkomt kostbare teleurstellingen.
In hoger beroep geldt het grievenstelsel: je formuleert concrete bezwaren tegen de uitspraak van de eerste arbiters. Deze grieven begrenzen de omvang van de toetsing door het scheidsgerecht in hoger beroep. Een hoger beroep zonder grieven, waarbij je de gronden later aanvoert (pro forma appel), is bij de RvA alleen mogelijk als de voorzitter daarvoor in een bijzonder geval toestemming geeft.
Wat gebeurt bij intrekking van de arbitrage?
Partijen kunnen in elke fase van de procedure tot overeenstemming komen en het geschil intrekken. Het Woningborg Geschillenreglement bevat een regeling over eventuele restitutie van de betaalde aanvraagkosten. Daarbij maakt het reglement onderscheid tussen een procedure waarin de RvA een deskundige heeft benoemd en een procedure zonder deskundige.
In een gewone RvA-procedure brengt de RvA bij beëindiging op verzoek van partijen vóór de mondelinge behandeling in het algemeen alleen administratiekosten in rekening. Schik je later, dan hangt de kostenverdeling af van het reglement en van wat je in de schikking afspreekt.
Intrekking zonder onderliggende schikking komt soms voor, bijvoorbeeld als partijen elders tot een regeling komen of als de aanvrager zijn vordering niet handhaaft. Ook dan geldt de kostenregeling uit het reglement. Overleg tijdig met je advocaat over de financiële gevolgen van intrekking in jouw situatie.
Waarom is arbitrage geschikt voor internationale bouwprojecten?
Arbitrale uitspraken worden erkend en ten uitvoer gelegd in de staten die partij zijn bij het Verdrag van New York uit 1958, volgens de procesregels van dat land en behoudens de weigeringsgronden van het verdrag. Voor Nederlandse bouwbedrijven die in het buitenland offshore windparken, infrastructuur of industriële complexen realiseren, is dat een belangrijk voordeel. Voor een vonnis van de Nederlandse rechter hangt de erkenning in het buitenland af van de verdragen en regels die in dat land gelden.
De mogelijkheid om de procedure in het Engels te voeren, verlaagt de drempel voor internationale opdrachtgevers en consortia. Vertaalkosten van processtukken en getuigenverklaringen vervallen, waardoor de procedure efficiënter en toegankelijker wordt. Bovendien voorkom je misverstanden door vertaalfouten of juridische nuanceverschillen tussen Nederlands en Engels juridisch jargon.
Complexe projecten vragen om arbiters met technische kennis. Het college van de RvA bestaat uit tachtig arbiters met een bouwkundige achtergrond en twintig juristen. Zo kan het scheidsgerecht de technische kern van het geschil goed beoordelen.
Is arbitrage vertrouwelijk?
Procedures bij de overheidsrechter zijn openbaar: zittingen zijn toegankelijk voor pers en publiek, vonnissen kunnen worden gepubliceerd op rechtspraak.nl. Voor bouwbedrijven met tenders in de markt kan negatieve publiciteit over gebreken, vertragingen of financiële claims desastreus uitpakken. Aanbestedende diensten en particuliere opdrachtgevers mijden aannemers met een reputatie van geschillen.
Een arbitrage is niet openbaar zoals een rechtszaak, maar de wet bevat geen algemene geheimhoudingsplicht; hoe vertrouwelijk de procedure is, hangt af van het reglement en van wat partijen afspreken. Van een ter griffie gedeponeerd arbitraal vonnis krijgen derden geen afschrift (artikel 1058 lid 4 Rv). De RvA publiceert wel al zijn uitspraken, geanonimiseerd (in Woningborg-geschillen met uitzondering van schikkingsvonnissen); alleen de namen van professioneel betrokkenen, zoals gemachtigden en deskundigen, worden niet geanonimiseerd.
Dat kan ook concurrentiegevoelige bouwtechnieken en calculatiemethoden beter beschermen dan een openbare zitting. Gaat het om vernieuwende constructies of bedrijfsgeheimen, maak dan vooraf afspraken over geheimhouding, want de uitspraak zelf kan in geanonimiseerde vorm openbaar worden.
Wil je zekerheid over je juridische positie in een bouwgeschil? Onze gespecialiseerde advocaten in Amsterdam analyseren je situatie en adviseren over de beste strategie. Of het nu gaat om herstel van gebreken, een vordering tot schadevergoeding of de keuze tussen arbitrage en de rechter, wij begeleiden je van aanhangigmaking tot executie van het vonnis.
Kan een bouwgeschil via spoedarbitrage worden beslecht?
Spoedarbitrage komt aan de orde bij onverwijlde spoed tijdens lopende bouwwerkzaamheden. Denk aan dreigende stillegging door een betalingsgeschil, acuut gevaar voor de constructieve stabiliteit of blokkerende meningsverschillen over ontwerpwijzigingen. De RvA kent twee spoedprocedures: een kort geding voor een voorlopige voorziening, dat zo nodig zelfs binnen een dag kan plaatsvinden, en een spoedbodemprocedure, waarin doorgaans na twaalf tot zestien weken een definitieve uitspraak ligt. Of een zaak spoedeisend genoeg is voor een spoedbodemprocedure, beslist de voorzitter van de RvA; in kort geding beoordeelt het scheidsgerecht het spoedeisend belang.
In een kort geding wacht de RvA niet op de waarborgsom voordat de wederpartij wordt uitgenodigd te antwoorden, maar je moet die wel per omgaande betalen. In beide spoedprocedures zijn er in beginsel geen repliek en dupliek, worden de termijnen aangepast aan het spoedeisend belang en kan de memorie van antwoord soms pas ter zitting worden ingediend. Het scheidsgerecht kan mondeling uitspraak doen; het schriftelijke vonnis blijft dan beslissend.
Alleen de uitspraak in kort geding is voorlopig: zij heeft geen invloed op het oordeel in een bodemprocedure, maar wordt definitief als partijen het erbij laten. Tijdens een lopende arbitrage kan het scheidsgerecht op verzoek een voorlopige voorziening treffen die samenhangt met de vordering, maar geen bewarende maatregel zoals beslag (artikel 1043b lid 1 Rv). Op gezamenlijk verzoek van partijen kan het scheidsgerecht ook direct ten gronde beslissen, of een vonnis in kort geding omzetten in een bodemvonnis (artikel 1043b lid 5 en 6 Rv). Een spoedbodemprocedure eindigt met een definitief vonnis.
Verschilt spoedarbitrage van kort geding bij de rechter?
Een kort geding bij de RvA vereist dat partijen arbitrage zijn overeengekomen. Ontbreekt zo’n afspraak, dan kun je alleen naar de voorzieningenrechter. Maar ook met een arbitrageafspraak kun je een kort geding bij de voorzieningenrechter beginnen (artikel 1022a Rv).
Tegen een kort-gedingvonnis van de RvA staat hoger beroep open binnen één maand na de datum van het vonnis. Tegen een kort-gedingvonnis van de voorzieningenrechter staat ook hoger beroep open, binnen vier weken (artikel 339 lid 2 Rv).
Kies je voor een kort geding bij de voorzieningenrechter, dan moet de bodemprocedure bij een arbitrageafspraak in de regel toch bij arbiters worden gevoerd: beroept de wederpartij zich vóór alle weren op die afspraak, dan verklaart de rechter zich in een bodemzaak onbevoegd, tenzij de afspraak ongeldig is (artikel 1022 Rv). De beslissing van de voorzieningenrechter is voorlopig en doet geen afbreuk aan de beslissing in de bodemzaak (artikel 257 Rv).
Wat is de rol van de juridisch secretaris in arbitrage?
Bij de RvA wordt aan elk scheidsgerecht een secretaris toegevoegd: een jurist die gespecialiseerd is in het bouwrecht en een adviserende stem heeft, maar geen stemrecht. De secretaris ondersteunt de arbiters bij de procedure en kan adviseren over procesrechtelijke vragen.
De betrokkenheid van een professionele secretaris waarborgt kwaliteit en voortgang. Arbiters zijn vaak drukbezette specialisten met beperkte tijd voor administratieve handelingen. De secretaris ontlast hen op dit vlak, waardoor de arbiters zich kunnen concentreren op de inhoudelijke beoordeling van het geschil en het formuleren van een gedegen uitspraak.
Voor partijen vormt de secretaris het aanspreekpunt bij vragen over planning, termijnverlenging of het indienen van stukken. Deze operationele ondersteuning verhoogt de toegankelijkheid van de procedure en voorkomt misverstanden over processuele verwachtingen. Neem bij twijfel over termijnen of formaliteiten contact op met de juridisch secretaris voor opheldering.
Hoe wordt het scheidsgerecht samengesteld?
Bij de RvA beslissen in een bodemprocedure één of drie arbiters; bij een financieel belang boven € 100.000 zijn het er in de regel drie. Partijen kunnen samen arbiters uit de lijst van de RvA kiezen. Maken zij uiterlijk bij de eerste memorie van de verweerder geen gezamenlijke keuze, dan kiest de voorzitter van de RvA de arbiters. In spoedprocedures benoemt de voorzitter het scheidsgerecht direct.
De wet laat de wijze van benoeming aan partijen over. Zonder afspraak benoemen zij de arbiters gezamenlijk, en gebeurt dat niet binnen drie maanden nadat de zaak aanhangig is (partijen kunnen die termijn bekorten of verlengen), dan benoemt de voorzieningenrechter op verzoek van de meest gerede partij de ontbrekende arbiters (artikel 1027 lid 1 tot en met 3 Rv). Een scheidsgerecht heeft altijd een oneven aantal arbiters (artikel 1026 lid 1 Rv). In hoger beroep bij de RvA is de voorzitter van het scheidsgerecht altijd een lid-jurist.
Een arbiter kan worden gewraakt als er gerechtvaardigde twijfel bestaat aan zijn onpartijdigheid of onafhankelijkheid (artikel 1033 lid 1 Rv). Een arbiter die je zelf hebt benoemd, kun je alleen wraken om redenen die je na de benoeming bekend zijn geworden; een door een derde of de voorzieningenrechter benoemde arbiter niet als je in zijn benoeming hebt berust, tenzij de reden je pas later bekend werd (artikel 1033 lid 2 en 3 Rv). Een arbiter die vermoedt dat hij kan worden gewraakt, meldt dat schriftelijk, met de redenen (artikel 1034 Rv). Wil je wraken, dan meld je dat schriftelijk en met opgave van redenen aan de arbiter, de wederpartij en eventuele mede-arbiters, binnen vier weken na ontvangst van die mededeling of, als die er niet is, binnen vier weken nadat de reden je bekend is geworden (artikel 1035 lid 1 Rv). Transparantie over nevenfuncties, eerdere betrokkenheid bij partijen of relaties met advocaten beschermt de integriteit van de procedure.
Wat is het verschil tussen arbitrage en bindend advies?
Bij bindend advies leggen partijen de beslissing over hun geschil bij een derde en binden zij zich vooraf aan diens vaststelling (artikel 7:900 lid 1 en 2 BW). Dat is een vaststellingsovereenkomst, geen arbitrage; de regels voor vaststellingsovereenkomsten gelden niet voor arbitrage (artikel 7:900 lid 4 BW). Ook de RvA kan een geschil met een bindend advies beslechten.
Een bindend advies is vernietigbaar als gebondenheid eraan, gezien de inhoud of de wijze van totstandkoming, naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn (artikel 7:904 lid 1 BW). De exequaturregeling voor arbitrale vonnissen (artikel 1062 Rv) geldt niet voor een bindend advies: komt je wederpartij het niet na, dan vorder je nakoming bij de rechter. Een handeling om een bindend advies te verkrijgen stuit de verjaring, mits je de wederpartij daarvan met bekwame spoed op de hoogte brengt en het advies er ook komt; komt het advies er niet, dan geldt de zesmaandenregel van artikel 3:316 lid 2 BW (artikel 3:316 lid 3 BW). Tegen een bindend advies van de RvA staat geen hoger beroep open.
Veelgestelde vragen over bouwgeschillen en arbitrage
Wanneer moet een bouwgeschil naar arbitrage?
Als partijen dat zijn overeengekomen, in het contract, in algemene voorwaarden of achteraf (artikel 1020 Rv). De UAV 2012 bepalen bijvoorbeeld dat geschillen worden beslecht door arbitrage volgens het reglement van de Raad van Arbitrage voor de Bouw (§ 49). De arbitrageovereenkomst wordt bewezen door een geschrift of door elektronische gegevens. Daarvoor volstaat een geschrift dat verwijst naar algemene voorwaarden met een arbitraal beding en dat door of namens de wederpartij uitdrukkelijk of stilzwijgend is aanvaard (artikel 1021 Rv).
Kan ik als consument naar de rechter ondanks een arbitragebeding?
Staat het beding in algemene voorwaarden, dan geldt het tegenover een consument als onredelijk bezwarend, tenzij de consument ten minste een maand krijgt om alsnog voor de bevoegde rechter te kiezen nadat de gebruiker zich schriftelijk op het beding heeft beroepen (artikel 6:236 onder n BW). Bij een woning met een Woningborg-certificaat kiest volgens de RvA de verkrijger zelf tussen de RvA en de gewone rechter. Wil de ondernemer een procedure beginnen, dan moet hij de verkrijger eerst per aangetekende brief om die keuze vragen en hem een maand geven om te reageren; maakt de verkrijger niet tijdig een keuze, dan kiest de ondernemer. Voor een kort geding kun je direct naar de gewone rechter.
Hoe lang duurt een arbitrage bij de Raad van Arbitrage in bouwgeschillen?
Volgens de RvA duurt een gewone bodemprocedure gemiddeld zes tot twaalf maanden, afhankelijk van de tijd die partijen nodig hebben voor hun stukken. In een spoedbodemprocedure ligt er doorgaans na twaalf tot zestien weken een uitspraak, en een kort geding kan zo nodig binnen een dag plaatsvinden.
Is een arbitraal vonnis in een bouwgeschil bindend?
Ja. Een arbitraal vonnis dat in kracht van gewijsde is gegaan, bindt partijen (artikel 1059 Rv). Voor de tenuitvoerlegging heb je verlof van de voorzieningenrechter nodig (artikel 1062 Rv). Tegen een arbitraal eindvonnis staan bij de rechter alleen vernietiging en herroeping open (artikel 1064 Rv); vernietiging kan alleen op de gronden van artikel 1065 lid 1 Rv.
Wie betaalt de kosten van bouwarbitrage?
Bij de RvA verdeelt het scheidsgerecht de kosten in beginsel naar de mate van gelijk en ongelijk. Bij de RvA betaalt de eiser vooraf een waarborgsom, die zegt niets over de uiteindelijke verdeling. Een vergoeding voor advocaatkosten wordt forfaitair berekend. In een Woningborg-geschil is het risico van de verkrijger in de regel beperkt tot de aanvraagkosten (€ 480 per 1 januari 2026).
Primaire bronnen
- Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering: artikel 257, 339, 611a, 1020, 1021, 1022, 1022a, 1025, 1026, 1027, 1033, 1034, 1035, 1036, 1038, 1039, 1042, 1043b, 1056, 1058, 1059, 1061b, 1062, 1063, 1064, 1065 en 1069
- Burgerlijk Wetboek: artikel 3:316, 3:319, 3:324, 3:325, 6:87, 6:236, 7:761, 7:900 en 7:904
- Verdrag over de erkenning en tenuitvoerlegging van buitenlandse scheidsrechterlijke uitspraken (New York, 1958), artikelen III en V
- UAV 2012, § 49 (wetten.overheid.nl)
- Raad van Arbitrage in bouwgeschillen: Bodemprocedure, Spoedbodemprocedure, Kort geding, Hoger beroep, Waarborgsom en kosten, Over de RvA, Onze uitspraken en Woningborg: hoe werkt de procedure
Neem contact op met ons advocatenkantoor in Amsterdam voor persoonlijk juridisch advies over je specifieke situatie. Wij begeleiden bouwbedrijven, aannemers, projectontwikkelaars en opdrachtgevers bij arbitrage van geschillen over aannemingsovereenkomsten, GIW-regelingen, UAV-voorwaarden en bouwkundige gebreken. Van het opstellen van het verzoek tot arbitrage tot de executie van het vonnis, wij staan aan je zijde.